Jef Van den Bosch: 'Het begon als een heel gewone dag. 's Ochtends ben ik Michael in Parijs aan de ploegbus nog even een goeiedag gaan zeggen voor hij naar de start reed. Je geeft hem een hand en wenst hem het beste: 'Succes en tot straks.' 'Merci', zei hij. Dat typeerde hem. Hij was iemand die altijd goed gezind, dankbaar, beleefd en positief was.
...

Jef Van den Bosch: 'Het begon als een heel gewone dag. 's Ochtends ben ik Michael in Parijs aan de ploegbus nog even een goeiedag gaan zeggen voor hij naar de start reed. Je geeft hem een hand en wenst hem het beste: 'Succes en tot straks.' 'Merci', zei hij. Dat typeerde hem. Hij was iemand die altijd goed gezind, dankbaar, beleefd en positief was. 'Parijs-Roubaix was zijn droomkoers en het was voor hem een bijzondere ervaring om er voor het eerst bij de profs te kunnen starten. Zijn ambitie was om zich te laten opmerken in dienst van Wout van Aert. Zoals hij dat de week daarvoor al in de Ronde van Vlaanderen had gedaan. Daar reed hij toen zo'n honderd kilometer mee in de aanval. 'Ik kende Michael al vele jaren. We komen uit dezelfde regio en vroeger fietste ik al eens met zijn oudere broer Kristof en met Cedric Van Lommel. Als jonge kerel was Michael daar toen soms ook al bij. In de periode dat hij de overstap van de beloften naar de profs moest maken, zijn we weer in contact gekomen en zo begonnen samen te werken. 'Michael was iemand die veeleisend was voor zichzelf, die er eigenlijk alles voor deed wat je er kunt voor doen. Door profrenner te worden was een droom in vervulling gegaan en de komende jaren wou hij stap voor stap groeien. 'Dit is een regio waar het wielrennen leeft en als je kind zijn sport op die manier beoefent en het van jongs af aan allemaal zo goed gaat, is het normaal dat de familie daar ook heel gedreven in meegaat. De mama, de papa en de broer, allemaal stonden ze altijd voor Michael klaar. 'Aan de ploegbus 's ochtends in Parijs sprak ik ook kort met de ouders van Michael. Gewoon even zeggen waar ik op het parcours zou staan en hen succes wensen met hun zoon.' 'Ik stond in het Bos van Wallers, goed op tijd, op het gemak te wachten tot de mannen er aankwamen. Tot het moment dat ik berichten kreeg dat Michael gevallen was. Eerst denk je: oké, dat komt wel in orde... Want een valpartij, dat gebeurt in de koers wel vaker. Toen bleek dat het er toch niet goed uitzag, belde ik zijn broer. Die was al helemaal in paniek. Het ging om een hartstilstand en Michael was na de behandeling ter plaatse met een helikopter naar het ziekenhuis in Rijsel gebracht. Ik ben direct naar mijn auto gelopen en naar ginder gereden. Je weet dat het heel ernstig is, maar denkt nog altijd: het komt wel goed. Daar aangekomen zie je dat het héél ernstig is. Dat liet een arts duidelijk verstaan. Maar je bent machteloos. Je zit samen met de familie te wachten in de wachtzaal, de minuten duren uren en de uren duren eeuwen en je weet niet wat je moet doen. Ondertussen is er amper informatie, behalve dat het niet goed is, dat het heel slecht is en dat het niet verbetert. De emoties lopen hoog op, want dat kun je niet vatten. Wat daar dan gebeurt, is niet uit te leggen. 'Je blijft zeggen: dat is niet mogelijk! Want Michael zat zelfs in een screeningsprogramma, van bij de belofteploeg van Lotto al, was heel nauw opgevolgd en nog veel uitgebreider gescreend geweest dan anderen. In november nog was hij gescreend en nooit was er iets vastgesteld. Je denkt dus: het is onmogelijk dat er iets fout gaat met zijn hart, dat kan gewoon niet! Je moet proberen kalm te blijven en te blijven hopen, maar het wachten is eindeloos. Je zoekt informatie en klampt al eens iemand aan, verplegend personeel dat je voorbij ziet lopen, maar niemand kan exact vertellen wat er aan de hand is. Ondertussen staan buiten mensen van de pers, die ook hun job moeten doen, en ga je hen even briefen. Want het laatste wat je wilt, is dat daar een confrontatie met de familie komt.' 'Tot de allerlaatste seconde hoop je dat het toch nog enigszins goed komt. Tot 's avonds laat de dokter je komt vertellen dat het niet goed is afgelopen. 'Ik heb heel slecht nieuws, Michael heeft het niet gehaald...' Bam! Dan stort je wereld in. Het echte besef komt niet meteen, eerst denk je nog: dat kan niet! Het is een roes waar je in komt, een rollercoaster van emoties. Maar wat later komt de confrontatie met het feit dat je zoon, je broer en je vriend - zijn vriendin Dana was er ook bij - er niet meer zal zijn. Dan komt het er vooral op aan elkaar in de mate van het mogelijke te ondersteunen, want de pijn die zij dan voelen is niet te vatten. 'Wat dan rest, is afscheid nemen, hoewel het besef er nog niet is. Dan kun je niets meer zeggen, dan moet je er gewoon zijn. Op dat moment ben je niet de manager, maar moet je er zijn als mens om hen zo goed mogelijk op te vangen. 'Uiteindelijk ga je naar huis en kun je niet anders dan Michael achterlaten. De laatste wens van de ouders is op dat moment dat ook hij zo snel mogelijk naar huis kan terugkeren. Maar ook dat was weer verschrikkelijk lang wachten. Door de procedures die in Frankrijk doorlopen moesten worden, duurde dat véél te lang. Sowieso wordt er bij zo'n jonge sporter gekeken naar de oorzaak van het plotse overlijden en daar komt het parket bij kijken, maar ginder wordt daar op een heel andere manier mee omgegaan dan in België. Dat duurde een eeuwigheid en bovendien werd je aan je lot overgelaten. Eigenlijk is dat een pure schande. Op een moment dat die mensen in shock zijn, zóveel moeten verwerken, dat zo laten aanslepen, niet communiceren, hen zo in het ongewisse laten over hun eigen kind ... dat is onmenselijk. Dat wil je niet meemaken. Ik was toen bijna elke dag bij hen en dan zeg je: komaan, waar is de menselijkheid van dat parket?! Dat maakte het voor hen extra zwaar. Die machteloosheid creëerde een soort innerlijke woede die echt sporen nalaat.' 'Natuurlijk stel je je duizend en één vragen. Waarom uitgerekend Michael? Waarom een hartstilstand? Waarom is het niet gebeurd terwijl hij aan de start of ergens stil stond? Was het dan anders afgelopen? Maar op alle vragen een antwoord krijgen ... dat gaat niet. En uiteindelijk, op het einde van de rit: Michael komt niet meer terug. Dus moet je proberen dat een plaats te geven. Voor zover je dat een plaats kúnt geven, want het blijft je leven beheersen. Je zit thuis namelijk met een lege stoel. 'Dat is een proces van jaren en dat verandert het leven van die mensen. Dat kan niet anders. Want je doet alles voor je kinderen en je denkt er niet aan dat je dit gaat meemaken. Maar best ook, want zo kun je niet leven, met die gedachte. Maar als je het meemaakt, is het de hel die losbarst. Ik denk niet dat je als mens iets ergers kunt meemaken. Het is de moeilijkste periode uit heel je leven. Troost kan niemand op dat moment brengen. Onmogelijk. Je hoeft niets te zeggen, je moet er gewoon zijn, luisteren en de dingen die op hen afkomen proberen weg te nemen. 'Je mag niet vergeten: het gebeurde in een van de grootste wielerwedstrijden die er zijn. Een koers die op de nationale tv kwam en waar heel veel mensen mee meeleven en op reageren. Dan kom je onvermijdelijk in een onvoorstelbare rollercoaster van alles en nog wat terecht. Als je sereen afscheid wilt nemen van je zoon, je broer en je vriend, heb je helemaal geen behoefte aan wat daar allemaal bij komt kijken. Sereen afscheid nemen is de essentie en dus zorg je dat de familie dat op een heel waardige manier kan doen. 'Michael is weer thuis nu. Ooit komt het moment dat je dat kunt plaatsen, maar vergeten ga je het nooit doen. Dat is de moeilijkheid.' 'Na Wouter Weylandt en Rob Goris is Michael al de derde jonge renner van wie ik op die manier afscheid moet nemen. Maar nog altijd kan ik niet beschrijven wat het is om zo plots je kind te verliezen. Michael staat daar voor het eerst aan de start van zijn droomkoers, die heroïsche wedstrijd waarnaar hij zo uitkeek. Dat is een droom die in vervulling gaat en dan eindigt die zo! Wat je als ouder dan moet meemaken, is onbeschrijflijk. 'Zulke situaties doen je anders denken. Wat ik leerde, is: wees positief. Ik ben van nature een positief en empathisch persoon, maar nu leg ik nog meer de focus op die positiviteit en probeer dit ook mee te geven met anderen. Dat is ook de manier waarop ik zoveel mogelijk werk. Bij mij gaat het in deze mooie sport om de mens achter de sporter, die zich wil ontplooien. Daar geniet ik van, van te zien hoe onze renners evolueren. Ik zeg voor een koers ook dikwijls: amuseer je, geniet ervan. Dat is de boodschap die ik uitdraag. In eender welke situatie waarin je terechtkomt, probeer er iets positiefs in te zien en put er kracht uit om verder te gaan. Als je in negativiteit blijft steken, heb je niet veel meer aan het leven. Met positief zijn ga je anders in het leven staan en ga je nog heel ver komen. 'Ik weet ook wel: het kan niet altijd meteen. In deze zeer ernstige situaties is de verwerking zo zwaar dat er momenten zijn dat je absoluut geen boodschap hebt aan dat positieve gedoe. Maar toch komt het er altijd weer op neer. We kunnen er niets meer aan veranderen, het leven gaat verder en we moeten het pakken zoals het komt. Als je het verdriet samen en elk op zijn eigen manier kunt verwerken en van elkaar aanvaarden, kun je daar als familie heel sterk uitkomen. Maar het is een verwerkingsproces dat je tijd moet geven. Het komt er ook op aan over je emoties te durven te praten om het te kunnen aanvaarden en te kunnen plaatsen. Iedereen heeft een ander verwerkingsproces.' 'Uiteindelijk kreeg Michael in de kerk van Hallaar, Heist-op-den-Berg, een heel mooi, heel sereen afscheid. Wie erbij was, zal hem herinneren zoals hij was: iemand die heel positief in het leven stond en heel graag gezien was. Een toffe goedlachse jonge gast. That's it. Meer moet dat niet zijn. Zo moeten we hem onthouden. Hij zou niet liever willen dan dat wij ook nu op een positieve manier in het leven blijven staan. Die glimlach is wat blijft, die moeten we koesteren. 'Pak die vast, neem die over, trek je eraan op!' 'De ouders van Michael zijn heel warme mensen die al hun hele leven klaarstaan voor hun kinderen én voor anderen, en zo moeten ze blijven. Maar het is nog altijd vers natuurlijk. Alles voor de eerste keer zonder Michael meemaken, straks Parijs-Roubaix zonder hem, dat is enorm confronterend. 'Ik ben organisator van een profkoers in de buurt, de Heistse Pijl, en sinds vorig jaar is dat 'In memoriam Michel Goolaerts' geworden. Dat is onze manier om Michael te blijven herinneren. Mijn vrouw maakte ter nagedachtenis een kunstwerk met heel veel symboliek, dat werd uitgereikt aan de strijdlustigste renner van de koers. Michael was dat zelf ook, een strijdlustige renner. 'Zeker is dat Parijs-Roubaix altijd een dag zal zijn waarop je stilstaat bij wat er vorig jaar is gebeurd. Dat is onvermijdelijk. Er bestaat een foto van onze laatste begroeting. Van mij staat enkel mijn arm erop, dus dat is een beeld dat je normaal niet behoudt. Maar doordat alles anders liep, kreeg die laatste handdruk natuurlijk een bijzondere betekenis. Je ziet Michael nog even net voor de start in Parijs en zegt hem 'komaan, succes en tot straks' en hij zegt 'merci', maar in plaats van dat je hem later op de dag op de piste in Roubaix ziet aankomen... Onvoorstelbaar. Parijs-Roubaix zal voortaan anders zijn dan vroeger.'