Hoe verrassend was dit nieuws, ook voor de teamleiding van de ploeg Jumbo-Visma?

Jonas Creteur: 'Hoe Tom Dumoulin sinds zijn Girozege en wereldtitel tijdrijden in 2017 met zichzelf, met de druk en de bekendheid als topwielrenner geworsteld heeft, is de voorbije jaren uitgebreid belicht geweest. In interviews waarin hij er zélf uitvoerig over sprak. Of in de documentaire Code Geel, over de Tour van Jumbo-Visma vorig jaar.
...

Jonas Creteur: 'Hoe Tom Dumoulin sinds zijn Girozege en wereldtitel tijdrijden in 2017 met zichzelf, met de druk en de bekendheid als topwielrenner geworsteld heeft, is de voorbije jaren uitgebreid belicht geweest. In interviews waarin hij er zélf uitvoerig over sprak. Of in de documentaire Code Geel, over de Tour van Jumbo-Visma vorig jaar.'Een opstapeling van twijfels die hem in de eerste maanden van vorig jaar al bijna deed beslissen om te stoppen met wielrennen - wat Dumoulin ook vertelde na de laatste Tourrit in Parijs. Fysiek gekweld door een darmparasiet, maar ook door de kwelduivel in zijn hoofd. Extra aangewakkerd door de daaropvolgende coronapandemie en lockdownperiode, die zijn bestaan als wielrenner/vedette nog meer deden relativeren. 'De ploeg, met name sportief directeur Merijn Zeeman, heeft de maanden erna, ook via psychologen, geprobeerd om Dumoulin mentaal weer op het juiste pad te zetten. Al kostte dat bijzonder veel energie, bijna dagelijkse gesprekken tussen hem en Zeeman. Het was zelfs niet eens zeker of Dumoulin de uitgestelde Tour zou halen. Dat lukte, maar daar werd de druk op hem nog veel groter, duidelijk te zien in documentaire Code Geel. Onder meer in het fragment waarin de Nederlander huilend zegt dat hij de pijn van zijn zitvlakprobleem niet meer aankan. Al was dat toen ook minstens evenzeer een mentaal probleem. 'Na de Tour leek het weer beter te gaan met Dumoulin, tot de teamstage in Alicante. Tot verbazing van de ploegleiding droop de neerslachtigheid weer van zijn gezicht. Teamarts Peter Verstappen en Merijn Zeeman moesten bijna dagelijks op hem inpraten. Bijkomende, en misschien wel laatste, druppel die de emmer deed overlopen, was het overlijden van een familielid tijdens de stage. De afscheidsdienst moest hij digitaal volgen, op tweeduizend kilometer afstand. 'Vrijdagavond kwam dan het definitieve breekpunt, in een gesprek met Verstappen, Zeeman en hoofdtrainer Mathieu Heijboer. Daarin hebben zij aan Dumoulin voorgesteld om zijn carrière even on hold te zetten, omdat hij bleef twijfelen en worstelen met zichzelf.'Creteur: 'Zelden heb ik een renner zo'n moeilijke boodschap zo opgewekt zien vertellen, met zijn kenmerkende blinkende oogjes. Wat Dumoulin zelf ook aanhaalde: "Er is een rugzak van 100 kilo van mij afgevallen." En wat ze ook bij de ploeg zagen de ochtend erna: Dumoulin leek de gelukkigste mens ter wereld, hij heeft zelfs geen traan gelaten toen hij afscheid nam. 'Een enorm contrasterend beeld in vergelijking met het beeld van Dumoulin in het filmpje, getiteld: The Prologue, waarin renners en ploegleiders van Jumbo-Visma de ambities voor 2021 uit de doeken deden. Ongelukkig genoeg vorige vrijdagmiddag gelanceerd, enkele uren voor Dumoulin definitief zou beslissen om zijn carrière even stop te zetten. 'Het filmpje begint dan ook nog eens met Dumoulin die zegt: "2019 was het jaar van de pech, 2020 was het jaar van de pech en de comeback, ik hoop dat 2021 een succesjaar wordt." Op zijn quote werd een beeld gezet van de Nederlander op zijn tijdritfiets, waarin hij even in de camera kijkt, maar rap zijn ogen afwendt, turend richting de grond, zichtbaar nadenkend.'Later in het fimpje vertelt hij over zijn seizoensprogramma, met voor het eerst onder meer de Ronde van Vlaanderen. Een zet om hem weer het plezier in het koersen te doen terugvinden. "Het wordt lachen", zegt Dumoulin letterlijk, die ook spreekt over het superparcours van de Tour, met twee tijdritten, en over de Spelen die een speciaal plekje in zijn hart hebben. "Ik kijk ernaar uit", klinkt het. Maar dat bleek dus een façade.'De zichtbare, grote opluchting doet ons vermoeden dat Dumoulin niet meer zal terugkeren. En als hij dat wel doet, dan bestaat de kans dat hij na enkele maanden weer zal hervallen, gebukt onder de druk. Tenzij hij zich een compleet andere rol aanmeet, als helper, zoals Robert Gesink. Maar kan iemand met zijn palmares, en zijn enorme fysieke kwaliteiten, daar dan wél gelukkig van worden? En tot welke reacties zal dat dan leiden? En kan hij die dan van zich afzetten, zelfs na de professionele hulp die hij nu opnieuw zal opzoeken?'Dumoulin mist immers de gave om, zoals ze het in Nederland zo mooi noemen, aan alles "het schijt" te hebben, aan wat mensen van hem denken en van hem verwachten. Misschien is hij daardoor niet geschikt om een topsporter te zijn: iets te weinig robot, te veel een fietsende Rodin, een denker.'Mogelijk zal hij na maanden reflecteren ook tot die conclusie komen, dat hij het ook niet meer wil. En kiest hij voor Tom, de mens. Zeker als hij ziet hoe gelukkig Marcel Kittel, die ook stopte omdat hij de druk niet meer aankon, nu is. Beiden hebben elkaar de voorbije dagen zelfs al gesproken. Als Dumoulin die keuze maakt, dan is dat allerminst schande. En dan moeten we dat ook respecteren.''Zelfs als hij stopt, ligt de wereld, op zijn pas dertigste, open voor hem. Hij is welbespraakt, intelligent en kan misschien zelfs weer gaan studeren. In een nieuw bestaan kan hij veel gelukkiger worden. Al zouden we zo'n talent als Dumoulin natuurlijk ook graag terugzien in het peloton.' Creteur: 'Goed mogelijk, want zij zijn heus niet de enigen die met die mentale problemen worstelen. Andere renners, zoals Adrien Costa, Peter Kennaugh, Lennard Kämna, hebben de voorbije jaren al tijdelijk of definitief hun carrière stopgezet, maar dat kwam minder voor het voetlicht dan met sterren als Kittel en Dumoulin. Toch is het verwonderlijk dat niet meer renners die beslissing al hebben genomen. Zij hebben natuurlijk niet de financiële luxe die Kittel of Dumoulin wel hebben.'Mogelijk kan hun keuze het taboe om je mentale zwakte als toprenner/sporter toe te geven, doen verdwijnen, want dat bestaat nog altijd. Weliswaar minder dan tien, twintig jaar geleden toen renners zelden of nooit gingen spreken met een psycholoog. Dat raakte de voorbije jaren steeds meer ingeburgerd - zie naar de rol van Jef Brouwers bij Deceuninck-Quick-Step, of Nathan Kahan bij Lotto-Soudal - maar toch hebben we de indruk dat dat nog altijd meer als curatief dan preventief gezien wordt. 'Zeker in deze moeilijke coronatijden is gebleken hoe zelfs de allerbeste topsporters mentale problemen hebben. De getuigenissen van onder meer zwemicoon Michael Phelps of atletiekvedette Noah Lyles waren op dat vlak een openbaring. 'Zoals wielerploegen, maar ook andere topsportclubs de beste fysiektrainers en diëtisten aanwerven, zo zouden ze daarom ook een psycholoog in dienst moeten nemen. Pyschologen die topsporters, van jongs af, dagelijks/wekelijks opvolgen. Zelfs voor atleten die mentaal sterk in hun schoenen staan.'Kijk naar Wout van Aert. Een nuchtere Kempenaar, met een bijna onbreekbare winnaarsmentaliteit, maar hij ging de voorbije jaren toch geregeld op zijn éigen initiatief langs bij psychloog Rudy Heylen. Zoals hij onlangs vertelde in een interview met Sport/Voetbalmagazine: "Ik zie mentale training als een aanvulling om mij als atleet nog beter te maken. 'Een voorbeeld dat elke atleet zou moeten volgen, hoe sterk of zwak hij in zijn hoofd ook is."