De 21ste Touretappe tussen Rambouillet en de Champs-Élysées in Parijs was officieel dan wel 128 kilometer lang, maar het gala-gehalte van de 68 kilometer lange tocht richting de lichtstad bleek opnieuw hoog. Een slakkengangetje, veel tijd voor babbels tussen de vermoeide renners, en fotomomentjes tussen Tourwinnaar Bernal en zijn volledige team, zijn teammanager Dave Brailsford, en later zijn landgenoten. Tijdens de aanloop naar Parijs viel wel nog een winnaar te noteren: Julian Alaphilippe werd door een jury van experts en publiek unaniem verkozen tot de meest strijdlustige van deze Tour.

Eenmaal in de straten van de Franse hoofdstad kwam de gang in het peloton, onder leiding van Team Ineos. Terwijl de zakkende zon over het monumentale Parijs voor imposante beelden zorgde, zocht het peloton zich doorheen het Louvre een weg naar de Champs-Élysées. Daar staken Omar Fraile, Tom Scully, Nils Politt en Jan Tratnik een laatste keer hun neus aan het venster met een aanval. De vier bouwden een voorsprong van ruim een halve minuut uit en reden het grootste deel van de acht lokale ronden vooruit.

In de achtervolging drukten de Belgen nog een laatste keer hun stempel: Maxime Monfort, Thomas De Gendt en Dries Devenyns hoorden bij de ploegmaats die zich ook in de slotrit dubbel plooiden voor hun sprinters. Door hun toedoen kwam de algemene hergroepering er op twaalf kilometer van de streep. De laatste uitval in deze Tour kwam eveneens op naam van een Belg te staan: olympisch kampioen Greg Van Avermaet trok net na het ingaan van de laatste ronde ten aanval, maar kende daar weinig succes mee.

In de sprintvoorbereiding stroopte smaakmaker Alaphilippe een laatste keer de mouwen op in dienst van Elia Viviani, maar die kwam er uiteindelijk niet aan te pas. Edvald Boasson Hagen zette de spurt van ver in, maar als twee duiveltjes uit een doosje schoten Dylan Groenewegen en Caleb Ewan langs links en rechts het sprintende peloton voorbij. De Australiër was de snelste van de twee, voor de derde keer in zijn debuut-Tour dus, en hij zorgde zo voor de vierde rit-overwinning voor zijn Belgische team Lotto Soudal in deze ronde.

In de klassementen zoals verwacht geen veranderingen meer van van belang. Egan Bernal (Team Ineos) is op zijn 22ste de allereerste Colombiaanse eindwinnaar van de Tour. Hij houdt in de eindafrekening een voorsprong van 1:11 over op zijn Britse ploegmaat Geraint Thomas. De Nederlander Steven Kruijswijk, 1:31 langer onderweg dan Bernal, mag voor het eerst in zijn carrière het Tourpodium op. Beste Belg in het klassement bleef Xandro Meurisse, die zijn eerste Tour afsluit op de 21ste plaats.

De Slowaak Peter Sagan (Bora - Hansgrohe) werd alleenrecordhouder door voor de zevende keer de groene trui mee naar huis te nemen. Hij heeft in het puntenklassement een marge van 68 punten op het nummer 2, Ewan. De Fransman Romain Bardet (Ag2r La Mondiale) kon zijn magere Tour voor een stukje redden met de bolletjestrui. Tim Wellens werd uiteindelijk derde in dat bergklassement. Bernal wint uiteraard ook het witte jongerenshirt, en het Spaanse Movistar Team tot slot stak het ploegenklassement op zak.

Overmand door emoties

Na afloop van de slotrit naar de Champs-Elysées was de 22-jarige tourwinnaar overmand door emoties.

'Dit is ongelooflijk', begon hij. 'Ik weet niet wat ik moet zeggen. Ik heb de Tour gewonnen. Ik ga enkele dagen nodig hebben om dat werkelijk te kunnen bevatten. Ik heb mijn familie al gezien en wil ze zo snel mogelijk omhelzen. Ik voel een vreugde, die ik niet kan beschrijven. Dit is de eerste eindzege voor Colombia. Veel landgenoten hebben het al eerder geprobeerd. Deze sport heeft een enorme traditie in ons land. We hebben al een Giro en een Vuelta gewonnen en enkel een Tour ontbrak nog in het rijtje. Colombia verdient dit. Ik ben blij mijn land dit te kunnen schenken.'

Editie 106 is zesde snelste uit geschiedenis

De 106e Tour is de zesde snelste uit de geschiedenis van La Grande Boucle. De Colombiaanse eindwinnaar Egan Bernal noteerde een gemiddelde van 40,575 km/u. Dat is hoger dan vorig jaar toen Geraint Thomas won (40,206 km/u), maar lager dan in 2017 bij de vierde eindzege van Chris Froome (40,995 km/u).

Het gemiddelde moet wel worden gerelativeerd want de snelheid is afhankelijk van een rist factoren zoals de weersomstandigheden, de moeilijkheidsgraad van de ritten, etc.. De snelste Tour uit de geschiedenis is die van 2005, toen Lance Armstrong zijn zevende en laatste eindzege pakte. De Amerikaan deed dat met een gemiddelde van 41,654 km/u. Later moest Armstrong al zijn overwinningen inleveren wegens dopinggebruik.