De coronapandemie had niet alleen een grote impact op de publieke gezondheid, ook op het toerisme. Zelfs het 'heilige' Lourdes, nochtans een plaats van vermeende mirakels, deelde zwaar in de klappen.
...

De coronapandemie had niet alleen een grote impact op de publieke gezondheid, ook op het toerisme. Zelfs het 'heilige' Lourdes, nochtans een plaats van vermeende mirakels, deelde zwaar in de klappen. En dus werd deze etappe, met start aan het sanctuaire en aankomst op de nabijgelegen beklimming naar Hautacam, door de plaatselijke handelaars enthousiast onthaald. Tussenin een alweer korte bergrit, op de Belgische nationale feestdag. Met wel ruim 4000 hoogtemeters, waarvan het leeuwendeel in de laatste 85 km overwonnen moet worden. Bovendien met amper vlakke stukken tussen de drie grote hindernissen: de Col d'Aubisque, met aansluitend een kort stukje van de Col du Soulor, de Col de Spandelles en de klim naar Hautacam.In de derde week van de Tour, bij weer temperaturen tot 30 graden in de valleien, een lastige kruistocht, ondanks de 'slechts' 143 km. En dus zullen veel renners in Lourdes de gunst afsmeken van de wielergoden en Onze-Lieve-Vrouw - sommige gelovige coureurs zelfs letterlijk. De Fransen zullen bidden voor een eerste ritzege in deze Tour, met een vroege vlucht als enige kans. En misschien zal ook Tadej Pogacar een Wees Gegroetje opzeggen, want hij kan alle hulp gebruiken als hij Jonas Vingegaard alsnog uit het geel wil rijden.Desnoods met een 'Hail Mary', zoals dat in de Amerikaanse sport zo mooi wordt omschreven. Een ultieme wanhoopspoging, van ver. Al dan niet geholpen door de opmerkelijke verrijzenis van zijn ploegmaats Mikel Bjerg en Brandon McNulty in de rit naar Peyragudes.Pogacar krijgt daarvoor het ideale terrein voorgeschoteld, gezien de beperkte valleikilometers én de stijgingspercentages op alle cols. Waardoor het nog meer een man-tegen-mangevecht wordt, zeker op de laatste beklimming. Al op de Aubisque zakken de percentages in de laatste 7 km niet onder de 8 procent. Al zal daar, gezien de lange afdaling, allicht nog niets gebeuren. Mogelijk wel op Col de Spandelles, want daar knikt de weg, in een magnifiek decor, nog steiler omhoog: 10,3 km aan 8,3 procent. Gemíddeld, want heel onregelmatig: met twee vlakke stukjes maar ook geregeld pentes tot ruim 10 procent, en een piek van zelfs 15 procent. Nadeel voor Pogacar: de wind (zo'n 15 km per uur) zal hier op kop blazen.Opmerkelijk van deze passage over de Col du Spandelles: de heel smalle weg, de reden ook waarom de Tour hier nooit voorheen is over gereden. Alleen de Route du Sud ging er in 2012 eens langs. In de derde rit naar Arras en Lavedan, waarin de 22-jarige Nairo Quintana de concurrentie degradeerde en, op één renner na, op ruim vijf minuten reed. Sinds kort is de route communale echter officieel une départementale, waardoor ook de Tourkaravaan over de Col de Spandelles mag. Zolang de rode Skoda-SUV van Tourdirecteur Christian Prudhomme er kan passeren - wat al lachend weleens de nieuwe maatstaf wordt genoemd. Auto's en campers van wielerfans worden niet toegelaten, alleen fietsers, motards en voetgangers.Extra moeilijkheid: de eveneens smalle, bochtenrijke afdaling van de Spandelles richting Argelès-Gazost. Veel hulp van een vooruitgestuurde ploeggenoot kan je ook daar niet verwachten. De goten voor het regenwater zijn er wel verlegd en ook de berm zal gesnoeid worden om de renners genoeg plaats te bieden. Als lanceerplatform voor de klim naar Hautacam.Opvallend: weer een aankomst bergop, de zesde in deze Tour. Een koerswijziging, nadat er in de vorige Tour drie bergetappes in het dal, na een afdaling, eindigden: in Le Grand Bornand, Malaucène en Andorra. Toen een bewuste keuze om een 'droge' aanval in de slotkilometers en minieme tijdsverschillen te vermijden. Maar van die piste is parcoursbouwer Thierry Gouvenou weer afgestapt. De slotklim van deze rit, boven de Lavedanvallei, is alleszins zwaar genoeg om verschillen te maken: 13,6 km aan 7,8 procent. In het middenstuk zelfs 3 km aan 10 en 11 procent. Als Tadej Pogacar Jonas Vingegaard nog niet heeft kunnen lossen, zal het daar moeten gebeuren. Weliswaar weer niet geholpen door de wind (eerst tegen, dan vanop zij).De voorsprong van de Deen (2 minuten en 18 seconden) tot een minuut verkleinen, met oog op de vlakke tijdrit van zaterdag, lijkt dan al onrealistisch. Of de Jumbo-Vismarenner moet compleet instorten. En op basis van de laatste etappes lijkt dat weinig waarschijnlijk. De slotklim naar Hautacam past zelfs beter bij zijn dieselkwaliteiten, want langer (een verwachte klimtijd van zo'n 37 minuten) dan de 20-minutenklimmen van gisteren.Bovendien heeft ook Pogacar zijn grenzen. Zo bleek op Peyragudes waar Brandon McNulty minstens even goed was als zijn kopman, die ondanks zijn zege geen overschot had. Anders had die al vroeger dan de eindsprint bergop de geletruidrager aangevallen.Pogacar en Vingegaard hebben elkaar na de défaillance van de Sloveen op de Col du Granon van geen vin gelost. En het ziet ernaar uit dat dat ook in deze rit niet zal veranderen. Al zijn er in deze streek al meerdere zogenaamde mirakels gebeurd, ook in de Tour.Hopelijk blijft het blazoen van de winnaar op Hautacam zelfs onbesmeurd, want in het verleden bleken de dominerende figuren er op meer dan alleen wijwater uit Lourdes te hebben gereden. In 1994 Luc Leblanc, die na zijn carrière epogebruik bekende. In 1996 'mister 60 procent' Bjarne Riis.In 2000 wijlen Javier Otxoa, die een ontketende Lance Armstrong net kon afhouden.En in 2008 was bijna de hele top tien aangebrand. De 36-jarige Leonardo Piepoli reed er toen samen met Saunier Duvalploegmaat JuanJosé Cobo de tegenstand aan flarden, gevolgd door Fränk Schleck, Bernhard Kohl, Riccardo Riccò, Denis Mensjov en Christian Vande Velde. Alleen Carlos Sastre (7e) en Cadel Evans (8e), die na die etappe in tranen zijn eerste gele trui aantrok, hebben een blanco dopingstrafblad. Dat heeft ook de laatste winnaar, Vincenzo Nibali. Al twijfelden sceptici ook aan zijn suprematie tijdens de Tour van 2014. Met als orgelpunt zijn beklimming naar Hautacam, toen de Haai van Messina ruim een minuut wegreed van Thibaut Pinot en co. Een voorsprong, al dan niet na een Hail Mary, waar Tadej Pogacar nu allicht voor zou tekenen.