1

Voor de eerste keer ontvangt startplaats Chauvigny de Tour, een typisch schilderachtig Frans dorpje bekend om zijn middeleeuws fort en zijn twaalfde-eeuwse Saint-Pierre-les-Églises-kerk. De Tour is en blijft, ook in coronatijden, een toeristisch uitstalraam.

2

Deze rit is een eerbetoon aan Raymond Poulidor, die in november vorig jaar overleed. Begin juli werd in Chauvigny zelfs een plein naar hem genoemd, onthuld door Tourbaas Christian Prudhomme.

Na goed 100 kilometer passeert het peloton, zoals ook al eens in de Toureditie van 2016, in Saint-Léonard-de-Noblat, de voormalige woonplaats van Poupou.

© AFP

In april 1954 behaalde Poulidor er op zijn achttiende ook zijn eerste zege, in Grand Prix de Quasimodo. Omdat hij overdag werkte op de boerderij van zijn ouders, van 's morgens vroeg tot 's avonds laat, trainde de Fransman toen nog... 's nachts. In de zomermaanden bad hij altijd om regen. Dan kon er niet geoogst worden en was Raymond vrij om te trainen en te gaan koersen.

3

Na 135 kilometer is er ook een passage in Linards. Dat is de voormalige pleisterplaats van Antoine Blondin, de beroemde Franse schrijver/columnist die voor L'Equipe 27 keer de Tour de France versloeg.

4

Oorspronkelijk was het de bedoeling om de rit in Sarran te laten aankomen naar aanleiding van de twintigste verjaardag van het musée du Président Jacques Chirac, waar vandaag ook de finishlijn getrokken wordt.

In de Corrèze liggen immers de roots van Chiracs ouders en van het departement was hij in de jaren zeventig ook negen jaar voorzitter.

© AFP

Maar zoals met Poulidor wordt het vooral een herdenking, want in september 2019, een kleine maand voor de bekendmaking van dit Tourparcours, stierf Chirac op 86-jarige leeftijd.

5

Chirac had een groot hart voor de koers. Toen hij nog burgemeester van Parijs was, blies hij in 1982 in Chaumeil, op een boogscheut van Sarran, het criteriumBol des Monédières nieuw leven in, na vijftien jaar onderbreking.

Vijf jaar later haalde Chirac ook de Tour naar het kleine dorpje, voor een rit die werd gewonnen door Martial Gayant. In 2002 werd de laatste editie gereden van de Bol des Monédières, met Nicolas Vogondy als 'winnaar'.

6

Sarran is de kleinste ville d'etappe in deze Tour, op vlak van inwonersaantal: het telt amper 275 Sarranais. In het verleden ontving het dorpje de Tourkaravaan al twee keer. In 2001 was het aankomstplaats van een etappe die Jens Voigt op zijn naam schreef. Hij klopte toen medevluchter Bradley McGee. Jacques Chirac en zijn echtgenote Bernadette waren toen uiteraard de eregasten. Opvallend: Marc Wauters moest toen opgeven, nadat hij in het begin van de Tour nog een ritzege en geel had gepakt in Antwerpen.

7

In 1998 passeerde in Sarran een tijdrit, gewonnen door Jan Ullrich in het even verderop gelegen dorpje Corrèze-la-Gare. Al ging die dag vooral de geschiedenis in als de dag waarop de Festinaploeg uit de Tour de Merde stapte.

Na overleg met Tourbaas Jean-Marie Leblanc werd dat door een hevig huilende kopman Richard Virenque aangekondigd in de bistro Chez Gillou in Corrèze-la-Gare. Nooit waren krokodillentranen meer geveinsd als toen.

8

Met 218 kilometer is dit de langste rit uit deze Tour, die slechts één +200 kilometeretappe telt. Dit is zelfs de 'kortste langste' rit ooit in de Ronde van Frankrijk. Ter vergelijking: vorig jaar telde de Tour nog acht etappes langer dan 200 kilometer, in 2018 waren het er vijf, in 2017 acht en in 2016 vijf.

9

Dit wordt geen sprintersrit, te lastig voor de snelle mannen. Tourbaas Christian Prudhomme noemt het zelfs een 'valstriketappe': continue draaien en keren, geen kilometer vlak, vier hellingen, waarvan de Suc au May, op 25 kilometer van de finish, de scherprechter wordt. Een klim van tweede categorie, waar Prudhomme bij de parcoursvoorstelling van de Tour heel mysterieus over deed: "Onthoud goed de naam: Suc au May!"

De klim is nieuw in de Tourgeschiedenis. Een gemiddeld stijgingspercentage van 'slechts' 7,7 procent, maar wel met een heel steil laatste deel. De smalle weg werd ervoor speciaal heraangelegd. De Tour du Limousin, die hier in augustus nog in de buurt passeerde, liet de Suc au May links liggen om het mysterieuze gehalte nog te vergroten. In het Tourboek is ook geen profiel opgenomen van de klim.

10

Dit is dé kans voor een vluchtersgroep om voorop te blijven, en gezien het golvende parcours op maat gesneden van Belgen die mogen aanvallen. Dus allicht niet Wout van Aert, maar wel Greg Van Avermaet, Oliver Naesen, Jasper Stuyven, Tiesj Benoot en Thomas De Gendt, die zeker zijn kans zal ruiken.

Bij Lotto-Soudal zitten ze in de winning mood, na de tweede zege van Caleb Ewan en de veertigste ritoverwinning in de Tour in de geschiedenis van de ploeg. Opvallend: daarvan werden er zeventien gewonnen door Australiërs (elf voor Robbie McEwen, vijf voor Caleb Ewan en één voor Cadel Evans).

© BELGA
1Voor de eerste keer ontvangt startplaats Chauvigny de Tour, een typisch schilderachtig Frans dorpje bekend om zijn middeleeuws fort en zijn twaalfde-eeuwse Saint-Pierre-les-Églises-kerk. De Tour is en blijft, ook in coronatijden, een toeristisch uitstalraam.2Deze rit is een eerbetoon aan Raymond Poulidor, die in november vorig jaar overleed. Begin juli werd in Chauvigny zelfs een plein naar hem genoemd, onthuld door Tourbaas Christian Prudhomme.Na goed 100 kilometer passeert het peloton, zoals ook al eens in de Toureditie van 2016, in Saint-Léonard-de-Noblat, de voormalige woonplaats van Poupou.In april 1954 behaalde Poulidor er op zijn achttiende ook zijn eerste zege, in Grand Prix de Quasimodo. Omdat hij overdag werkte op de boerderij van zijn ouders, van 's morgens vroeg tot 's avonds laat, trainde de Fransman toen nog... 's nachts. In de zomermaanden bad hij altijd om regen. Dan kon er niet geoogst worden en was Raymond vrij om te trainen en te gaan koersen.3Na 135 kilometer is er ook een passage in Linards. Dat is de voormalige pleisterplaats van Antoine Blondin, de beroemde Franse schrijver/columnist die voor L'Equipe 27 keer de Tour de France versloeg.4Oorspronkelijk was het de bedoeling om de rit in Sarran te laten aankomen naar aanleiding van de twintigste verjaardag van het musée du Président Jacques Chirac, waar vandaag ook de finishlijn getrokken wordt. In de Corrèze liggen immers de roots van Chiracs ouders en van het departement was hij in de jaren zeventig ook negen jaar voorzitter.Maar zoals met Poulidor wordt het vooral een herdenking, want in september 2019, een kleine maand voor de bekendmaking van dit Tourparcours, stierf Chirac op 86-jarige leeftijd. 5Chirac had een groot hart voor de koers. Toen hij nog burgemeester van Parijs was, blies hij in 1982 in Chaumeil, op een boogscheut van Sarran, het criteriumBol des Monédières nieuw leven in, na vijftien jaar onderbreking. Vijf jaar later haalde Chirac ook de Tour naar het kleine dorpje, voor een rit die werd gewonnen door Martial Gayant. In 2002 werd de laatste editie gereden van de Bol des Monédières, met Nicolas Vogondy als 'winnaar'.6Sarran is de kleinste ville d'etappe in deze Tour, op vlak van inwonersaantal: het telt amper 275 Sarranais. In het verleden ontving het dorpje de Tourkaravaan al twee keer. In 2001 was het aankomstplaats van een etappe die Jens Voigt op zijn naam schreef. Hij klopte toen medevluchter Bradley McGee. Jacques Chirac en zijn echtgenote Bernadette waren toen uiteraard de eregasten. Opvallend: Marc Wauters moest toen opgeven, nadat hij in het begin van de Tour nog een ritzege en geel had gepakt in Antwerpen.7In 1998 passeerde in Sarran een tijdrit, gewonnen door Jan Ullrich in het even verderop gelegen dorpje Corrèze-la-Gare. Al ging die dag vooral de geschiedenis in als de dag waarop de Festinaploeg uit de Tour de Merde stapte. Na overleg met Tourbaas Jean-Marie Leblanc werd dat door een hevig huilende kopman Richard Virenque aangekondigd in de bistro Chez Gillou in Corrèze-la-Gare. Nooit waren krokodillentranen meer geveinsd als toen.8Met 218 kilometer is dit de langste rit uit deze Tour, die slechts één +200 kilometeretappe telt. Dit is zelfs de 'kortste langste' rit ooit in de Ronde van Frankrijk. Ter vergelijking: vorig jaar telde de Tour nog acht etappes langer dan 200 kilometer, in 2018 waren het er vijf, in 2017 acht en in 2016 vijf.9Dit wordt geen sprintersrit, te lastig voor de snelle mannen. Tourbaas Christian Prudhomme noemt het zelfs een 'valstriketappe': continue draaien en keren, geen kilometer vlak, vier hellingen, waarvan de Suc au May, op 25 kilometer van de finish, de scherprechter wordt. Een klim van tweede categorie, waar Prudhomme bij de parcoursvoorstelling van de Tour heel mysterieus over deed: "Onthoud goed de naam: Suc au May!"De klim is nieuw in de Tourgeschiedenis. Een gemiddeld stijgingspercentage van 'slechts' 7,7 procent, maar wel met een heel steil laatste deel. De smalle weg werd ervoor speciaal heraangelegd. De Tour du Limousin, die hier in augustus nog in de buurt passeerde, liet de Suc au May links liggen om het mysterieuze gehalte nog te vergroten. In het Tourboek is ook geen profiel opgenomen van de klim.10Dit is dé kans voor een vluchtersgroep om voorop te blijven, en gezien het golvende parcours op maat gesneden van Belgen die mogen aanvallen. Dus allicht niet Wout van Aert, maar wel Greg Van Avermaet, Oliver Naesen, Jasper Stuyven, Tiesj Benoot en Thomas De Gendt, die zeker zijn kans zal ruiken.Bij Lotto-Soudal zitten ze in de winning mood, na de tweede zege van Caleb Ewan en de veertigste ritoverwinning in de Tour in de geschiedenis van de ploeg. Opvallend: daarvan werden er zeventien gewonnen door Australiërs (elf voor Robbie McEwen, vijf voor Caleb Ewan en één voor Cadel Evans).