Het was iedere avond een van de hoogtepunten in de Gentse zesdaagse. De wedstrijd om de snelste baanronde, een nevennummer dat voor veel spektakel zorgde. Met zijn explosiviteit en indrukwekkende dijen deed Dimitri De Fauw dan Het Kuipke op zijn grondvesten daveren. Telkens weer veegde hij records van de tabellen. Hij suisde met een snelheid van 75 kilometer per uur over de baan, met macht en panache, als een Tarzan op twee wielen.
...

Het was iedere avond een van de hoogtepunten in de Gentse zesdaagse. De wedstrijd om de snelste baanronde, een nevennummer dat voor veel spektakel zorgde. Met zijn explosiviteit en indrukwekkende dijen deed Dimitri De Fauw dan Het Kuipke op zijn grondvesten daveren. Telkens weer veegde hij records van de tabellen. Hij suisde met een snelheid van 75 kilometer per uur over de baan, met macht en panache, als een Tarzan op twee wielen.Ooit gold Dimitri De Fauw als een groot talent. Bij de amateurs pakte hij acht nationale titels en met Iljo Keisse domineerde hij de zesdaagsen voor Beloften. Zelfs in Duitsland stond er op het duo geen maat. Ze reden de concurrentie aan flarden en bliezen coalities op. Twee ongecompliceerde volksjongens die klaar waren voor de top. Maar in tegenstelling met Keisse kon De Fauw zich in de harde ploegkoersen nooit echt doorzetten. Te vaak zag je hem kraken, het leek hem aan uithouding te ontbreken. Velen schreven dat toe aan een te frivole manier van leven.Toch bleef Dimitri De Fauw een attractie op de baan. Zeker in Gent, zijn stad, werd hij op handen gedragen. De carrière van De Fauw lag niettemin bezaaid met veel hindernissen. Zijn loopbaan als wegrenner gaf hij op, twee seizoenen bij Quick-Step leverden te weinig resultaten op. Hij zette alles op de baan. Tot die fatale, zwarte dag, 26 november 2006. Het stuur van De Fauw geraakte verstrengeld met dat van de Spanjaard Isaac Gálvez, die viel en overleed. Er ging een schok doorheen de wielerwereld. Nooit heeft De Fauw dit drama, waaraan hij geen schuld trof, kunnen plaatsen. Hij tuimelde in een depressie, hij bleef zichzelf verwensen, ook al probeerde iedereen dat schuldgevoel uit zijn hoofd te praten.Er volgden moeilijke jaren. Dimitri sukkelde met chronische rugpijn, het maakte hem een hele tijd moedeloos. Toen hij enigszins overeind krabbelde kon hij nooit meer echt genieten. Overwinningen onderging hij heel ingetogen, één enkele keer stond hij zelfs met tranen in de ogen op het podium. Soms acteerde hij nog eens guitigheid en plezier, als een soort van uitlaatklep dat diep in zijn binnenste bleef woeden.In de zesdaagse van Grenoble van 2009 leek Dimitri De Fauw er weer helemaal bovenop te komen. Hij etaleerde weer de snedigheid die hem vroeger zo kenmerkte. Toen hij naar huis reed, samen met Iljo Keisse en Gianni Meersman, maakte hij grapjes in de auto. Maar dat was eigenlijk niet meer dan een façade waarachter veel verdriet schuilging. Bovendien was er ook een beklemmende onzekerheid over zijn sportieve toekomst, De Fauw had op dat moment geen sponsor voor het daaropvolgende jaar, hij voelde zijn geloofwaardigheid als renner afbrokkelen.Maar Dimitri De Fauw worstelde vooral met een onverwerkt trauma, met emotionele littekens die telkens weer openscheurden. Twee dagen na het einde van de zesdaagse van Grenoble, op 6 november 2009, pleegde hij zelfmoord. Te veel spookte er door zijn hoofd. Te veel om nog verder te leven. Dimitri De Fauw werd 28 jaar.