De wielersport baadt tegenwoordig uitsluitend in een sfeer van nostalgie. Vandaag zendt Sporza nog eens de editie van Luik-Bastenaken-Luik uit die, in 1999, door Frank Vandenbroucke werd gewonnen.

Geen renner die zich zo op de oudste klassieker focuste als Moreno Argentin. De Italiaan won La Doyenne vier keer. De wedstrijd leek voor hem op maat geknipt. Omdat hij als geen ander renner in staat was om in volle beklimming te exploderen en dan puur op macht stand te houden. Op voorwaarde dat die helling niet te lang uitviel. Moreno Argentin was een Ardense jager. Maar in Italië viel niemand achterover van zijn prestaties.

Geen renner die Luik-Bastenaken-Luik zo graag reed als Claude Criquielion. In tegenstelling tot zijn twee zeges in de Waalse Pijl, won hij de klassieker nooit. Criquielion werd twee keer tweede en één keer derde, hij zat vijf keer in de kopgroep.

Eén nederlaag, in 1987, was bijzonder pijnlijk. Criquielion was de absolute topfavoriet. Met een snedige demarrage op La Redoute brak hij de koers open. Alleen Stephen Roche kon hem volgen. Met twee gingen ze de finale in. Op vijftien kilometer van het einde bedroeg de voorsprong nog anderhalve minuut, op een klein groepje, met onder meer Moreno Argentin. Het kwam tot een discussie tussen Criquielion en Roche. Ze reden niet door en zagen op drie kilometer van de streep, tussen de wagens, zigzaggend Argentin naderen. Die haalde het gemakkelijk in de sprint.

WK 1988

Claude Criquielion was een innemende persoonlijkheid. Zijn naam zal eeuwig verbonden blijven aan het voor hem traumatisch WK van Ronse in 1988. Daar, op vijftien kilometer van zijn woonplaats, maakte hij zich klaar om voor de tweede keer wereldkampioen te worden. De wedstrijd verliep volgens een vooraf uitgetekend scenario: Criquielion had zich uit een afgeslankt peloton losgerukt, samen met de Italiaan Maurizio Fondriest en de Canadees Steve Bauer.

De Waal bleek zeker van zijn stuk. Geen meter van het parcours was hem onbekend. En vooral: hij wist hoe je de nijdige helling van de Kruisberg, waar het eindpunt lag van dit wereldkampioenschap, moest overwinnen. Het zat als het ware in zijn geest gebrand.

En dan gebeurde het: op 75 meter van de meet kwakte de ruige en roekeloze Bauer hem tegen de omheining. Criquielion kwam ten val en de verbaasde Italiaan Maurizio Fondriest pakte de wereldtitel. Het beeld van de protesterende Criquielion die met het wiel in de hand en te midden van een almaar meer opborrelende volkswoede over de streep stapte, ging de wereld rond.

Drie uren na dit drama ledigde Criquielion in zijn woning in Twee-Acren met twee verslaggevers van dit magazineeen fles champagne. De afspraak voor een reportage was vooraf gemaakt en Criquielon hield zich daaraan. Hij had de champagne vooraf gekoeld om de wereldtitel passend te vieren. Nu was de smaak bitter.

Criquielion, die anders nooit de controle over zichzelf verloor, bestempelde Bauer als een bandiet en kondigde aan juridische stappen te ondernemen. Hij zou woord houden. Tot diep in de nacht stonden er honderden mensen voor zijn woning. Die sympathiebetuigingen deden hem goed. Claudy, zoals de Waalse pedalleur vertederend werd genoemd, nam de tijd om met de mensen te converseren. Ook in deze voor hem donkere uren toonde hij zijn ware gedaante: een altijd bereikbare kampioen, wars van vedetteneigingen en iedere vorm van egotripperij. Door die eenvoud verwierf hij ook in Vlaanderen een immens grote populariteit. Criquielion schaafde ook zijn Nederlands snel bij. Hij werd in zekere zin een verbindingsteken tussen Vlaanderen en Wallonië.

Meer dan vijf jaar is het intussen geleden dat Claude Criquielion overleed. De herinnering aan hem zal zeker nu herleven. Want dit was zijn week.

De wielersport baadt tegenwoordig uitsluitend in een sfeer van nostalgie. Vandaag zendt Sporza nog eens de editie van Luik-Bastenaken-Luik uit die, in 1999, door Frank Vandenbroucke werd gewonnen.Geen renner die zich zo op de oudste klassieker focuste als Moreno Argentin. De Italiaan won La Doyenne vier keer. De wedstrijd leek voor hem op maat geknipt. Omdat hij als geen ander renner in staat was om in volle beklimming te exploderen en dan puur op macht stand te houden. Op voorwaarde dat die helling niet te lang uitviel. Moreno Argentin was een Ardense jager. Maar in Italië viel niemand achterover van zijn prestaties.Geen renner die Luik-Bastenaken-Luik zo graag reed als Claude Criquielion. In tegenstelling tot zijn twee zeges in de Waalse Pijl, won hij de klassieker nooit. Criquielion werd twee keer tweede en één keer derde, hij zat vijf keer in de kopgroep. Eén nederlaag, in 1987, was bijzonder pijnlijk. Criquielion was de absolute topfavoriet. Met een snedige demarrage op La Redoute brak hij de koers open. Alleen Stephen Roche kon hem volgen. Met twee gingen ze de finale in. Op vijftien kilometer van het einde bedroeg de voorsprong nog anderhalve minuut, op een klein groepje, met onder meer Moreno Argentin. Het kwam tot een discussie tussen Criquielion en Roche. Ze reden niet door en zagen op drie kilometer van de streep, tussen de wagens, zigzaggend Argentin naderen. Die haalde het gemakkelijk in de sprint.Claude Criquielion was een innemende persoonlijkheid. Zijn naam zal eeuwig verbonden blijven aan het voor hem traumatisch WK van Ronse in 1988. Daar, op vijftien kilometer van zijn woonplaats, maakte hij zich klaar om voor de tweede keer wereldkampioen te worden. De wedstrijd verliep volgens een vooraf uitgetekend scenario: Criquielion had zich uit een afgeslankt peloton losgerukt, samen met de Italiaan Maurizio Fondriest en de Canadees Steve Bauer. De Waal bleek zeker van zijn stuk. Geen meter van het parcours was hem onbekend. En vooral: hij wist hoe je de nijdige helling van de Kruisberg, waar het eindpunt lag van dit wereldkampioenschap, moest overwinnen. Het zat als het ware in zijn geest gebrand.En dan gebeurde het: op 75 meter van de meet kwakte de ruige en roekeloze Bauer hem tegen de omheining. Criquielion kwam ten val en de verbaasde Italiaan Maurizio Fondriest pakte de wereldtitel. Het beeld van de protesterende Criquielion die met het wiel in de hand en te midden van een almaar meer opborrelende volkswoede over de streep stapte, ging de wereld rond.Drie uren na dit drama ledigde Criquielion in zijn woning in Twee-Acren met twee verslaggevers van dit magazineeen fles champagne. De afspraak voor een reportage was vooraf gemaakt en Criquielon hield zich daaraan. Hij had de champagne vooraf gekoeld om de wereldtitel passend te vieren. Nu was de smaak bitter. Criquielion, die anders nooit de controle over zichzelf verloor, bestempelde Bauer als een bandiet en kondigde aan juridische stappen te ondernemen. Hij zou woord houden. Tot diep in de nacht stonden er honderden mensen voor zijn woning. Die sympathiebetuigingen deden hem goed. Claudy, zoals de Waalse pedalleur vertederend werd genoemd, nam de tijd om met de mensen te converseren. Ook in deze voor hem donkere uren toonde hij zijn ware gedaante: een altijd bereikbare kampioen, wars van vedetteneigingen en iedere vorm van egotripperij. Door die eenvoud verwierf hij ook in Vlaanderen een immens grote populariteit. Criquielion schaafde ook zijn Nederlands snel bij. Hij werd in zekere zin een verbindingsteken tussen Vlaanderen en Wallonië.Meer dan vijf jaar is het intussen geleden dat Claude Criquielion overleed. De herinnering aan hem zal zeker nu herleven. Want dit was zijn week.