Düsseldorf, 31 juli 2006. Aan de vooravond van de dertigste Ronde van Duitsland en in afwachting van de ploegenvoorstelling roept de speaker een kleine jongen het podium op om aan een spelletje deel te nemen. 'Vertel eerst even wie jouw favoriete renner is?' Het jongetje aarzelt even en antwoordt dan: 'Hmm... Niet meer Jan Ullrich...'
...

Düsseldorf, 31 juli 2006. Aan de vooravond van de dertigste Ronde van Duitsland en in afwachting van de ploegenvoorstelling roept de speaker een kleine jongen het podium op om aan een spelletje deel te nemen. 'Vertel eerst even wie jouw favoriete renner is?' Het jongetje aarzelt even en antwoordt dan: 'Hmm... Niet meer Jan Ullrich...' Uit het publiek stijgen hoongelach op en een fluitconcert aan het adres van de genoemde renner. Het is dan precies tien dagen geleden datUlle zijn ontslag heeft gekregen bij T-Mobile: 'Jan had ons verteld dat hij niets te maken had met dokterFuentes, maar we zijn erachter gekomen dat hij hem geregeld belde. Het is nog niet bewezen dat hij doping heeft genomen, maar omdat hij gelogen heeft, kunnen we niet langer vertrouwen in hem hebben.' Het kan verkeren. Jan Ullrich moet nog 24 worden wanneer hij op een julidag in 1997 in de gele trui en met de Duitse vlag in de hand triomferend over de Champs-Elysées rijdt. Hij is de eerste Tourwinnaar 'van aan de overkant van de Rijn', zoals de Fransen hun oosterburen graag afstandelijk benoemen. Alle kenners, van Bernard Hinault tot Eddy Merckx, zijn het erover eens dat een nieuwe heerschappij is aangebroken: ze voorspellen dat het nieuwe wonderkind nog vijf, zes keer de Tour zal winnen. Terug in zijn thuisland krijgt Ullrich al snel een idee van wat zijn overwinning teweeg heeft gebracht. Het onthaal in Bonn wordt live op tv uitgezonden, tienduizenden juichende fans staan op het plein bij het stadhuis. Er breekt in Duitsland een ongeziene wielergekte los. 'Ik reed wedstrijden in Bühl, Hamburg, Schwerin en Berlijn, en nooit eerder had ik in mijn land zoveel mensen bij wielerwedstrijden gezien', vertelt Ullrich in zijn biografie. 'Overal werden enorme feesten georganiseerd, het was gewoon fantastisch.' Enkele maanden later vraagt Der Spiegel zijn lezers wie de grootste Duitse sporter aller tijden is. Ullrich krijgt de meeste stemmen achter zijn naam, meer dan voetballer Franz Beckenbauer, F1-rijder Michael Schumacher, bokser Max Schmeling en tennisser Boris Becker. De renner zelf vindt de vergelijkingen met die andere grote kampioenen allemaal wat overdreven en begrijpt op dat moment niet echt de historische dimensie van zijn zege voor de Duitse Radsport. Terwijl in 1995, twee jaar voor Ullrichs triomf, manager Walter Godefroot nog een gemengd team met het Italiaanse ZG Mobili op de been moest brengen om met Telekom überhaupt aan de Tour te mogen deelnemen, komen in 2003 liefst drie Duitse teams aan de start: behalve Telekom ook Gerolsteiner en Bianchi. Aan die eeuwfeesteditie van de Tour nemen zeventien Duitsers deel, een record (voorlopig alleen in 2007 gebroken: achttien). In het fraaie shirt van Bianchi brengt Ullrich de troon van Lance Armstrong aan het wankelen. Zijn populariteit bereikt een ongekende hoogte en zelfs zijn tweede plaats in de Tour zal volstaan om in eigen land voor de tweede keer verkozen te worden tot Sportman van het Jaar, ten nadele van Schumacher, nochtans wereldkampioen formule 1. Symbolisch voor de Duitse Welle rond de eeuwwisseling is ook de wedergeboortevan de Deutschland Rundfahrt, de nationale ronde met een geschiedenis die teruggaat tot 1911 en in 1999 na zeventien jaar nieuw leven wordt ingeblazen. Zelfs in 2006, vlak na het uitbarsten van de zaak-Fuentes, staan in de eerste etappe tussen Düsseldorf en Bielefeld in de gietende regen 500.000 toeschouwers langs de kant van de weg: de hoogste opkomst ooit, verkondigen de organisatoren trots. Ook de kijkcijfers van de live-uitzendingen op ARD zijn vergelijkbaar met die van het jaar voordien, toen Ullrich nog meestreed om de eindzege. 'Vroeger interesseerden de mensen zich enkel via Ullrich voor het wielrennen, maar nu ze de smaak te pakken hebben gekregen, houden ze zelfs zonder Ullrich van deze sport', vertelt deoptimistische gastcommentator Marcel Wüst bijna tien jaar na de Tourtriomf van Der Junge. Op dat moment moeten veel dominostenen echter nog vallen. De karavaan heeft nog maar een dag Düsseldorf verlaten, wanneer dopingexpert Werner Franke op de Duitse tv verklaart bewijzen te hebben dat Ullrich zich bij Fuentes gedopeerd heeft en heel het arsenaal bij naam noemt. Zes maanden later roept de oud-Tourwinnaar de pers bijeen om zijn afscheid van de wielersport aan te kondigen, het begin van een voorjaar vol dopingverhalen. De etterbuil barst helemaal open met de publicatie van de memoires van ex-Telekomverzorger Jef D'hont. Onder anderen Rolf Aldag, Udo Bölts, Christian Henn en de Deen Bjarne Riis geven toe dat ze in de jaren negentig epo gebruikten. Zelfs Mr Clean Erik Zabel, zesvoudig groenetruiwinnaar en met twaalf ritzeges tot op vandaag de succesvolste Duitser in de Tour, gaat door de knieën. De Tour 2007 luidt definitief het einde in van het gouden decennium van de Duitse wielersport. Tien dagen voor de start raakt bekend dat Matthias Kessler positief heeft getest op testosteron. Enkele dagen later doet Jörg Jaksche in Der Spiegel een boekje open over zijn band met dokter Fuentes en trekt daarbij Walter Godefroot mee in zijn val. Wanneer midden in de Tour ook nog eens het nieuws uitlekt dat de beloftevolle Patrik Sinkewitz van T-Mobile buiten competitie betrapt is op een te hoog testosterongehalte, is voor de Duitse media de maat vol. ARD en ZDF, die gezamenlijk en afwisselend de Tour in de ether brengen, beslissen de rechtstreekse tv-verslaggeving stop te zetten en hun 120 man sterke ploeg van journalisten en technici per direct terug te trekken. Hetzelfde ARD dat ooit een exclusiviteitscontract met Ullrich afsloot voor 200.000 euro en T-shirts op de markt bracht met net onder het eigen logo dat van T-Mobile... Toch is de kelk dan nog altijd niet tot de bodem leeg. Uiteindelijk moeten ook de onbreekbaar gewaande fundamenten onder het Duitse wielrennen eraan geloven. Vooral de biecht van Sinkewitz dat de universiteitskliniek van Freiburg, partner van het T-Mobile Team, zich ook in 2007 nog met dopingpraktijken inlaat, slaat in het magenta huis in als een bom. Eind november 2007 kondigt de telecommunicatiereus in navolging van Adidas de stopzetting van zijn teamsponsoring aan. T-Mobile, op dat moment de oudste hoofdsponsor in de ProTour (sinds 1991), legt 25 miljoen euro (!) op tafel om het lopende contract te verbreken en niets meer met wielrennen te maken te hebben. Uit de as verrijst High Road (Columbia/HTC), dat bijzonder succesvol zal zijn, maar eveneens zal verdwijnen eenmaal de geërfde verbrekingsvergoeding van T-Mobile is opgesoupeerd. Tegen die tijd heeft ook de hoofdsponsor van een tweede Duits ProTourteam, Gerolsteiner, de Radsport de rug toegekeerd. Een beslissing die niets met doping te maken heeft maar alles met behaalde communicatiedoelstellingen, hoewel de ploeg niet van affaires gespaard bleef. De Duitser Stefan Schumacher en de Oostenrijker Bernhard Kohl, revelaties in de Tour 2008, worden retroactief betrapt op cera (epo). Het resulteert in Duitslands 'zwarte donderdag' 16 oktober 2008: de organisatie van de Ronde van Duitsland deelt die dag mee dat er geen volgende editie komt en tegelijk verkondigt ARD dat het de Tour niet meer zal uitzenden. Eerst wordt de soep niet zo heet geheten en komt de publieke omroep, gedwongen door een lopend contract en op vraag van ZDF, op haar beslissing terug, weliswaar met rechtstreekse uitzendingen van slechts één uur. Maar uiteindelijk blijkt een complete aftocht toch onafwendbaar. Vanaf 2012 is de Tour noch op ARD noch op ZDF rechtstreeks te bekijken. 'De Tour is de afgelopen jaren zo impopulair geworden bij het Duitse televisiepubliek dat een live-uitzending niet meer gerechtvaardigd is', klinkt het in een gezamenlijk statement van de twee zenders. Ver weg is de tijd van de kijkcijferrecords van 2003, toen ARD en ZDF tussen de vijftien en twintig procent marktaandeel haalden en op piekmomenten negen miljoen kijkers lokten. Terwijl in Duitsland in de periode 1997-2005 gemiddeld ruim drie miljoen mensen op de Tour afstemden, is hun aantal in 2010 bijna gehalveerd. De afkalvende aandacht leidt ertoe dat de Nederlandse manager Gerry van Gerwen geen opvolger vindt voor Milram, het team met het karakteristieke koeienvlekkenshirt, en dat Duitsland het in 2011 voor het eerst sinds de val van de Muur van Berlijn zonder eersteklasser moet rooien. Parallel met die evolutie loopt het contingent Duitse renners in het profpeloton (WorldTour en procontinentaal) spectaculair terug: van 58 in 2006 naar nog precies de helft anno 2017. Toch is tussen Duitsland en de wielersport inmiddels al enkele jaren opnieuw de Wiedergutmachung ingezet. Paradoxaal genoeg met (onrechtstreekse) dank aan de reuzen van weleer: Ullrich en T-Mobile. Door als eerste Duitser de Tour te winnen groeit Der Jan eind vorige eeuw uit tot het idool van een nieuwe generatie Duitsers geboren vlak voor of na de val van de Muur. Tony Martin bijvoorbeeld, twaalf in 1997, maar ook John Degenkolb, acht dat jaar. Beide Ullrichfans maken hun profdebuut binnen de structuur van High Road, de erfgenaam van T-Mobile. Het is bij diezelfde ploeg dat ook André Greipel zijn eerste ritwinst in een grote ronde boekt (Giro 2008). In 2011, ironisch genoeg net op het moment dat ARD en ZDF besloten hebben om de Ronde van Frankrijk het jaar erop niet langer uit te zenden, knoopt Duitsland na een Tour zonder ritzeges met nieuwe successen aan. De twee etappezeges van Greipel en Martin dat jaar betekenen het begin van eenonwaarschijnlijke bloeitijd voor het Duitse wielrennen. In zes jaar tijd zullen onze oosterburen liefst 26 ritzeges behalen, nagenoeg een derde van alle Duitse dagsuccessen in meer dan een eeuw Tourgeschiedenis.In 2013 en 2015 scoren ze zesmaal, in 2014 zelfs nog een keer meer. Met negen ritzeges zal Marcel Kittel zich naast Greipel (elf) en Martin (vijf) opwerpen als de derde grote hofleverancier voor Duitsland. In tegenstelling tot Degenkolb en Martin - die in hetzelfde jongerenteam in het voormalige Oost-Duitsland werden opgeleid - kiest de blonde kolos als neoprof in 2011 echter niet voor de erfgenaam van T-Mobile, maar voor het Nederlandse Skil-Shimano. Mede dankzij Kittels successen slaagt manager Iwan Spekenbrink erin een Duitse cosponsor aan boord te halen: shampoomerk Alpecin, dat cynisch genoeg ooit Ullrich als ambassadeur had en reclame voerde (en voert) met de slogan 'Doping für die Haare'. Bij de voorstelling begin januari 2015 op de Franse ambassade aan de Pariser Platz in Berlijn is Giant-Alpecin, zoals de ploeg in die periode heet, het eerste WorldTourteam met Duitse licentie sinds Milram in 2010. Het is de enige teamvoorstelling die UCI-voorzitter Brian Cookson die winter bijwoont, 'omdat het zo'n belangrijke dag voor het Duitse wielrennen is'. Andere opgemerkte gast in Berlijn: Tourbaas Christian Prudhomme, die glimmend van blijdschap verkondigt dat ARD die zomer de Tour opnieuw live zal uitzenden. Dat de Duitse markt van grote commerciële waarde is voor ASO, blijkt uit het zachte prijsje dat de omroep kan bedingen: een kleine vijf miljoen euro voor een tweejarig 'proefcontract', terwijl de deals in het verledenopliepen tot bijna tien miljoen euro per jaar. Hoewel Spekenbrink zijn Duitse cosponsor sinds dit jaar kwijt is aan Katjoesja, blijft hij met Team Sunweb sterk focussen op de ontwikkeling van het Duitse wielrennen. Zo worden er vanuit de ploeg ieder jaar eind mei, begin juni Deutsche Talent-Tage georganiseerd. Jonge renners - zowel jongens als meisjes - kunnen er drie dagen proeven van het leven in een WorldTourploeg en kennismaken met de coaches en wetenschappelijke staf van het team en de Duitse wielerfederatie. Ze worden fysiek en mentaal gescreend en gestimuleerd om hun capaciteiten verder te ontwikkelen, in de hoop dat ze ooit tot de WorldTour kunnen doorstoten. 'Dankzij het partnerschap met de Duitse wielerbond hebben we een goed overzicht van al het talent in Duitsland', vertelde Spekenbrink bij de lancering van het project. 'Duitsland is het Europese land met in absolute cijfers het grootste aantal fietsers. Steeds meer Duitsers ervaren dat fietsen in al zijn vormen leuk, gezond, sociaal en milieuvriendelijk is. Die trend helpt ons om ons doel waar te maken: het wielrennen in Duitsland globaal helpen ontwikkelen zodat het land een invloedrijke speler in de wielerwereld kan worden en blijven.' Met de oprichting van een continentaal Development Team Sunweb is de opleidingspiramide sinds dit jaar compleet, vanaf de basis tot de top. Het jongerenteam vaartonder Duitse vlag, werkt met de staf van het WorldTourteam en richt zich vooral op Duitse renners. Die langetermijnambitie sluit naadloos aan bij de doelstellingen van Sunweb, een merk van de in Zürich gevestigde touroperator Sundio, die Duitsland - de grootste uitgaande reismarkt van Europa - als een belangrijke groeipool beschouwt. Op die manier raakt het Duitse wielrennen steeds minder afhankelijk van de voormalige Oost-Duitse opleidingsteams, waar de budgetten stilaan zijn opgedroogd. Na drie edities zonder Duitse teams vaardigt Duitsland nu voor het derde jaar op rij twee formaties naar de Tour af. Voor het eerst sinds 2008 gaat het ook om twee WorldTourteams: Team Sunweb en Bora-Hansgrohe. Dat laatste team legt onder leiding vanmanager Ralph Denk een razendsnelparcours af. De ploeg zag in 2010 als Team NetApp het levenslicht in de derde klasse, was van 2011 tot 2014 als procontinentaal team de enige Duitse profformatie en promoveerde afgelopen winter met de komst van groene trui Peter Sagan en bolletjestrui Rafal Majka naar de hoogste afdeling. De sponsorcontracten van zowel Sunweb als Bora en Hansgrohe lopen nog tot minstens eind 2019. Zo rust het Duitse wielrennen tien jaar na de exit van T-Mobile eindelijk weer op een duurzame sokkel. Dat ook de grootste wedstrijdorganisator over de Duitse grens investeert, is een ander levend bewijs van de verzekerde toekomst. ASO kocht zich recent in bij de Rund um den Finanzplatz, de naar de WorldTour gepromoveerde wedstrijd op 1 mei rond Frankfurt. Emblematisch is vooral de terugkeer van de Ronde van Duitsland, die na een decennium in 2018 door ASO in partnership met de Anschutz Entertainment Group (AEG) opnieuw tot leven wordt gewekt. Het laatste bezoek van de Tour aan Duitsland dateert van 2005. Toen was het voor de renners uitkijken om niet ten val te komen tussen de dikke drommen toeschouwers. Ook nu verwacht Düsseldorf veel kijklustigen: volgens de meest conservatieve berekeningen van Deloitte minstens één miljoen. André Greipel, een van de weinige Duitsers in het Tourpeloton die er elf jaar geleden in Düsseldorf al bij waren voor de Ronde van Duitsland, schetste ooit treffend de Wende die de wielersport in zijn land heeft doorgemaakt: 'Er was een tijd, niet heel langgeleden, dat ik niet wilde zeggen dat ik renner was. Ik kreeg anders alleen maar negatieve commentaar. Ging ik een lening vragen bij de bank om te bouwen, dan kreeg ik er geen, want "ooit zou ik toch betrapt worden op doping en mijn inkomen kwijt zijn". Vandaag staan mensen opnieuw open voor onze sport, omdat de nieuwe generatie renners gebroken heeft met het verleden.' Op 1 juli woont Greipel de officiële verzoeningsceremonie bij. Dan worden de huwelijksgeloften tussen de Tour en Duitsland hernieuwd, deze keer hopelijk voor in goede én kwade dagen. Benedict Vanclooster