Julian Mertens, Brent Van Moer, Jordi Meeus, Ludovic Robeet, Andreas Leknessund, Bryan Coquard en Anders Skaarseth zorgden voor de eerste vlucht van de dag. Kevin Van Melsen en Emmanuel Morin trokken in de tegenaanval. Na 40 kilometer koers ontstond zo een kopgroep van negen renners. Het peloton liet begaan. De vroege vluchters kregen een maximale voorgift van 6:05. Bij het aanvatten van de drie plaatselijke ronden van 21,9 kilometer bleef er 2:30 van over.

Achter de negen nam de nervositeit toe in het dan af fel uitgedunde peloton. Een viertal met Rémi Cavagna, Robert Stannard, Toms Skujins en Sven Erik Byström probeerde de kloof naar de leiders te overbruggen. Voor Kevin Van Melsen was de tweede passage van de Hertstraat er te veel aan. Wat verder moest ook Emmanuel Morin zijn metgezellen laten rijden, net als Bryan Coquard en Julian Mertens. Nadat het peloton door een massale valpartij uit elkaar geransel werd; kregen de vijf overgebleven vluchters een groep met Rémi Cavagna, Dylan Teuns, Benoit Cosnefroy, Robert Stannard, Emmanuel Morin, Toms Skujins, Sven Erik Byström, Julian Mertens en Oscar Riesebeek in de achtervolging. Net voor de derde passage op de Moskesstraat smolten de twee groepen samen en kreeg ook het drietal met Thomas Pidcock, Matteo Trentin en Wout van Aert aansluiting.

Slotronde

Trentin vond het te traag gaan en legde er op 28 kilometer van de finish nog een laagje op. De Italiaan mocht aan de slotronde beginnen met een voorgift van 20 seconden op wat restte van het groepje met Pidcock en Van Aert, dat ondertussen het gezelschap had gekregen van Ide Schelling. Pidcock en Van Aert lieten hun metgezellen in de steek en sloten net voor de laatste beklimming van de Hertstraat bij Trentin aan. Op de Moskesstraat trokken Dylan Teuns en Benoit Cosnefroy in de tegenaanval, maar zij kraakten, met nog 8 kilometer voor de boeg, In de daaropvolgende sprint zette Van Aert, in principe de snelste, als eerste aan, maar hij werd vlot door Pidcock geremonteerd.

Eerste profzege

Het is de eerste profzege op de weg voor Pidcock, die net als Van Aert uit het veldrijden komt. In die discipline was hij wereldkampioen bij de junioren (2017) en beloften (2019). Hij is de jongste winnaar van de Brabantse Pijl sinds Edwig Van Hooydonck, in 1987 twintig bij zijn eerste van vier zeges.

Op de erelijst volgt Pidcock, als eerste Britse winnaar, de Fransman Julian Alaphilippe op. De wereldkampioen kwam dit jaar niet aan de start.

Wout Van Aert reageert

'Thomas Pidcock was gewoon veel sterker vandaag', gaf Wout Van Aert toe na zijn tweede plaats in de Brabantse Pijl. 'Ik voelde dat al in de wedstrijd en in de sprint liepen mijn benen helemaal vol.'

Als Wout van Aert de kop nam bij het leidende trio, ging de snelheid steevast de hoogte in. 'Maar dat gevoel had ik bij Pidcock ook. Het was de ideale situatie om met drie voorop te komen. Wij draaiden meteen heel goed rond en zo werd snel duidelijk dat we met ons drietjes gingen uitmaken wie de sterkste was. Dat bleek uiteindelijk Pidcock te zijn.' 'Dat is wel balen want ik had graag gewonnen. Naast een zege grijpen is nooit leuk. Ik had een korte rustpauze ingelast na de Ronde van Vlaanderen, maar was toch wel meteen weer op de afspraak.' Zondag start Wout van Aert in de Amstel Gold Race. 'We krijgen dan binnen de ploeg versterking van de jongens die de Ronde van het Baskenland hebben gereden en dat maakt dat ons team toch weer iets sterker zal zijn.'

Julian Mertens, Brent Van Moer, Jordi Meeus, Ludovic Robeet, Andreas Leknessund, Bryan Coquard en Anders Skaarseth zorgden voor de eerste vlucht van de dag. Kevin Van Melsen en Emmanuel Morin trokken in de tegenaanval. Na 40 kilometer koers ontstond zo een kopgroep van negen renners. Het peloton liet begaan. De vroege vluchters kregen een maximale voorgift van 6:05. Bij het aanvatten van de drie plaatselijke ronden van 21,9 kilometer bleef er 2:30 van over.Achter de negen nam de nervositeit toe in het dan af fel uitgedunde peloton. Een viertal met Rémi Cavagna, Robert Stannard, Toms Skujins en Sven Erik Byström probeerde de kloof naar de leiders te overbruggen. Voor Kevin Van Melsen was de tweede passage van de Hertstraat er te veel aan. Wat verder moest ook Emmanuel Morin zijn metgezellen laten rijden, net als Bryan Coquard en Julian Mertens. Nadat het peloton door een massale valpartij uit elkaar geransel werd; kregen de vijf overgebleven vluchters een groep met Rémi Cavagna, Dylan Teuns, Benoit Cosnefroy, Robert Stannard, Emmanuel Morin, Toms Skujins, Sven Erik Byström, Julian Mertens en Oscar Riesebeek in de achtervolging. Net voor de derde passage op de Moskesstraat smolten de twee groepen samen en kreeg ook het drietal met Thomas Pidcock, Matteo Trentin en Wout van Aert aansluiting.SlotrondeTrentin vond het te traag gaan en legde er op 28 kilometer van de finish nog een laagje op. De Italiaan mocht aan de slotronde beginnen met een voorgift van 20 seconden op wat restte van het groepje met Pidcock en Van Aert, dat ondertussen het gezelschap had gekregen van Ide Schelling. Pidcock en Van Aert lieten hun metgezellen in de steek en sloten net voor de laatste beklimming van de Hertstraat bij Trentin aan. Op de Moskesstraat trokken Dylan Teuns en Benoit Cosnefroy in de tegenaanval, maar zij kraakten, met nog 8 kilometer voor de boeg, In de daaropvolgende sprint zette Van Aert, in principe de snelste, als eerste aan, maar hij werd vlot door Pidcock geremonteerd.Eerste profzegeHet is de eerste profzege op de weg voor Pidcock, die net als Van Aert uit het veldrijden komt. In die discipline was hij wereldkampioen bij de junioren (2017) en beloften (2019). Hij is de jongste winnaar van de Brabantse Pijl sinds Edwig Van Hooydonck, in 1987 twintig bij zijn eerste van vier zeges.Op de erelijst volgt Pidcock, als eerste Britse winnaar, de Fransman Julian Alaphilippe op. De wereldkampioen kwam dit jaar niet aan de start. Wout Van Aert reageert'Thomas Pidcock was gewoon veel sterker vandaag', gaf Wout Van Aert toe na zijn tweede plaats in de Brabantse Pijl. 'Ik voelde dat al in de wedstrijd en in de sprint liepen mijn benen helemaal vol.'Als Wout van Aert de kop nam bij het leidende trio, ging de snelheid steevast de hoogte in. 'Maar dat gevoel had ik bij Pidcock ook. Het was de ideale situatie om met drie voorop te komen. Wij draaiden meteen heel goed rond en zo werd snel duidelijk dat we met ons drietjes gingen uitmaken wie de sterkste was. Dat bleek uiteindelijk Pidcock te zijn.' 'Dat is wel balen want ik had graag gewonnen. Naast een zege grijpen is nooit leuk. Ik had een korte rustpauze ingelast na de Ronde van Vlaanderen, maar was toch wel meteen weer op de afspraak.' Zondag start Wout van Aert in de Amstel Gold Race. 'We krijgen dan binnen de ploeg versterking van de jongens die de Ronde van het Baskenland hebben gereden en dat maakt dat ons team toch weer iets sterker zal zijn.'