11

Zoveel veldritten heeft Eli Iserbyt dit seizoen al gewonnen, en we zijn pas eind november. Hij doet daarmee al één zege beter dan in het hele seizoen 2019/20, toen hij tien keer de beste was (plus ook in de Cyclocross Masters in Waregem).
...

Zoveel veldritten heeft Eli Iserbyt dit seizoen al gewonnen, en we zijn pas eind november. Hij doet daarmee al één zege beter dan in het hele seizoen 2019/20, toen hij tien keer de beste was (plus ook in de Cyclocross Masters in Waregem).Ter vergelijking: sinds het profdebuut van Mathieu van der Poel en Wout van Aert in 2014 hebben, naast Iserbyt, alleen die twee de kaap van tien overwinningen gerond: de Nederlander in élk seizoen sindsdien (van 2014/15 tot 2020/21), de Belg alleen in 2014/15, 2015/16 en 2016/17.Slechts zoveel keer eindigde Iserbyt níét op het podium dit seizoen, op 17 crossen. In de Ethias Cross in Meulebeke drong hij niet aan en werd hij vijfde (ploegmaat Michael Vanthourenhout reed toch voorop) en op het EK in Drenthe (pas 12e) beleefde hij een opmerkelijke offday, gezien zijn dominantie voor en erna.13 keer op 17 races finishte de West-Vlaming zelfs in de top twee. Van de 13 grootste afspraken (klassementscrossen plus EK) won Iserbyt er acht, of 61 procent.Iserbyts zegetotaal (UCI-crossen) bij de profs, op een leeftijd van 24 jaar en 1 maand. Ter vergelijking: Wout van Aert was 21 jaar, 3 maanden en 4 dagen oud toen hij dat aantal bereikte, Mathieu van der Poel 21 jaar, 9 maanden en 18 dagen. Al weten we intussen hoe uitzonderlijk die twee zijn. Zelfs Kannibaal Sven Nys was al bijna 23,5 jaar oud toen hij zijn 28e triomf bij de profs boekte.De gemiddelde voorsprong waarmee Eli Iserbyt zijn 11 zeges dit seizoen behaalde. Drie keer in de buurt van een halve minuut, in Waterloo, Ruddervoorde en op de Koppenberg. Achtmaal bedroeg zijn voorsprong 11 seconden of minder, met zelfs een sprint in Niel, tegen Toon Aerts. De West-Vlaming wint dus meestal dankzij zijn killersinstinct en tactisch vernuft in de slotfase, zoals ook afgelopen weekend in Merksplas en Koksijde.Na overwinningen in Overijse en op de Koppenberg, op 31 oktober en 1 november, realiseerde Iserbyt afgelopen weekend zijn tweede dubbel (twee zeges in twee dagen) van het seizoen, bovendien telkens in twee klassementscrossen.De laatste 10 jaar zijn alleen Mathieu van der Poel en Sven Nys daar in geslaagd. Van der Poel zette drie 'klassementsdubbels' neer in 2016/17, vijf (!) in 2018/19 en twee in 2019/20. Nys vervolledigde zijn laatste twee dergelijke dubbels op één seizoen in 2013/14. Noot: Van Aert realiseerde ook vijf dubbels in zijn carrière, maar telkens met minstens één zege in een 'losse' cross.In alle regelmatigheidscriteriums (Wereldbeker, Superprestige en X2O Trofee) staat Iserbyt aan de leiding. In de Wereldbeker zelfs met ruime voorsprong: 245 vs. 176 punten voor Toon Aerts, 175 punten voor Lars van der Haar en 175 punten voor Quinten Hermans. Aangezien Aerts en Van der Haar zullen passen voor enkele wedstrijden (Besançon en Val di Sole), lijkt de eindzege in de Wereldbeker Iserbyt niet meer te kunnen ontglippen, behoudens een opgave. En zelfs in dat geval heeft hij (met 40, 30 en 25 punten voor de eerste drie) nog wat speling.In de X2O Trofee (een klassement op tijd) heeft de Kuurnenaar na één wedstrijd (Koppenberg) 29 seconden voorsprong op Toon Aerts en ruim anderhalve minuut op Lars van der Haar. Met nog zeven crossen te rijden is er nog veel mogelijk, maar nu al lijkt Aerts zijn enige overgebleven concurrent.In de Superprestige heeft Iserbyt na vier van de acht crossen (waarvan hij er al drie won) drie punten voorsprong op Quinten Hermans (58 vs. 55 punten) en vier op Toon Aerts (54). Ook dat is, gezien de intervallen van 1 punt per plaats, geen kleine marge.Kan Iserbyt alle drie de klassementen winnen, dan realiseert hij wat alleen Mathieu van der Poel (2017/18), Wout van Aert (2015/16) en uiteraard Sven Nys (vijf keer op rij, tussen 2004/05 en 2008/09) hem hebben voorgedaan. MvdP en WvA opvallend genoeg slechts één keer, gezien zij de laatste jaren een deel van het seizoen misten, of elkaar in de weg stonden.In zoveel van zijn 28 profzeges versloeg Eli Iserbyt een van de 'Grote Twee': Wout van Aert in Kortrijk en Boom vorig seizoen, toen de pas gestarte Kempenaar nog op gang kwam. Mathieu van der Poel klopte hij dus nog een enkele keer. Dat wordt dus dé uitdaging van de West-Vlaming wanneer de twee tenoren terugkeren in het veld (Van Aert op 4 december in Boom, Van der Poel op 18 december in Rucphen).