Na het sprintersbal van woensdag, met de zege voor Alberto Dainese, kreeg het peloton een typische rit voor aanvallers voorgeschoteld. Klassementsrenners hadden niet veel baat bij deze overgangsrit. Voor sprinters - Caleb Ewan kwam niet meer aan de start - was het te lastig. Dus was er veel animo om in de vlucht te geraken. Mathieu van der Poel waagde zijn kans, net zoals Lawson Craddock en een paar anderen, maar het peloton liet niet begaan.

Het tempo lag verschroeiend hoog in het eerste wedstrijduur, 55 kilometer per uur, maar niemand raakte weg. Pas na de tussensprint in Borgo Val di Taro, gewonnen door paarse trui Arnaud Démare, slaagde een groep van ruim 20 renners erin om weg te rijden uit het peloton. Dries De Bondt en Alessandro De Marchi zagen het gevaar en probeerden nog de oversteek te maken, maar zonder succes. Vooraan vielen geen Belgen te bespeuren, wel heel wat Nederlanders: Bauke Mollema, Mathieu van der Poel, Oscar Riesebeek, Wilco Kelderman, Pascal Eenkhoorn en Gijs Leemreize. Voorts nog Andrea Vendrame, Stefano Oldani, Valerio Conti, Santiago Buitrago, Jasha Sütterlin, Davide Ballerini, Simone Consonni, Magnus Cort, Vincenzo Albanese, Lorenzo Rota, Rein Taaramäe, Michael Schwarzmann, Willie Barta, Lucas Hamilton, Matteo Sobrero, Nico Denz, Luca Covili, Davide Gabburo en Edoardo Zardini.

Meer dan 5:30 gunde het peloton hen aanvankelijk niet, Wilco Kelderman was immers een gevaarlijke klant voor het klassement met slechts een achterstand van 11 minuten op de roze trui. De kopgroep draaide goed rond, onderweg werd door de organisatie Wouter Weyland herdacht die in 2011 om het leven kwam op de Passo del Bocco.

Bij de beklimming van La Colletta ging Lorenzo Rota op zoek naar de bergpunten en greep hij op de top de volle buit. Hij zette door, en in de afdaling maakten Oldani en Leemreize de oversteek naar de koploper. Het trio verzamelde snel een bonus van 30 seconden op hun vroegere metgezellen.

Quick-Step Alpha Vinyl was vooraan niet vertegenwoordigd, Ballerini wou daar verandering in brengen. Van der Poel sprong mee, ook Riesebeek ging wat later aan op zoek naar de koplopers.

Maar op de Valico di Trensasco ging het stevig bergop, Van der Poel moest gas terugnemen. Hij zag Bauke Mollema, Wilco Kelderman, Santiago Buitrago en Lucas Hamilton voorbijsnellen, op zoek naar de drie koplopers. Intussen liet het peloton begaan, het volgde al op 7:30 van het leiderstrio.

Mollema en co knokten voor wat ze waard waren, maar kwamen niet dichter. De drie leiders begonnen aan de laatste 15 kilometer met 1 minuut voorsprong op het achtervolgende kwartet, op drie kilometer was dat nog 45 seconden. In de slotkilometer probeerde Leemreize voor de verrassing te zorgen, maar Rota dichtte het gaatje. Leemreize zette vervolgens als eerste de sprint aan, Oldani sprong op zijn wiel en bezorgde Alpecin-Fenix een tweede ritzege (Van der Poel won de openingsrit) in deze Giro. Wilco Kelderman finishte als zesde op 57 seconden en deed een goede zaak voor het klassement, aangezien het peloton op ruim 9 minuten van de winnaar finishte.

Vrijdag starten de renners in Sanremo (Ligurië) voor een tochtje van 150 kilometer naar Cuneo (Piëmont). Daar wordt een massasprint verwacht. De enige noemenswaardge hindernis van de dag, de Colle di Nava (9,1 km, 6;8 %), ligt immers op bijna honderd kilometer van de finish.

Na het sprintersbal van woensdag, met de zege voor Alberto Dainese, kreeg het peloton een typische rit voor aanvallers voorgeschoteld. Klassementsrenners hadden niet veel baat bij deze overgangsrit. Voor sprinters - Caleb Ewan kwam niet meer aan de start - was het te lastig. Dus was er veel animo om in de vlucht te geraken. Mathieu van der Poel waagde zijn kans, net zoals Lawson Craddock en een paar anderen, maar het peloton liet niet begaan. Het tempo lag verschroeiend hoog in het eerste wedstrijduur, 55 kilometer per uur, maar niemand raakte weg. Pas na de tussensprint in Borgo Val di Taro, gewonnen door paarse trui Arnaud Démare, slaagde een groep van ruim 20 renners erin om weg te rijden uit het peloton. Dries De Bondt en Alessandro De Marchi zagen het gevaar en probeerden nog de oversteek te maken, maar zonder succes. Vooraan vielen geen Belgen te bespeuren, wel heel wat Nederlanders: Bauke Mollema, Mathieu van der Poel, Oscar Riesebeek, Wilco Kelderman, Pascal Eenkhoorn en Gijs Leemreize. Voorts nog Andrea Vendrame, Stefano Oldani, Valerio Conti, Santiago Buitrago, Jasha Sütterlin, Davide Ballerini, Simone Consonni, Magnus Cort, Vincenzo Albanese, Lorenzo Rota, Rein Taaramäe, Michael Schwarzmann, Willie Barta, Lucas Hamilton, Matteo Sobrero, Nico Denz, Luca Covili, Davide Gabburo en Edoardo Zardini. Meer dan 5:30 gunde het peloton hen aanvankelijk niet, Wilco Kelderman was immers een gevaarlijke klant voor het klassement met slechts een achterstand van 11 minuten op de roze trui. De kopgroep draaide goed rond, onderweg werd door de organisatie Wouter Weyland herdacht die in 2011 om het leven kwam op de Passo del Bocco. Bij de beklimming van La Colletta ging Lorenzo Rota op zoek naar de bergpunten en greep hij op de top de volle buit. Hij zette door, en in de afdaling maakten Oldani en Leemreize de oversteek naar de koploper. Het trio verzamelde snel een bonus van 30 seconden op hun vroegere metgezellen. Quick-Step Alpha Vinyl was vooraan niet vertegenwoordigd, Ballerini wou daar verandering in brengen. Van der Poel sprong mee, ook Riesebeek ging wat later aan op zoek naar de koplopers. Maar op de Valico di Trensasco ging het stevig bergop, Van der Poel moest gas terugnemen. Hij zag Bauke Mollema, Wilco Kelderman, Santiago Buitrago en Lucas Hamilton voorbijsnellen, op zoek naar de drie koplopers. Intussen liet het peloton begaan, het volgde al op 7:30 van het leiderstrio. Mollema en co knokten voor wat ze waard waren, maar kwamen niet dichter. De drie leiders begonnen aan de laatste 15 kilometer met 1 minuut voorsprong op het achtervolgende kwartet, op drie kilometer was dat nog 45 seconden. In de slotkilometer probeerde Leemreize voor de verrassing te zorgen, maar Rota dichtte het gaatje. Leemreize zette vervolgens als eerste de sprint aan, Oldani sprong op zijn wiel en bezorgde Alpecin-Fenix een tweede ritzege (Van der Poel won de openingsrit) in deze Giro. Wilco Kelderman finishte als zesde op 57 seconden en deed een goede zaak voor het klassement, aangezien het peloton op ruim 9 minuten van de winnaar finishte. Vrijdag starten de renners in Sanremo (Ligurië) voor een tochtje van 150 kilometer naar Cuneo (Piëmont). Daar wordt een massasprint verwacht. De enige noemenswaardge hindernis van de dag, de Colle di Nava (9,1 km, 6;8 %), ligt immers op bijna honderd kilometer van de finish.