63
...

63Zoveel crossen heeft Wout van Aert gewonnen bij de profs, op een totaal van 182 wedstrijden, of een zegepercentage van 35 procent. Opvallend: sinds 2017/18 won de Herentalsenaar 'slechts' 14 van zijn 69 crossen (20 procent). Te wijten aan de dominantie van Mathieu van der Poel, en aan zijn val in de Tour van 2019, waardoor hij vorig seizoen pas na zeven crossen de hoofdvogel kon afschieten (voor eigen volk in Lille, zonder MVDP aan de start).81In zoveel procent van zijn crossen (147 op 182) finishte de Kempenaar op het podium (naast 63 zeges ook 68 keer als tweede en 16 keer als derde). De strafste reeks zette hij in 2016/17 neer, toen hij in alle 23 van de klassementscrossen waarin hij startte, plus ook op het BK, EK en WK, in de top drie eindigde.5Het meeste aantal opeenvolgende zeges van Wout van Aert bij de elite. Een reeks die hij drie keer neerzette. Opvallend: ook al in zijn eerste en tweede volledige seizoen als prof (2014/15 en 2015/16).43Zoveel procent van zijn zeges (27 op 63) behaalde Van Aert met meer dan 30 seconden voorsprong, waarvan 10 met meer dan een minuut. Als solist reed hij in ook 38 procent van zijn overwinningen al weg in het eerste halfuur van de race.51Zoveel maal finishte Van Aert als tweede na Mathieu van der Poel in een veldrit bij de elite. Omgekeerd is dat veel minder: slechts 10 maal werd de Nederlander tweede na de Belg. Opmerkelijk: de laatste keer dat Van Aert zijn grote rivaal versloeg in een cross dateert van 4 februari 2018. Maar niet in de minste: het WK in Valkenburg, waar de Kempenaar met groot overwicht won.2Zoveel minuten en 13 seconden bedroeg Van Aerts voorsprong op dat WK op de tweede, Michael Vanthourenhout. De grootste voorsprong in een klassementscross/BK/EK/WK sinds de zege van Bart Wellens in Gavere, in 2003 (2 minuten en 49 seconden). In Valkenburg werd Van der Poel trouwens derde, op 2 minuten en 30 seconden, zijn grootste achterstand ooit op Van Aert (als winnaar).23Zoveel jaar, plus 4 maanden en 19 dagen oud was Van Aert toen hij in Valkenburg al zijn dérde wereldtitel bij de profs behaalde, als jongste renner ooit die daarin slaagde. Goed een half jaar jonger dan Eric De Vlaeminck toen hij in 1969 voor de derde keer de regenboogtrui bij de profs veroverde.In 2016, voor eigen volk in Lille, was Van Aert ook al de jongste naoorlogse Belgisch kampioen geworden, op een leeftijd van 21 jaar, 3 maanden en 25 dagen.8Zoveel jaar op rij behaalde Van Aert een medaille op een WK: van zilver bij de junioren in Koksijde in 2012 tot zilver bij de elite in Bogense in 2019. Dit jaar kwam een einde aan die podiumreeks, toen de Kempenaar (nog niet in topvorm na zijn revalidatie na zijn val in de Tour) vierde werd op het WK in Dübendorf.0Het aantal Belgische titels dat Wout van Aert won in de jeugdcategorieën. Bij de junioren pakte hij zilver in 2012 na Daan Soete in Hooglede-Gits, bij de beloften raakte hij niet verder dan brons in 2013 na Laurens Sweeck in Mol. Een jaar erna werd Van Aert op het BK in Waregem gediskwalificeerd na een valse start. Enkele weken later kroonde hij zich wel tot wereldkampioen bij de beloften in Hoogerheide, zijn enige regenboogshirt als jeugdrenner.19Zoveel jaar, plus 3 maanden en 28 dagen oud was Van Aert toen hij, daags na zijn uitsluiting op het BK in Waregem, zijn allereerste zege bij de profs behaalde, in Otegem, op 13 januari 2014.