De meest vreemde anekdotes zijn verweven met de geschiedenis van de Tour. Zo is er het verhaal van Ottavio Bottecchia, de eerste Italiaan die de Ronde van Frankrijk won. In 1925 bevond hij zich in een kopgroep van zes renners en wilde op 20 kilometer van het einde afstappen om, zoals dat toen hoorde, zijn wiel te draaien om met een ander verzet te rijden.

Hij vroeg om zijn mee vooraan zittende Belgische ploegmaat Lucien Buysse om hem op te wachten. Die wilde niet. Hij vreesde dat ze dan vooraan zouden rijden als gekken. Daar begreep de zich ongenaakbaar voelende Bottecchia niets van. "Doe niet onnozel, we kunnen ze rauw opeten", snoefde hij. Maar Lucien Buysse hield voet bij stuk.

Bottecchia keek eens schichtig om zich heen en kneep vervolgens de remmen dicht. Vooraan begonnen ze meteen te vlammen. Uiteindelijk arriveerde Bottecchia op ruim drie minuten van de koplopers. Hij sloeg krijtwit uit en kon geen woord uitbrengen. Bij het avondeten dutte hij in. En toen gebeurde iets onwaarschijnlijks: Bottecchia plofte neer op tafel, pardoes met zijn hoofd in een bord hete soep. Hij werd niet wakker. Voorzichtig droegen zijn ploegmaats hem naar zijn kamer.

De volgende dag vreesden ze het ergste. Maar de Italiaan peddelde weer fluitend in het peloton. Alsof er helemaal niets was gebeurd. Hij won de Tour met bijna een uur voorsprong.

De meest vreemde anekdotes zijn verweven met de geschiedenis van de Tour. Zo is er het verhaal van Ottavio Bottecchia, de eerste Italiaan die de Ronde van Frankrijk won. In 1925 bevond hij zich in een kopgroep van zes renners en wilde op 20 kilometer van het einde afstappen om, zoals dat toen hoorde, zijn wiel te draaien om met een ander verzet te rijden. Hij vroeg om zijn mee vooraan zittende Belgische ploegmaat Lucien Buysse om hem op te wachten. Die wilde niet. Hij vreesde dat ze dan vooraan zouden rijden als gekken. Daar begreep de zich ongenaakbaar voelende Bottecchia niets van. "Doe niet onnozel, we kunnen ze rauw opeten", snoefde hij. Maar Lucien Buysse hield voet bij stuk. Bottecchia keek eens schichtig om zich heen en kneep vervolgens de remmen dicht. Vooraan begonnen ze meteen te vlammen. Uiteindelijk arriveerde Bottecchia op ruim drie minuten van de koplopers. Hij sloeg krijtwit uit en kon geen woord uitbrengen. Bij het avondeten dutte hij in. En toen gebeurde iets onwaarschijnlijks: Bottecchia plofte neer op tafel, pardoes met zijn hoofd in een bord hete soep. Hij werd niet wakker. Voorzichtig droegen zijn ploegmaats hem naar zijn kamer. De volgende dag vreesden ze het ergste. Maar de Italiaan peddelde weer fluitend in het peloton. Alsof er helemaal niets was gebeurd. Hij won de Tour met bijna een uur voorsprong.