Julien Absalon (31) kan een levende legende worden door voor de derde maal op rij olympisch kampioen te worden. De Fransman, die eerder al vier regenboogtruien verzamelde (van 2004 tot 2007) en vijf keer de World Cup won, droomt al jaren van Londen, maar lijkt een beetje op de terugweg.

Sinds zijn laatste wereldbekereindzege in 2009 veroverde de mountainbiker uit de Vogezen geen grote titel meer, al won hij vorig jaar wel het olympische test event op het parcours van Hadleigh Farm (Essex).

Concurrentie krijgt Absalon vooral van Nino Schurter, wereldkampioen 2009 en huidig wereldbekerleider hoewel hij wegens een hoogtestage paste voor de laatste manche in het Amerikaanse Windham.

Eind juni won de 26-jarige Zwitser wel nog in Mont-Sainte-Anne, Canada. Technisch is hij iets beter dan Absalon, die een grotere motor heeft. Afwachten wat de doorslag geeft in Essex.

De Spanjaard José Antonio Hermida en de Tsjech Jaroslav Kulhavý (nummer één op de wereldranglijst, regerend wereldkampioen maar dit seizoen nog zonder grote zege) zijn hun belangrijkste uitdagers.

Kenners zijn ook benieuwd naar de prestatie van Jean-Cristophe Péraud, de Fransman die in Peking zilver behaalde, maar zich daarna op de weg concentreerde en onlangs nog aan de slag was in de Tour de France, waar hij als tweede finishte in de rit naar Annonay, na David Millar.

Bij de vrouwen worden de medailles allicht verdeeld onder de laatste drie wereldkampioenes: de Canadese Catharine Pendrel, tevens huidig wereldbekerleidster na twee zeges eind juni, de Poolse Maja Wloszczowska en de Russische Irina Kalentieva. Ook de Tsjechisch-Amerikaanse Kate?ina Nash, tweede in de wereldbeker en in de winter ook in het veldrijden actief, is niet kansloos voor een medaille.

En de Belgen?

Voor Sven Nys, negende in Peking, wordt het niet vanzelfsprekend om die prestatie te herhalen. Na het test event vorig jaar werd de omloop in Hadleigh Farm als 'te smal' en 'te vlak' omschreven, waarna de organisatie de klim verlengde en nog een paar technische hindernissen inlaste.

Van een half veldritparcours, waar Nys op gehoopt had, is er geen sprake meer. Slecht nieuws voor de 35-jarige cyclocrosser, die zich met een tiende plaats op het EK in Moskou in extremis plaatste voor Londen.

Voordeel voor de Balenaar is wel dat hij, in tegenstelling tot in de wereldbekermanches, niet op een verre startpositie zal moeten beginnen, aangezien er slechts vijftig mountainbikers aan de start staan, met maximaal drie deelnemers per land.

Voor Zwitserland nemen bijvoorbeeld naast Schurter, Ralph Näf en Florian Vogel deel, maar moeten Fabian Giger, de broers Lukas en Mathias Flückiger, Christoph Sauser, Thomas Litscher en Martin Gujan thuisblijven, terwijl die allemaal in de top 25 van de UCI-ranking staan.

Het algemene niveau is daardoor, zoals in veel sporten, minder dan in WB-wedstrijden of WK's. Nys bewees de laatste weken bovendien in een uitstekende conditie te verkeren. In de manches van de Belgacom Belgian MTB GP degradeerde hij de tegenstand, maar dat is slechts Belgisch niveau.

Kevin Van Hoovels (27) uit Betekom brak begin 2011 een doctoraat in de bewegingswetenschappen af om alles op het mountainbike te zetten. Amper enkele maanden later veroverde hij een olympisch ticket door op het WK in Champéry, ondanks een lekke band in de laatste ronde, als vijftiende te eindigen.

Voor de Belgische kampioen van 2010 wordt een nieuwe uitschieter realiseren niet eenvoudig, want veel indruk maakte hij dit seizoen (nog) niet. Onder meer omdat Van Hoovels zich in april volledig forceerde in de Cape Epic, een loodzware rittenkoers voor mountainbikers in Zuid-Afrika. In de laatste manches van de Belgacom MTB GP eindigde hij telkens op vele minuten van Nys. Dreigt een afgang in Londen of kan Van Hoovels uitstekend pieken?

Jonas Creteur