Tim Wellens finishte als derde, maar werd door de wedstrijdjury naar de negende plaats teruggezet omdat hij Remco Evenepoel in de sprint hinderde. De Fransman Warren Barguil mocht zo als derde mee het podium op.

Sheffield ontsnapte in de slotkilometers uit een kopgroep van zeven, waarin hij met de Britten Tom Pidcock, de winnaar van vorig jaar, en Ben Turner, twee ploegmaats had.

Vrijwel onmiddellijk na de start gingen Aaron Van Poucke, Ludovic Robeet en de Spanjaard Ander Okamika ervandoor. Zij boekten snel een voorsprong van 3:30 op een peloton, waarin Quick-Step Alpha Vinyl het tempo regelde. De blauwe garde kreeg wat later de steun van Lotto Soudal, Bahrain Victorius en INEOS Grenadiers. Bij Okamika ging het licht uit. Achter Robeet en Van Poucke vormde zich op de Moskesstraat een achtervolgend groepje met Ben Turner, Magnus Sheffield, Victor Campenaerts, Giacomo Nizzolo en Alexander Kamp. Zij raapten al snel Ander Okamika op. Wat verderop sloten Remco Evenepoel, Dylan Teuns en Tim Wellens aan.

Evenepoel

Evenepoel probeerde de groep aan het draaien te krijgen, maar daar hadden de renners van INEOS niet veel zin in. Evenepoel toonde zijn frustratie door Ben Turner een gemene por te verkopen. De wedstrijdjury hield het bij een waarschuwing. Ondertussen waren Van Poucke en Robeet begonnen aan de drie plaatselijke ronden van elk 21,9 kilometer, met daarin de beklimmingen van de Hagaard, Hertstraat, Moskesstraat, Holstheide en de S-Bocht Overijse. Hun voorgift was nog een halve minuut groot en op 63 kilometer van de eindmeet smolt alles samen.

Het bleef oorlog in de groep en op 48 kilometer van de eindmeet zonderden Thomas Pidcock, Ben Turner, Magnus Sheffield, Remco Evenepoel, Victor Campenaerts, Tim Wellens, Benot Cosnefroy, Dylan Teuns, Robert Stannard en Warren Barguil zich af. Zij trokken de voorlaatste ronde in met een bonus van een halve minuut op de grote groep. Teuns reed op 40 kilometer van de aankomst lek en verdween uit de kopgroep. Evenepoel, Campenaerts en Barguil werden er op de kasseien van de Hertstraat voorin uitgereden maar konden aan de voet van de Moskesstraat weer aansluiten. Bij een nieuwe tempoversnelling ging het te snel voor Campenaerts en Stannard en bleven er nog zeven vluchters over.

De slotronde

Bij het ingaan van de slotronde was de voorsprong net 1 minuut. De volgwagens van de renners voorin mochten dus opschuiven naar de leiders maar dat ging niet zonder slag of stoot. De wagen van INEOS Grenadiers had al wat problemen om de ruime groep voorbij te steken, bij de volgwagen van Quick-Step Alpha Vinyl ging het helemaal mis toen enkele renners die wagen raakten. De golfbeweging veroorzaakte een val, waarvan wereldkampioen Julian Alaphilippe; een renner van Quick-Step, het voornaamste slachtoffer was.

Op de Hertstraat werd de kopgroep opnieuw uit elkaar geranseld. Sheffield en Cosnefroy reden even voorop, maar uiteindelijk hervormde het gezelschap zich. Sheffield trok op 3,5 kilometer van de finish nog eens door. Achter hem hielden zijn teamgenoten Pidcock en Turner de deur netjes op slot. Sheffield kwam niet meer in de problemen en boekte zijn tweede profzege, in februari won hij een rit in de Ruta del Sol (2.Pro).

Tim Wellens finishte als derde, maar werd door de wedstrijdjury naar de negende plaats teruggezet omdat hij Remco Evenepoel in de sprint hinderde. De Fransman Warren Barguil mocht zo als derde mee het podium op. Sheffield ontsnapte in de slotkilometers uit een kopgroep van zeven, waarin hij met de Britten Tom Pidcock, de winnaar van vorig jaar, en Ben Turner, twee ploegmaats had. Vrijwel onmiddellijk na de start gingen Aaron Van Poucke, Ludovic Robeet en de Spanjaard Ander Okamika ervandoor. Zij boekten snel een voorsprong van 3:30 op een peloton, waarin Quick-Step Alpha Vinyl het tempo regelde. De blauwe garde kreeg wat later de steun van Lotto Soudal, Bahrain Victorius en INEOS Grenadiers. Bij Okamika ging het licht uit. Achter Robeet en Van Poucke vormde zich op de Moskesstraat een achtervolgend groepje met Ben Turner, Magnus Sheffield, Victor Campenaerts, Giacomo Nizzolo en Alexander Kamp. Zij raapten al snel Ander Okamika op. Wat verderop sloten Remco Evenepoel, Dylan Teuns en Tim Wellens aan. EvenepoelEvenepoel probeerde de groep aan het draaien te krijgen, maar daar hadden de renners van INEOS niet veel zin in. Evenepoel toonde zijn frustratie door Ben Turner een gemene por te verkopen. De wedstrijdjury hield het bij een waarschuwing. Ondertussen waren Van Poucke en Robeet begonnen aan de drie plaatselijke ronden van elk 21,9 kilometer, met daarin de beklimmingen van de Hagaard, Hertstraat, Moskesstraat, Holstheide en de S-Bocht Overijse. Hun voorgift was nog een halve minuut groot en op 63 kilometer van de eindmeet smolt alles samen. Het bleef oorlog in de groep en op 48 kilometer van de eindmeet zonderden Thomas Pidcock, Ben Turner, Magnus Sheffield, Remco Evenepoel, Victor Campenaerts, Tim Wellens, Benot Cosnefroy, Dylan Teuns, Robert Stannard en Warren Barguil zich af. Zij trokken de voorlaatste ronde in met een bonus van een halve minuut op de grote groep. Teuns reed op 40 kilometer van de aankomst lek en verdween uit de kopgroep. Evenepoel, Campenaerts en Barguil werden er op de kasseien van de Hertstraat voorin uitgereden maar konden aan de voet van de Moskesstraat weer aansluiten. Bij een nieuwe tempoversnelling ging het te snel voor Campenaerts en Stannard en bleven er nog zeven vluchters over. De slotrondeBij het ingaan van de slotronde was de voorsprong net 1 minuut. De volgwagens van de renners voorin mochten dus opschuiven naar de leiders maar dat ging niet zonder slag of stoot. De wagen van INEOS Grenadiers had al wat problemen om de ruime groep voorbij te steken, bij de volgwagen van Quick-Step Alpha Vinyl ging het helemaal mis toen enkele renners die wagen raakten. De golfbeweging veroorzaakte een val, waarvan wereldkampioen Julian Alaphilippe; een renner van Quick-Step, het voornaamste slachtoffer was. Op de Hertstraat werd de kopgroep opnieuw uit elkaar geranseld. Sheffield en Cosnefroy reden even voorop, maar uiteindelijk hervormde het gezelschap zich. Sheffield trok op 3,5 kilometer van de finish nog eens door. Achter hem hielden zijn teamgenoten Pidcock en Turner de deur netjes op slot. Sheffield kwam niet meer in de problemen en boekte zijn tweede profzege, in februari won hij een rit in de Ruta del Sol (2.Pro).