Ofschoon Tom Steels niet hield van frivoliteiten en in massaspurten doorgaans niet over de schreef ging, verloor hij één enkele keer de controle over zichzelf. In volle pelotonsprint gooide hij een drinkbus naar het hoofd van de Fransman Frédéric Moncassin. Steels was geïrriteerd omdat er eerder een paar levensgevaarlijke bewegingen waren gebeurd. Hij werd onmiddellijk uit de Tour gezet. Op de vraag wat Steels dacht over de uitsluiting van Peter Sagan, hield de huidige sportdirecteur van Quick.Step zich nu op de vlakte...

Ofschoon Tom Steels niet hield van frivoliteiten en in massaspurten doorgaans niet over de schreef ging, verloor hij één enkele keer de controle over zichzelf. In volle pelotonsprint gooide hij een drinkbus naar het hoofd van de Fransman Frédéric Moncassin. Steels was geïrriteerd omdat er eerder een paar levensgevaarlijke bewegingen waren gebeurd. Hij werd onmiddellijk uit de Tour gezet. Op de vraag wat Steels dacht over de uitsluiting van Peter Sagan, hield de huidige sportdirecteur van Quick.Step zich nu op de vlakte.Weinig renners die het sprinten zo adoreerden en cultiveerden als Tom Steels. Als hij over zijn specialiteit praatte, flikkerde er vuur en passie in zijn ogen en week de ingetogenheid die hem anders buiten de koers kenmerkte. Het trekken en duwen, kwakken en smakken, rekenen en berekenen, steeds weer joeg het zijn adrenaline de hoogte in. Het belangrijkste voor Steels was steeds weer: op 200 meter van de streep aanzetten. Dat was de magische grens.In zijn lange carrière won Tom Steels maar drie wedstrijden met voorsprong. Hij genoot daar niet één keer van. Hij miste dan de spanning en sensatie. Steels won in zijn carrière twee keer Gent-Wevelgem, maar in topklassiekers speelde hij zelden een rol van betekenis. Dan moest hij de wedstrijd ondergaan, dan diende hij aan te klampen, te overleven. Steels kon nooit een wedstrijd bepalen. Anders was het in het Belgisch kampioenschap. Steels hield van het eigen karakter van deze wedstrijd, met alleen Belgen aan de start, hij koesterde de driekleurige trui als een sieraad. Vier keer pakte hij de Belgische titel.Tom Steels aanzag zichzelf altijd als een sprinter. Een andere renner heeft hij nooit willen zijn. Het sprinten zit in de genen, in de spieren. Het paste bij zijn temperament: Steels kon zich opladen tot de druk op de ketel ontplofte. Hij belandde in een andere wereld als het tempo voor een massaspurt zo werd opgetrokken dat de ene na de andere uit de kop van het peloton werd weggewaaid en alleen de besten overbleven. Als hij nu iets mist, dan is het dat heel aparte gevoel.Vandaag staat Tom Steels aan de andere kant van de barrière. Of hij zich goed voelt in de Tour? Als renner had Steels een soort haat-liefdeverhouding met de Ronde van Frankrijk, ook al won hij in totaal negen ritten. De massale aandacht van de pers, het volk langs de weg, de vaak hectische sprinten die zoveel van je concentratie vroegen dat hij blij was in de bergen te zitten. Omdat hij daar weer wat kon ademen.