Hier en daar klonk er een kritische stem, zondagnamiddag. Of het wel geloofwaardig was dat een 'sprinter/cyclocrosser' van 72/75/78 kilo (de getallen bleken willekeurig gekozen) de regerende Tourwinnaar, Egan Bernal, bergop zomaar uit het wiel kon rijden?
...

Hier en daar klonk er een kritische stem, zondagnamiddag. Of het wel geloofwaardig was dat een 'sprinter/cyclocrosser' van 72/75/78 kilo (de getallen bleken willekeurig gekozen) de regerende Tourwinnaar, Egan Bernal, bergop zomaar uit het wiel kon rijden?Toch regende het op Twitter, zelfs van doorgaans nuchtere wielerjournalisten/analisten, vooral lyrische bewoordingen voor Wout van Aert na diens kopbeurt op de Grand Colombier. Van 'een cyborg gezonden vanuit de toekomst om de dromen van Colombianen te vernietigen', over 'Half mens, half brommer' en 'Een renner van een andere planeet', tot 'INEOS has just been Wouted.'Thomas Voeckler, de ex-renner die op de motor verslaggeeft, zei zelfs live op de Franse tv dat 'Woet' de Tour kan winnen. En dus barstte het debat (opnieuw) los na de rit - zoals ook al in de eerste Tourweek, na Van Aerts nummer op de klim naar Orcières-Merlette. Of hij ooit op de gele trui moet mikken? Zelf zei de Kempenaar dat hoe hij in de toekomst misschien kan focussen op een rittenkoers van een week, genre Parijs-Nice. Al maakte Jumbo-Vismaploegleider Grischa Niermann meteen de bedenking dat Van Aert liever de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix zou winnen dan de Ronde van Zwitserland.Ook de coach van Wout van Aert, Marc Lamberts, ging eerder deze Tour al op de rem staan. Zijn uitleg, kort samengevat: Van Aert zou, om met de topklimmers mee te kunnen, te veel kilo's moeten verliezen en zo te veel aan kracht moeten inboeten.Toch werd er na de rit van zondag weer gasgegeven en gedroomd: Wout, ooit een Tourwinnaar? Zelfs Johan Bruyneel beweerde dat het kon, in een column op Wielerflits.be en in zijn dagelijkse podcast TheMove. Van Aert deed hem aan Bernard Hinault denken, omdat die ook massasprinten won en bergop een moordend tempo kon opleggen. Niet te vergeten: Bruyneel was de ploegleider die de toen nog 'klassieke' renner Lance Armstrong ervan overtuigde dat de Tour binnen diens bereik lag.Dat waren echtere andere (epo)tijden - ook al gebruikte nagenoeg iedereen toen dezelfde brandstof en was Armstrong een buitengewoon fysiek begaafd atleet. Een atleet die na zijn kankerperiode wel fel was afgeslankt, van ruim 80 naar zo'n 70 kilo.Dat is in vergelijking met de pure berggeiten nog veel, maar nog altijd 6 à 7 kilo minder dan het huidige Tourgewicht van Wout van Aert (77 kilo volgens zijn coach).Dat hij daarmee Egan Bernal en Nairo Quintana om hun moeder deed roepen op de steile stroken van de Colombier, na al twee steile cols te hebben overwonnen, is fenomenaal, maar moet je ook in het juiste kader plaatsen.Tot dan had Van Aert, op enkele korte kopbeurten na, vooral in het wiel van een even indrukwekkende Robert Gesink kunnen meedrijven, tot zo'n 900 meter na het begin van de 17,4 kilometer lange Grand Colombier.Daarna deed de Kempenaar een kopbeurt van 7,7 kilometer, een inspanning van 23 minuten en 10 seconden. Iets waarvan Van Aert perfect wist dat hij dat kon, zei hij achteraf, zich baserend op eerdere wattagegegevens.Op 8,8 kilometer voor de top van de Grand Colombier lag echter ook zijn aankomstlijn. Ook al pikte hij daarna nog aan bij Egan Bernal, om in diens wiel naar boven te rijden, eindigend op 7 minuten en 20 seconden - op dat vlak was de zwalpende Colombiaan dus géén referentie. De andere Tourpretendenten wel. Want nadat Van Aert zich opzij had gezet, moest Tadej Pogacar nog 22 minuten en 25 seconden klimmen tot de finish.Met zijn 77 kilo kan de Kempenaar bergop een full out-inspanning van goed twintig minuten volhouden - of korter (4 à 5 minuten) zoals op de minder steile klim naar Orcières-Merlette - maar dat is nog heel iets anders dan driekwartier met veel lichtere concurrenten tot de top meegaan, zélfs in de wielen.Vergeet ook niet dat Van Aert twee dagen ervoor richting de Puy Mary een mindere dag beleefde (wat hij zelf ook aangaf) en toen op 23 minuten als 59e eindigde.Ja, de Herentalsenaar heeft ook al veel energie verspild om kopman Roglic in vlakke etappes uit de wind te houden, maar op basis van zijn kopbeurt op de Grand Colombier stellen dat Van Aert de Tour kan winnen, is een brug te ver.Zeker in tijden waarin de Tourorganisatie - om het spektakel te verhogen - steeds steilere cols opzoekt. En ook steeds minder tijdritkilometers in het parcours opneemt waarin Van Aert veel tijd zou kunnen nemen op de pure klimmers.Zoals hij dat zaterdag allicht zal doen, richting La Planche des Belles Filles. Een chronorit waarin hij - zo voorspelden we al voor de Tour - op het podium, zelfs op winst kan mikken. Ook al gaan na 30 vlakke/licht golvende kilometers de laatste 6 kilometers stevig omhoog (gemiddeld 8,5 procent). Maar dat is een inspanning bergop van 'slechts' een 17-tal minuten. En dat moet de Kempenaar dus perfect aankunnen. Onze voorspelling: hij, Jumbo-Vismaploegmaats Primoz Roglic en Tom Dumoulin worden in die tijdrit eerste, tweede en derde - al dan niet in een andere volgorde.Ook dan moet Van Aert, die dinsdag zijn 26e verjaardag viert, volgens ons hetzelfde carrièrepad blijven bewandelen: als allrounder mikken op eendagsklassiekers (misschien zelfs alle monumenten), op ritzeges in de Tour en op een beperkt aantal veldritten. Succes en schitterende duels met zijn eeuwige rivaal Mathieu van der Poel verzekerd.Waarom een nieuwe weg inslaan waarbij je allerminst de garantie hebt dat die leidt naar het allerhoogste: Tourwinst? Een weg waarop Van Aert zich mentaal en fysiek zal moeten kwellen, met het risico dat hij het plezier in het koersen zal verliezen. Door maanden honger te lijden om overtollige kilo's kwijt te raken. Door ook veel vaker van thuis weg te zijn, hoog op een berg levend als een monnik, weg van vrouwlief Sarah en zijn zoontje dat komende winter geboren wordt.Het is niet omdat België al sinds 1976 geen Tourwinst kon vieren, dat we nu met zijn allen Van Aert de keuze moeten opdringen om voor de eindzege in de Ronde van Frankrijk te gaan. Laat hem excelleren in wat hij nu doet en hem zo een fabuleuze carrière opbouwen.En voor die gele trui, daarvoor hebben we nog altijd Remco Evenepoel.