De redenen waarom ASO steden of dorpen uitkiest als ville étape zijn velerlei: naast sportieve en commerciële zijn er soms ook historische of culturele redenen, zeker naar aanleiding van een verjaardag. Vandaar ook de keuze voor Lorient als start van deze rit. De stad aan de zuidkust van Bretagne viert deze zomer (van 6 tot 15 augustus) de vijftigste verjaardag van zijn Festival Interceltique. Normaal komen dan meer dan een half miljoen mensen samen uit alle windstreken, van Galicië tot Schotland, voor ruim tweehonderd voorstellingen, opgevoerd door vijfduizend artiesten. Hét feest van de Keltische cultuur.
...

De redenen waarom ASO steden of dorpen uitkiest als ville étape zijn velerlei: naast sportieve en commerciële zijn er soms ook historische of culturele redenen, zeker naar aanleiding van een verjaardag. Vandaar ook de keuze voor Lorient als start van deze rit. De stad aan de zuidkust van Bretagne viert deze zomer (van 6 tot 15 augustus) de vijftigste verjaardag van zijn Festival Interceltique. Normaal komen dan meer dan een half miljoen mensen samen uit alle windstreken, van Galicië tot Schotland, voor ruim tweehonderd voorstellingen, opgevoerd door vijfduizend artiesten. Hét feest van de Keltische cultuur.Ook de familie en supporters van Warren Barguil, régional du départ in Lorient, zullen feestvieren. Niet voor de eerste keer, want ook in 2018 vertrok een rit vanuit la ville aux cinq ports. Toen richting Quimper, waar Peter Sagan won. Dit jaar rijdt de Tourkaravaan echter hoofdzakelijk noordoostwaarts, naar finishplaats Pontivy. Zo worden de eerste vier Bretoense etappes mooi verdeeld over de vier departementen: de eerste in de Finistère, de tweede in de Côtes-d'Armor, deze derde in de Morbihan en de vierde in Ille-et-Vilaine.Het begin van deze etappe wordt opgeluisterd door passages over twee grote bruggen, de Pont du Bonhomme, kort na de start in Lanester, en de Pont Lorois, richting het bekende kustplaatsje Carnac. Van dan af zetten de renners koers naar Le Pays d'Auray, op vrij smalle wegen (een deel van het parcours van de Bretagne Classic in Plouay), waar volgens Warren Barguil de wind een rol zou kunnen spelen. Te overwinnen hoogtemeters: zo'n 1500, inclusief enkele hellingen, onder meer de bekende Côte de Cadoudal in Plumelec, waar Alejandro Valverde won in 2008, en Bernard Hinault de beste was in de proloog van de Tour van 1985 (vier seconden sneller dan Eric Vanderaerden), de basis voor zijn vijfde en laatste Tourzege. Parcoursbouwer Thierry Gouvenou is ook dat andere Bretoense wielericoon niet vergeten, want het peloton passeert door Radenac, de thuisbasis van Jean Robic, de Tourwinnaar van 1947 die op 10 juni honderd jaar zou zijn geworden. In Radenac hield vader Robic een fietsenwinkel open en is de straat achter de kerk, waar het ouderlijk huis van de renner staat, genoemd naar de wereldkampioen veldrijden van 1950.Wat verder wacht in Pontivy een laatste rechte lijn van liefst 1600 meter op de brede Rue du Général de Gaulle. Daar wordt de eindstreep getrokken ter hoogte van het Palais du Congrès, met het bekende vijftiende-eeuwse kasteel van de familie Rohan op de achtergrond. Het symbool van de stad Pontivy, een zogenaamde cité napoléonienne. Het was immers een van de grote stedelijke projecten van Napoleon en werd begin negentiende eeuw zelfs tien jaar Napoléonville genoemd.Het wordt dus een keizerlijke sprint in de stad die al sinds 2015 elk jaar bij ASO haar kandidatuur heeft gesteld en nu eindelijk, voor het eerst in haar bestaan, de Tour mag verwelkomen. Als een van de tien gemeenten of steden (van de in totaal 39) die in deze editie debuteren als ville étape, waarvan vier dienen als aankomstplaats (ook nog Landerneau, Malaucène en Quillan). Een bewuste keuze van Tourbaas Christian Prudhomme om les villes traditionnelles met nieuwkomers af te wisselen.Pontivy heeft nochtans een wielertraditie: in 1926 werd er een vélodrome geopend, maar die werd afgebroken in de jaren 60. De stad heeft wel nog altijd een wielerclub, VC Pontivyen en een veelbelovende renster als inwoonster: Marie Le Net (21) meervoudig medaillewinnares op Franse kampioenschappen, zilver op het WK op de weg voor juniores in 2018 en wereldkampioene ploegkoers in datzelfde jaar.Zij zal langs de kant allicht de eerste echte massasprint van deze Tour zien, na twee aankomsten op een helling. Een eerste kans dus voor Mark Cavendisch, Caleb Ewan, Jasper Philipsen of Tim Merlier en een nieuwe voor Wout van Aert.