Een lange spurt naar de Mont Ventoux: zo ziet de vijftiende rit eruit in de Ronde van Frankrijk. Tijdens de ruim 21 kilometer lange klim op deze mythische col komt het erop aan de krachten goed te verdelen. De Zwitser Ferdi Kübler, de Tourwinnaar van 1950, klauterde ooit met moed en vooral overmoed naar boven, viel op vier kilometer van het einde van vermoeidheid, lag half bewusteloos in een berm en verloor in die slotkilometers elf minuten. Het luidde het einde van zijn carrière in.

Maar het is vooral het tragische ongeluk van Tom Simpson dat onherroepelijk is verbonden met de Reus van de Provence. Zaterdag was het 46 jaar geleden dat Simpson op 1,4 kilometer van de top in de brandende hitte van zijn fiets viel. Zijn sportdirecteur duwde hem weer in het zadel, maar Simpson viel opnieuw, raakte bewusteloos en werd met een helikopter naar het ziekenhuis van Avignon gevlogen. Hij stierf onderweg. Later bleek dat het gebruik van doping mee de oorzaak was van de dood van de Brit. Een monument op de Mont Ventoux herinnert aan die zwarte dertiende juli 1967.

Nauwelijks te vatten in het huidige tijdsbeeld is de manier waarop de media aanvankelijk met dit overlijden omgingen: het werd allemaal discreet behandeld. Sterker zelfs: de dood van Tom Simpson leek binnen de ruimte die er in een eerste fase aan werd besteed maar een voetnoot. De organiserende krant L'Equipe blokletterde op de eerste pagina: Jan Janssen wint de etappe op de Mont Ventoux. Helemaal onderaan werd er in een klein lettertype bericht over het drama van Simpson.

Nu krijgen renners in de Tour alleen maar vragen over doping. Vroeger werd er over dit onderwerp zedig gezwegen. Jonge journalisten die in de wielersport stapten, verbaasden zich over de sterke verhalen die er daarover onder collega's werden verteld. Maar ze verwonderden zich nog meer over de manier waarop iedereen vond dat er daarover vooral niet moest geschreven worden.

Een lange spurt naar de Mont Ventoux: zo ziet de vijftiende rit eruit in de Ronde van Frankrijk. Tijdens de ruim 21 kilometer lange klim op deze mythische col komt het erop aan de krachten goed te verdelen. De Zwitser Ferdi Kübler, de Tourwinnaar van 1950, klauterde ooit met moed en vooral overmoed naar boven, viel op vier kilometer van het einde van vermoeidheid, lag half bewusteloos in een berm en verloor in die slotkilometers elf minuten. Het luidde het einde van zijn carrière in. Maar het is vooral het tragische ongeluk van Tom Simpson dat onherroepelijk is verbonden met de Reus van de Provence. Zaterdag was het 46 jaar geleden dat Simpson op 1,4 kilometer van de top in de brandende hitte van zijn fiets viel. Zijn sportdirecteur duwde hem weer in het zadel, maar Simpson viel opnieuw, raakte bewusteloos en werd met een helikopter naar het ziekenhuis van Avignon gevlogen. Hij stierf onderweg. Later bleek dat het gebruik van doping mee de oorzaak was van de dood van de Brit. Een monument op de Mont Ventoux herinnert aan die zwarte dertiende juli 1967. Nauwelijks te vatten in het huidige tijdsbeeld is de manier waarop de media aanvankelijk met dit overlijden omgingen: het werd allemaal discreet behandeld. Sterker zelfs: de dood van Tom Simpson leek binnen de ruimte die er in een eerste fase aan werd besteed maar een voetnoot. De organiserende krant L'Equipe blokletterde op de eerste pagina: Jan Janssen wint de etappe op de Mont Ventoux. Helemaal onderaan werd er in een klein lettertype bericht over het drama van Simpson. Nu krijgen renners in de Tour alleen maar vragen over doping. Vroeger werd er over dit onderwerp zedig gezwegen. Jonge journalisten die in de wielersport stapten, verbaasden zich over de sterke verhalen die er daarover onder collega's werden verteld. Maar ze verwonderden zich nog meer over de manier waarop iedereen vond dat er daarover vooral niet moest geschreven worden.