Laatste deel van het Zwitserse tweeluik in deze Tour. Met na de finish gisteren in Lausanne, nu een start in Aigle. Dat is een skistation in het kanton Vaud, waar sinds 2002 het Centre Mondial du Cyclisme gelegen is, het hoofdkwartier van de UCI. Oorspronkelijk was het idee om Aigle met Lausanne te verbinden in één rit, maar er werd uiteindelijk gekozen om ze uit elkaar te trekken.
...

Laatste deel van het Zwitserse tweeluik in deze Tour. Met na de finish gisteren in Lausanne, nu een start in Aigle. Dat is een skistation in het kanton Vaud, waar sinds 2002 het Centre Mondial du Cyclisme gelegen is, het hoofdkwartier van de UCI. Oorspronkelijk was het idee om Aigle met Lausanne te verbinden in één rit, maar er werd uiteindelijk gekozen om ze uit elkaar te trekken. Vreemd genoeg is Aigle pas voor het eerst ville étape in de Tour. Als een van de negen nieuwe gastplaatsen, naast de vijf Deense steden en later in deze editie ook nog Castelnau-Magnoac, Lacapelle-Marival en Rocamadour. Een qua decor zeer mooie etappe, met eerst een passage van een twintigtal kilometer langs het Meer van Genève en het plaatsje Montreux, bekend van zijn Gouden Roos Festival, waar de beste Europese amusementsprogramma's bekroond worden. Daarna snijdt het peloton in een lange lus de Préalpes fribourgeoises, de Alpes vaudoises en de Alpes valaisannes aan, genoemd naar de gelijknamige kantons. Met op het parcours de Col des Mosses, een 'loper' van 13 km aan 4 procent, en de zwaardere Col de la Croix, 8,5 km aan 7,2 procent, met een top op 1778 meter. Na 157 km volgt dan de voorlaatste klim: de Pas de Morgins, 15,4 km aan 6,1 procent, waarvan de eerste 12 km aan 7,1 procent. Die col werd al zesmaal eerder bezocht door de Tourkaravaan. In 1977 rondde een Belg, Paul Wellens, als eerste de top, net als in 1988 met Ludo Peeters.De laatste doortocht dateert wel al van 1997. Met Frank Vandenbroucke als koploper, toen hij in het begin van de etappe een aanval opzette met de Italiaan Gianluca Pierobon. Zij kregen het gezelschap van vijf medevluchters, maar werden nog ingerekend. In Fribourg sprintte uiteindelijk een uitgedund peloton. Cyclocrosser Christophe Mengin won voor ... VDB. Die finishte voor de tweede keer in die Tour tweede, na de etappe naar Plumelec (verslagen door Erik Zabel in de sprint bergop). Na de top van de Pas de Morgins, pal op de Zwitsers-Franse grens, volgt nog een korte afdaling tot in Châtel, in het departement Haute-Savoie. Waarna nog een knik omhoog ligt van 4 km aan 4,6 procent, met wel een voorlaatste kilometer aan 7 procent. Mogelijk lastig genoeg voor Tadej Pogacar om op het einde nog eens weg te vlammen, al dan niet met het Jumbo-Vismaduo Jonas Vingegaard / Primoz Roglic in zijn spoor. Of omgekeerd. Want misschien waagt de Sloveen, al dan niet met een van de vier INEOS-renners die voorin het klassement staan (Pidcock?), een uitval in de eerste stijgende kilometers van de Pas de Morgins. Om zo Pogacar en zijn UAE-ploeg onder druk te zetten. 12 kilometer aan 7 procent is weliswaar niet superlastig, maar kan na negen koersdagen in de kleren kruipen. Met de vorm waarin hij nu verkeert, kan zelfs Van Aert daar nog een rol van betekenis spelen.De ritwinnaar zal vermoedelijk uit een vroege vlucht komen, waardoor het weer een razendsnel eerste koersuur zal worden. Mogelijk zal die groep pas wegrijden in de licht klimmende aanloop naar of na de tussensprint, na 50 km. Van de aanwezige Belgen komen, gezien het profiel van de etappe, daarvoor alleen Dylan Teuns of Tim Wellens in aanmerking. Voor buitenlandse kandidaten is het opnieuw uitkijken naar BORA-hansgrohe (met Lennard Kämna, Felix Grossschartner, Patrick Konrad, Max Schachmann). Mogelijk zal ook de Zwitser Stefan Küng (FDJ) in eigen land belust zijn op een ritzege, als hij de vrijheid krijgt. Andere usual suspects: Michael Woods en Jakob Fuglsang, Warren Barguil, Simon Geschke, Bob Jungels, Matej Mohoric...Opmerkelijk: Châtel krijgt in het routeboek de toevoeging 'Les Portes du Soleil'. Reclame voor het wintersportgebied met dertien skigebieden tussen de Mont Blanc en het Meer van Genève, met onder meer ook het mountainbikeoord Les Gets (waar jaarlijks een wereldbekermanche plaatsvindt) en Morzine, een vaker terugkerende pleisterplaats in de Tour. Châtel is al kandidaat ville étape sinds 2008, toen burgemeester Nicolas Rubin aan zijn ambtsperiode begon. Na veertien jaar wachten werd zijn geduld eindelijk beloond. In die periode was Châtel wel één keer de finish van een rit in de Dauphiné (2012, met Dani Moreno als winnaar) en eenmaal van een etappe in de Tour de l'Avenir (2013, Simon Yates ging toen Matej Mohoric vooraf). Voor het laatste en enige Tourbezoek moet je al terug naar 1975, toen Lucien Van Impe de klimtijdrit won van Morzine naar Châtel. Na 40 km, met onder meer de beklimming van de Col du Corbier, was hij 56 seconden sneller dan de Deen Ole Ritter en 57 tellen rapper dan Eddy Merckx. Een krachttoer van de Kannibaal, want daags ervoor had hij, nog voor de officiële start in Valloire, zijn kaakbeen gebroken bij een val met ... Ritter. De regerende wereldkampioen kon letterlijk niet op de tanden bijten, maar weerstond de pijn en eindigde nog derde, net als in de klimtijdrit dus.Voor Van Impe was het zijn tweede etappezege in die Tour, waarin hij de voor het eerst ingevoerde bolletjestrui aantrok. Het leverde hem ook een derde plaats op in het eindklassement, na Bernard Thévenet en Merckx. Dat die de Tour nog uitreed, met een gebroken kaak, zou hij later als de grootste fout uit zijn carrière bestempelen.