Bradley Wiggins maalde de voorbije Ronde van Frankrijk af aan een gemiddelde snelheid van 39,883 km/u, een fractie sneller dan de editie van vorig jaar (39,788 km/u) en de elfde snelste Tour uit de geschiedenis.

Het record staat op naam van Lance Armstrong, die bij zijn zevende en laatste Touroverwinning in 2005 een gemiddelde snelheid bereikte van 41,654 km/u.

Het blijft moeilijk om de verschillende edities te vergelijken, omdat het parcours telkens verschilt, maar het is wel opvallend dat la vitesse moyenne de laatste drie jaar telkens onder de 40 kilometer per uur lag, terwijl tussen 1999 en 2009 er slechts drie Rondes waren met een gemiddelde van minder dan 40. Zou het peloton dan toch zuiverder geworden zijn?

Elf snelste edities Ronde van Frankrijk:

41,654 km/u: Lance Armstrong (2005)

40,940 km/u: Lance Armstrong (2003)

40,784 km/u: Oscar Pereiro (2006)

40,553 km/u: Lance Armstrong (2004)

40,492 km/u: Carlos Sastre (2008)

40,315 km/u: Alberto Contador (2009)

40,276 km/u: Lance Armstrong (1999)

40,070 km/u: Lance Armstrong (2001)

39,983 km/u: Marco Pantani (1998)

39,920 km/u: Lance Armstrong (2002)

39,883 km/u: Bradley Wiggins (2012)

Veel opgevers Het percentage opgevers (22,73 %, of 45 van de 198) gestarte renners lag wel beduidend hoger dan in de voorbije vier jaar (15,66% in 2011, 13,71% in 2010, 13,33% in 2009 en 19,44% in 2008).

In de laatste tien edities waren er alleen in 2003 (25,76%, niet toevallig in de hittegolf van die zomer) en in 2007 (25,40%) meer renners die de remmen dichtknepen.

Generatie Belgische ronderenners

Jarenlang moest wielerland België tevergeefs hopen op een toptienplaats in een grote ronde, maar die trend lijkt nu omgebogen.

In de Vuelta van 2011 eindigde Maxime Monfort als zesde en Jurgen Van den Broeck als achtste, in de voorbije Giro finishte Thomas De Gendt zelfs op het podium en in de Tour was Van den Broeck goed voor het beste eindklassement (vierde) sinds Lucien Van Impe in 1983.

Het is van 1982 geleden dat er in drie opeenvolgende grote rondes een Belg in de top tien finishte. Toen werd Michel Pollentier in de Vuelta tweede, bezette Van Impe de vierde plaats in de Giro en eindigde Daniël Willems als zevende in de Tour. (JC)