Philippe Gilbert plaatste zich met zijn wereldtitel in Valkenburg definitief in het rijtje van de grootste Belgische wielerkampioenen, maar om het palmares van Merckx, De Vlaeminck, Van Looy, Maertens, of zelfs Museeuw en Boonen te evenaren, heeft hij nog een (heel) eind te gaan.

Al enkele jaren maakt Sport/Voetbalmagazine een ranking op van de beste Belgische renners ooit, louter gebaseerd op hun palmares. Zo'n puntensysteem (zie onderaan) is altijd arbitrair, maar het geeft wel een richting aan.

Eddy Merckx staat logischerwijs op één met 10205 punten, meer dan het dúbbele van Roger De Vlaeminck (4450), Rik Van Looy (4190) en Freddy Maertens (3750).

Met zijn wereldtitel, zijn 56e profzege (criteriums niet meegerekend), totaliseert Philippe Gilbert nu 1840 punten, goed voor een elfde plaats in de Belgische ranking, of nog geen vijfde van Merckx' puntenaantal, en niet eens de helft van De Vlaeminck of Van Looy. Vooral in het grote rondewerk loopt de nieuwe wereldkampioen achterop met 'slechts' zes ritzeges in Tour, Giro en Vuelta, ten opzichte van enkele tientallen etappe- (en eind)overwinningen voor het bovengenoemde viertal.

Ook Johan Museeuw, vijfde in het klassement met 2365 punten, heeft nog altijd een aanzienlijke voorsprong op de Waal, net als Tom Boonen, die als achtste op korte afstand van de West-Vlaming volgt met 2320 punten.

Het lijdt weinig twijfel dat de bijna 32-jarige Belgische kampioen volgend jaar over Museeuw naar plaats vijf zal springen. Ook Philippe Gilbert heeft met zijn 30 lentes nog heel wat tijd om een aantal plaatsen op te schuiven en misschien Boonen, al goed voor 110 profzeges, naar de kroon te steken als beste Belgische renner van de 21e eeuw. Die twee steken er de laatste tien jaar ook bovenuit, want de derde, Nick Nuyens, totaliseert 'amper' 535 punten, goed voor plaats 49 in het algemene klassement.

Merckx, De Vlaeminck, Van Looy en Maertens blijven voor Boonen en Gilbert sowieso buiten schot, maar die reden ook in een ander tijdperk waarin renners veel meer koersen afwerkten en waarin ze, het dient gezegd, ook minder internationale concurrentie hadden dan de toppers van vandaag.

Jonas Creteur

De Belgische top 15

1. Eddy Merckx 10205

2. Roger De Vlaeminck 4450

3. Rik Van Looy 4190

4. Freddy Maertens 3750

5. Johan Museeuw 2365

6. Herman Vanspringel 2360

7. Rik Van Steenbergen 2355

8. Tom Boonen 2320

9. Lucien Van Impe 2175

10. Walter Godefroot 1965

11. Philippe Gilbert 1840

12. Stan Ockers 1750

13. Briek Schotte 1565

14. Claude Criquielion 1490

15. Michel Pollentier 1370

Het puntensysteem:

Renners verdienden punten op basis van de belangrijkheid van de koers waarin ze hun zege of ereplaats behaalden. Een Tourwinnaar kreeg 250 punten, een renner die de Giro of Vuelta won 150 punten. Verder 80 punten voor een overwinning in middelgrote rondes als Parijs-Nice, 40 punten voor kleinere rittenwedstrijden als de Ronde van België, 200 punten voor het WK op de weg, 100 punten voor de vijf grote eendagsmonumenten, 70 voor semiklassiekers als de Waalse Pijl, tot en met etappes en toptiennoteringen in grote rondes en podiumplaatsen in grote klassiekers.

Philippe Gilbert plaatste zich met zijn wereldtitel in Valkenburg definitief in het rijtje van de grootste Belgische wielerkampioenen, maar om het palmares van Merckx, De Vlaeminck, Van Looy, Maertens, of zelfs Museeuw en Boonen te evenaren, heeft hij nog een (heel) eind te gaan. Al enkele jaren maakt Sport/Voetbalmagazine een ranking op van de beste Belgische renners ooit, louter gebaseerd op hun palmares. Zo'n puntensysteem (zie onderaan) is altijd arbitrair, maar het geeft wel een richting aan. Eddy Merckx staat logischerwijs op één met 10205 punten, meer dan het dúbbele van Roger De Vlaeminck (4450), Rik Van Looy (4190) en Freddy Maertens (3750). Met zijn wereldtitel, zijn 56e profzege (criteriums niet meegerekend), totaliseert Philippe Gilbert nu 1840 punten, goed voor een elfde plaats in de Belgische ranking, of nog geen vijfde van Merckx' puntenaantal, en niet eens de helft van De Vlaeminck of Van Looy. Vooral in het grote rondewerk loopt de nieuwe wereldkampioen achterop met 'slechts' zes ritzeges in Tour, Giro en Vuelta, ten opzichte van enkele tientallen etappe- (en eind)overwinningen voor het bovengenoemde viertal. Ook Johan Museeuw, vijfde in het klassement met 2365 punten, heeft nog altijd een aanzienlijke voorsprong op de Waal, net als Tom Boonen, die als achtste op korte afstand van de West-Vlaming volgt met 2320 punten. Het lijdt weinig twijfel dat de bijna 32-jarige Belgische kampioen volgend jaar over Museeuw naar plaats vijf zal springen. Ook Philippe Gilbert heeft met zijn 30 lentes nog heel wat tijd om een aantal plaatsen op te schuiven en misschien Boonen, al goed voor 110 profzeges, naar de kroon te steken als beste Belgische renner van de 21e eeuw. Die twee steken er de laatste tien jaar ook bovenuit, want de derde, Nick Nuyens, totaliseert 'amper' 535 punten, goed voor plaats 49 in het algemene klassement. Merckx, De Vlaeminck, Van Looy en Maertens blijven voor Boonen en Gilbert sowieso buiten schot, maar die reden ook in een ander tijdperk waarin renners veel meer koersen afwerkten en waarin ze, het dient gezegd, ook minder internationale concurrentie hadden dan de toppers van vandaag. Jonas Creteur