Jouw erelijst op het BK is indrukwekkend: in twaalf deelnames, de jeugdreeksen inbegrepen, heb je al negen keer op het podium gestaan.

Sweeck: 'Het prikkelt natuurlijk dat er een trui op het spel staat, maar waarom ben ik op het BK altijd top en op het WK bijvoorbeeld niet? Ik begrijp het zelf evenmin. Op andere crossen heb ik al vaak gedacht: nu ga ik hier eens koersen alsof het een BK is. Blijkt niet te werken.'

Hoe groot acht je de kans dat je hem zondag in Meulebeke opnieuw pakt?

Laurens Sweeck: 'Ik sluit het niet uit, maar het parcours lijkt me meer iets voor mijn ploegmaat Eli Iserbyt. Hij is in goeden doen, en Meulebeke ligt in zijn achtertuin. Hij zal scherp staan.'

Pauwels Sauzen-Bingoal, jouw team, telt drie favorieten. Wordt er op voorhand een tactiek besproken?

Sweeck: 'Niet in de zin van: "Eli demarreert eerst, daarna ik, en dan is het aan Michael Vanthourenhout." Welke scenario's je ook bedenkt, tijdens de wedstrijd zijn het de benen die beslissen.

Door eendrachtig te koersen, help je het lot wel een beetje. Op die manier ben ik in 2020 kampioen geworden: Eli en Michael hebben toen voorbeeldig afgestopt. Ik zal niet beweren dat we de beste vrienden zijn, maar het klikt tussen ons.'

Je hebt dit seizoen naar eigen zeggen nog niet 'het juiste evenwicht' gevonden. Wat bedoel je daarmee?

Sweeck: 'De ene keer schiet ik als een pijl uit een boog, de andere keer voelen mijn benen loom nog voor het startschot klinkt. Ik wil meer regelmaat in mijn prestaties krijgen, en idealiter elke keer als een pijl uit een boog wegsuizen. Het heeft waarschijnlijk te maken met mijn trainingen: zijn die te zwaar of juist niet zwaar genoeg?

'Sowieso heb ik het gevoel dat ik moeilijk onder stoom raak. Ik kom pas op dreef wanneer de koers eigenlijk al gereden is. Dat is niet prettig, alsof je tegen je eigen lijf verliest. Het klinkt extreem zoals ik het nu omschrijf, maar uiteraard gaat het om details. Het verschil tussen net niet aansluiten bij de kopgroep of net wel. Die 'net' scheelt een slok op een borrel.'

Was het plezieriger koersen toen Mathieu van der Poel en Wout van Aert nog vakantie hielden?

Sweeck: 'De buitenwereld denkt blijkbaar dat het niveau met een ruk omhooggaat wanneer die twee erbij komen, maar het ligt sowieso al hoog. Eli Iserbyt, Toon Aerts of Tom Pidcock kunnen ook goed uit de voeten, wees gerust. Prettiger is wel dat de cross meer aandacht krijgt wanneer Wout en Mathieu erbij zijn.

'Ik ken die twee al zo lang. Als negenjarigen zochten we samen kleine veldritten op in Nederland - in België mag je zo jong nog niet crossen. Al zeventien jaar zijn we elk winterweekend op dezelfde plek te vinden. Straf, hè.'

Lees het volledige interview met de Belgisch kampioen in Knack van 6 januari of in de Plus-zone van Knack.

Jouw erelijst op het BK is indrukwekkend: in twaalf deelnames, de jeugdreeksen inbegrepen, heb je al negen keer op het podium gestaan.Sweeck: 'Het prikkelt natuurlijk dat er een trui op het spel staat, maar waarom ben ik op het BK altijd top en op het WK bijvoorbeeld niet? Ik begrijp het zelf evenmin. Op andere crossen heb ik al vaak gedacht: nu ga ik hier eens koersen alsof het een BK is. Blijkt niet te werken.'Hoe groot acht je de kans dat je hem zondag in Meulebeke opnieuw pakt?Laurens Sweeck: 'Ik sluit het niet uit, maar het parcours lijkt me meer iets voor mijn ploegmaat Eli Iserbyt. Hij is in goeden doen, en Meulebeke ligt in zijn achtertuin. Hij zal scherp staan.'Pauwels Sauzen-Bingoal, jouw team, telt drie favorieten. Wordt er op voorhand een tactiek besproken?Sweeck: 'Niet in de zin van: "Eli demarreert eerst, daarna ik, en dan is het aan Michael Vanthourenhout." Welke scenario's je ook bedenkt, tijdens de wedstrijd zijn het de benen die beslissen.Door eendrachtig te koersen, help je het lot wel een beetje. Op die manier ben ik in 2020 kampioen geworden: Eli en Michael hebben toen voorbeeldig afgestopt. Ik zal niet beweren dat we de beste vrienden zijn, maar het klikt tussen ons.'Je hebt dit seizoen naar eigen zeggen nog niet 'het juiste evenwicht' gevonden. Wat bedoel je daarmee?Sweeck: 'De ene keer schiet ik als een pijl uit een boog, de andere keer voelen mijn benen loom nog voor het startschot klinkt. Ik wil meer regelmaat in mijn prestaties krijgen, en idealiter elke keer als een pijl uit een boog wegsuizen. Het heeft waarschijnlijk te maken met mijn trainingen: zijn die te zwaar of juist niet zwaar genoeg?'Sowieso heb ik het gevoel dat ik moeilijk onder stoom raak. Ik kom pas op dreef wanneer de koers eigenlijk al gereden is. Dat is niet prettig, alsof je tegen je eigen lijf verliest. Het klinkt extreem zoals ik het nu omschrijf, maar uiteraard gaat het om details. Het verschil tussen net niet aansluiten bij de kopgroep of net wel. Die 'net' scheelt een slok op een borrel.'Was het plezieriger koersen toen Mathieu van der Poel en Wout van Aert nog vakantie hielden?Sweeck: 'De buitenwereld denkt blijkbaar dat het niveau met een ruk omhooggaat wanneer die twee erbij komen, maar het ligt sowieso al hoog. Eli Iserbyt, Toon Aerts of Tom Pidcock kunnen ook goed uit de voeten, wees gerust. Prettiger is wel dat de cross meer aandacht krijgt wanneer Wout en Mathieu erbij zijn.'Ik ken die twee al zo lang. Als negenjarigen zochten we samen kleine veldritten op in Nederland - in België mag je zo jong nog niet crossen. Al zeventien jaar zijn we elk winterweekend op dezelfde plek te vinden. Straf, hè.'Lees het volledige interview met de Belgisch kampioen in Knack van 6 januari of in de Plus-zone van Knack.