December 2006. Op de ploegstage van Predictor-Lotto in Portugal mag de 21-jarige Greg Van Avermaet, een ex-keeper van SK Beveren, voor het eerst met de grote jongens op stap. In de achterzak een pakket adelbrieven, als winnaar van o.m. het BK en Parijs-Tours bij de beloften. Ploegleiders en renners leren al vlug zijn duale karakter kennen: stil naast de fiets - hij durft alleen met streekgenoot Tom Steels te praten -, bijzonder competitief erop. Dat blijkt telkens op het einde van de training, afgesloten met een sprintje op een helling. De eerste keer gewonnen door... neoprof Greg Van Avermaet. De volgende dag zinnen de anciens op wraak. Maar opnieuw sprint de Oost-Vlaming iedereen uit het wiel. En wat Leif Hoste, Wim De Vocht of Johan Vansummeren de volgende dagen ook proberen, Van Avermaet is hen elke keer te vlug af. Na een week hebben ze het begrepen. 'We gaan hem met rust laten.'
...

December 2006. Op de ploegstage van Predictor-Lotto in Portugal mag de 21-jarige Greg Van Avermaet, een ex-keeper van SK Beveren, voor het eerst met de grote jongens op stap. In de achterzak een pakket adelbrieven, als winnaar van o.m. het BK en Parijs-Tours bij de beloften. Ploegleiders en renners leren al vlug zijn duale karakter kennen: stil naast de fiets - hij durft alleen met streekgenoot Tom Steels te praten -, bijzonder competitief erop. Dat blijkt telkens op het einde van de training, afgesloten met een sprintje op een helling. De eerste keer gewonnen door... neoprof Greg Van Avermaet. De volgende dag zinnen de anciens op wraak. Maar opnieuw sprint de Oost-Vlaming iedereen uit het wiel. En wat Leif Hoste, Wim De Vocht of Johan Vansummeren de volgende dagen ook proberen, Van Avermaet is hen elke keer te vlug af. Na een week hebben ze het begrepen. 'We gaan hem met rust laten.' Ploegleider José De Cauwer, die zijn streekgenoot al van bij de jeugd volgt - zijn eerste zege behaalde GVA in de Grote Prijs... José De Cauwer in Temse -, maakt dan al een opvallende vergelijking: 'Greg is als een pitbull. Eens op de fiets bijt hij zich overal in vast. En telt alleen winnen.' DNA geërfd van vader Roland, een ex-profrenner, en moeder Bernadette, ex-wereldkampioene veldlopen bij de militairen. Dat laat hij ook merken in een dubbelinterview met Dominique Cornu. Die ambieert 'top drie in een tijdrit', waarop Van Avermaet fluks reageert: 'Podium? Ik wil wínnen, hoor.' Twee weken later is het al prijs. In de Ronde van Qatar, zijn allereerste profrace in 2007. Nadat de Hammenaar in de vierde etappe in een tweede waaier is beland, toont hij zich de volgende dag, gedreven door revanche, de snelste in de groepssprint. En tikt hij met de vinger op de borst: ík ben de man! 'Bij de beloften heeft niemand mij geklopt in een groep met tien. Waarom zou het hier anders zijn?', klinkt het zelfbewust. Na die ritzege mag Van Avermaet al direct starten in de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix. In Vlaanderens Mooiste moet hij opgeven na een lekke band, in de Hel stormt de eergierige neoprof als allereerste het Bos van Wallers in en finisht hij als 29e. Nog te groen voor een klassiek zege, maar in de zomer plukt hij de 'kleinere' overwinningen wel als rijpe appels: in de Tour de Wallonie, de Rund um die Hainleite en de Memorial Van Steenbergen. Na GVA's veelbelovend debuut zijn de superlatieven niet van de lucht. Ploegleider Herman Frison: 'Mocht Van Avermaet genoteerd zijn op de beurs, dan kocht ik direct een aandeel.' José De Cauwer: 'Greg staat al verder dan Tom Boonen na zijn eerste profjaar. En als hij zich meer intoomt, kan hij er nog véél meer uithalen.' Teammanager Marc Sergeant probeert de pers wat te temperen - 'Leg Greg niet te veel druk op' -, maar op de voorstelling van Silence-Lotto wordt Van Avermaet al gepresenteerd als een van de kopmannen, naast Leif Hoste, RobbieMcEwen en CadelEvans. Steile verwachtingen die de 22-jarige renner zélf aanzwengelt: 'Ik wil niet de man van de kleine races zijn. Ik mik op het allerhoogste.' Als hij in februari/maart 2008 een maand niet kan koersen, wegens een virus, traint hij zich dan ook de ziel uit het lijf. De Cauwer: 'In een lange duurtraining was hij al na 50 kilometer aan het vlammen. 'Greg, rústig! Het is nog vijf uur!' Zó ambitieus.' Ondanks het verstoorde seizoensbegin (2008) wordt Van Avermaet al meteen derde in de E3 Prijs. Sléchts derde, want geringeloord door de sluwere Kurt-Asle Arvesen. Nog meer indruk maakt de Waaslander met een achtste stek in de Ronde van Vlaanderen - na een hele race in dienst van kopman Leif Hoste -, en met een ritzege in de Ronde van België, voor medevluchter Stijn Devolder. Van Avermaet gelooft vol in zijn kansen op het BK in Knokke-Heist, maar daar komt hij in de massasprint te vroeg op kop, ploegmaat Jürgen Roelandts pakt de driekleur. GVA is bijzonder gefrustreerd - 'de ploegleiding durfde geen keuze te maken' - en vooral ontgoocheld. Hij weent in de auto van zijn vader en ligt nadien 'een week in coma'. De kater spoelt Van Avermaet een maand later door in de Tour de Wallonie. Daar klopt Paolo Bettini hem eerst op de Citadel van Namen, arrogant met zijn vinger zwaaiend. Ook de volgende dag laat de Italiaan Tom Boonen de sprint voor hem aantrekken. Overmoedig, want Van Avermaet sprint de wereldkampioen vlot voorbij. En zwaait op zijn beurt met de vinger. Bettini? Die trekt bleek weg. Ruim een maand later, in de Vuelta 2008, een nieuwe climax, maar tegelijkertijd een kantelpunt. Vader Ronald wil zijn zoon eerst niet laten starten - te vroeg op zijn 23e, vindt hij. Ploegdokter Daniël De Neve kan hem echter overtuigen: 'Een grote ronde is goed voor de ontwikkeling van Gregs hart en spieren. Als het op is, halen we hem er meteen uit.' Dat blijkt moeilijk, want Van Avermaet wint de negende rit, voor wereldtoppers als Rebbelin, Flecha en Cunego. 's Avonds belt vader Ronald: 'Nú moet je naar huis!' Zoon Greg heeft echter de puntentrui veroverd en krijgt vanuit het teammanagement, volgens sommigen van sponsor Marc Coucke himself, de opdracht daar voluit voor te gaan. Twaalf dagen lang verdedigt hij de trui tegen de aandringende Alejandro Valverde. Mét succes. Maar achteraf: uitgeperst als een citroen. In het daaropvolgende WK in Varese gaat de uitgemergelde Van Avermaet helemaal over de limiet, om als 17e te eindigen. Bij de nabespreking in de bus schudt en beeft hij van extreme vermoeidheid - er moet zelfs een dokter bijgehaald worden. Het tempert echter amper zijn ambities. En dus doet hij er in de winter nog een schepje bovenop. Een te veel, want in 2009 en 2010 wordt de fonkelende komeet een doffe steen. Eén overwinning slechts, in de Heistse Pijl. Verder alleen ereplaatsen - zijn punch en explosiviteit van in de eerste twee profjaren lijkt verdwenen. Bovendien pakt Van Avermaet een grote schrik wanneer hij in de Scheldeprijs van 2009 zwaar valt en zich daarna lange tijd op cruciale momenten laat wegdringen. Dat gebeurt echter ook bínnen de ploeg. Door Philippe Gilbert, die in 2009 voor een dik salaris naar Silence-Lotto verhuist. Als kopman voor de Ardense klassiekers, maar na een collectief slecht Belgisch openingsweekend wordt de Waal plots tot de leider gebombardeerd voor de Ronde van Vlaanderen. Een goeie zet, want hij eindigt als derde, terwijl Van Avermaet pas als 35e volgt. Voortaan is Gilbert het alfamannetje. En dat leidt tot spanningen. Zoals op het BK in Aywaille waar Boonen Van Avermaet en Gilbert klopt in de sprint, omdat de Luikenaar het nalaat het gat voor zijn ploeggenoot te laten vallen. 'Dat vergeet je niet rap. Het is een van die koersen die niet in mijn voordeel zijn uitgedraaid omdat Philippe alleen aan zichzelf dacht', zegt Van Avermaet daar later over in Sport/Voetbalmagazine. De relatie raakt helemaal bekoeld wanneer Gilbert in het daaropvolgende seizoen (2010) net voor de Ronde van Vlaanderen verkondigt dat hij zijn ploeggenoot 'niet in de finale verwacht'. Van Avermaet vindt dat de ploegleiding hem tot de orde moet roepen, maar dat gebeurt niet. De Waal is dan, zeker na zijn zege in de Ronde van Lombardije 2009, immers onaantastbaar bij Omega Pharma-Lotto. Die status heeft Van Avermaet niet meer, want hij behaalt amper een prijsje. Gefrustreerd immers door de discussies met de ploegleiding. 'Misschien denk ik té veel na. Het hoofd volgt de benen niet, waardoor ik blokkeer.' Van Avermaet recht in de zomer en het najaar de rug, met enkele opvallende ereplaatsen in zware wedstrijden: 11e in San Sebastián, 4e in een bergrit in de Vuelta, 16e in de Ronde van Lombardije, en vooral een 5e plaats op het WK in Geelong, in de groepssprint na Thor Hushovd. Na nochtans veel krachten te hebben verspeeld in een ontsnapping en na een demarrage op de laatste helling. Met... Gilbert in het wiel. Van Avermaet trekt er zich aan op, ook al heeft hij niet meer gewonnen sinds zijn Vueltazege in 2008. Toen slaakte hij nog een zucht van opluchting: 'Het was al veertien dagen geleden dat ik gewonnen had...' De periode van twee jaar zonder UCI-zege tast echter het Heilige Geloof in zichzelf amper aan. 'Ik heb geleerd om uit een ereplaats voldoening te halen. En verliezen raak je op den duur óók gewoon.' Maar, benadrukt GVA in dit magazine: 'In Geelong voelde ik dat ik ooit wereldkampioen kan worden en een klassieker kan winnen. Ik train mij niet te pletter voor een kermiskoers. Die grote zege mag alleen geen obsessie worden. Geen paniek, ik ben tenslotte pas 25. ' Dat de Waaslander zo positief blijft, heeft alles te maken met de zekerheid die hij al sinds juni 2010 heeft: een nieuwe ploeg, BMC, waar hij een vrije rol zal krijgen - verlost van het juk van Gilbert. 'Ik rendeer het best als mijn toekomst vastligt en ik voel dat de ploegleiding vertrouwen in mij heeft. Die aandacht doet me 'speciaal' voelen.' Bij BMC leert Van Avermaet een sleutelfiguur in zijn carrière kennen, ploegdokter/coach: Max Testa. Die raakt onder de indruk van de nuchterheid en het zelfbewustzijn van de Belg. 'Iemand die héél goed wist waar hij naartoe wilde: dé kopman van BMC worden. En: big races winnen', zei Testa vorig jaar in dit magazine. Uit Van Avermaets fysieke testen merkt hij meteen dat die de capaciteiten heeft om zijn dromen te vervullen. Als hij hem tenminste van één zaak kan overtuigen. 'Greg trainde veel, overdreven veel. Té bezeten. Ik moest telkens beklemtonen: 'Je wordt pas écht beter als je wat extra rust neemt.'' Een werk van lange adem echter. In Milaan-Sanremo (2011) komt Van Avermaet wel solo boven op de Poggio - 'Een magisch moment' -, maar in de afdaling wordt hij ingerekend. Die veelbelovende start kan hij niet doortrekken. In de Ronde van Vlaanderen moet hij zich opofferen voor kopman/zijn jeugdidool George Hincapie - van een vrije rol is daar plots geen sprake - en zijn dieet met oog op zijn debuut in de Waalse klassiekers pakt niet goed uit. In Luik-Bastenaken-Luik eindigt hij weliswaar als zevende, een halve minuut na... Philippe Gilbert, maar echt goed voelt een te magere Van Avermaet zich niet. De power die hij in het voorjaar mist, vindt hij terug in de zomer/herfst: overwinningen in de Rondes van Oostenrijk en Wallonië - zijn eerste UCI-zeges sinds de Vueltarit in 2008 -, en vooral zijn eerste klassieke triomf in Parijs-Tours. Eindelijk vertrokken, denkt de Oost-Vlaming, maar dat is buiten een verrassende transfer gerekend: Philippe Gilbert die, na zijn wonderseizoen, óók naar BMC trekt. En wéér het kopmanschap opeist: 'Greg is in het voorjaar op zijn limieten gebotst. Zo'n renner kan geen leider zijn. Ik wel', verklaart de Waal ferm. En zo moet Van Avermaet opnieuw een stap terugzetten. Vader Ronald: 'Een nachtmerrie...' Na Parijs-Tours leek de Waaslandse pitbull klaar om zich definitief vast te bijten aan de top, maar gemuilkorfd door Gilbert is die beet in 2012 niet krachtig genoeg. In de Amstel moet hij zijn 'kopman' afzetten aan de Cauberg. En in de andere klassiekers wordt Van Avermaet gehinderd door hielproblemen en een gekneusde rib, na een val in Milaan-Sanremo. Meer dan een vierde plaats in de Ronde van Vlaanderen, een halve minuut na Boonen, zit er niet in. Bovendien, bekent de ex-doelman, maakt hij tactisch nog vaak verkeerde keuzes. 'Pas als ik die eerste grote zege beet heb, zal het misschien makkelijker lopen om wél de juiste beslissingen te nemen.' In 2013: hetzelfde beeld: vier zeges, in de kleinere Rondes van Utah en Wallonië, en in de klassiekers opnieuw een Freethiel vol ereplaatsen - voor het eerst kennismakend met het fenomeen Peter Sagan (die Gent- Wevelgem wint) en stuitend op een oppermachtige Cancellara (dubbel Ronde/Parijs-Roubaix). Het kantelpunt komt er in de winter van 2014. Allan Peiper en Valerio Piva, de nieuwe sportieve bazen bij BMC, ter vervanging van Gilbertadept John Lelangue, maken van de Oost-Vlaming voor het eerst de énige kopman in de Vlaamse klassiekers. Al levert dat weer geen eerste grote triomf op. In de Omloop laat hij zich in de sprint, vooral uit laksheid, verrassen door Ian Stannard. En in de Ronde van Vlaanderen speelt hij na een lekke band alles of niets. Vroeg in de aanval met Quick-Steprenner Stijn Vandenbergh, maar die blijft op bevel van Patrick Lefevere in het wiel kleven, waardoor Cancellara en Sep Vanmarcke terugkeren. Waarna de sluwe Zwitser de drie Belgen in de luren legt in de sprint. Na een vijfde plaats op het WK in Ponferrada, in de sprint na de solerende Michal Kwiatkowski, voelt Van Avermaet echter meer dan ooit dat een grote zege slechts een kwestie van tijd is. 'Vroeger moest ik passen wanneer het er écht om ging, nu kan ik zélf de beslissing forceren.' Hopend op de Grote Doorbraak, in 2015, krijgt Van Avermaet een mokerslag: net voor de Omloop wordt hij genoemd als een van dé figuren in de dopingzaak rond dokter Chris Mertens. Die schreef in 2012 de corticosteroïde Diprophos voor aan de Oost-Vlaming, ter behandeling van zijn hielprobleem. De Disciplinaire Commissie van de wielerbond spreekt de renner begin mei echter over de volledige lijn vrij. Van Avermaet noemt het nog altijd de donkerste periode uit zijn leven. 'Die zaak woog enorm op mij. Maar ik hield me sterk en heb voortgedaan wat ik het beste kan: fietsen.' Toch kan hij dat voorjaar, opnieuw, geen grote vis uit de vijver halen: in Tirreno-Adriatico schreeuwt Van Avermaet weliswaar de frustraties uit zijn lijf na ritwinst in Arezzo - voor het eerst klopt hij Peter Sagan -, maar in de Ronde en Parijs-Roubaix: telkens derde, na Alexander Kristoff en John Degenkolb. Vooral in Vlaanderen koerst Van Avermaet weer te wild, door veel te vroeg mee te gaan met Aleksej Loetsenko, waarna hij moet passen als Kristoff en Niki Terpstra de beslissende aanval plaatsen. In de Amstel lijkt de Waaslander wél op weg naar de zege, wanneer hij diep in de finale wegraakt met Jakob Fuglsang. De BMC-ploegleiding trekt echter vol de kaart van... Philippe Gilbert. En dus moet GVA in het wiel blijven. Wat hij - typerend voor hem op dat moment - braafjes doet, waarop het duo ingelopen wordt en Kwiatkowski uiteindelijk de sprint wint. Gilbert? Die eindigt pas als tiende. Zijn 'helper' als... vijfde. Maar er komt geen verkeerd woord uit zijn mond, hij heeft immers beloofd dat hij in een dienende rol zou koersen. De kritiek zwelt zo langzamerhand wel aan: 'Van Avermaet is als een voetballer die altijd op de paal schiet', klinkt het. Tot de dertiende rit in de Tour 2015, naar Rodez: een wereldgoal, recht in de winkelhaak. In een sprint bergop klopt hij Sagan op magistrale wijze, over één minuut gemiddeld 900 watt trappend. 'In mijn 30 jaar als coach heb ik zoiets nog niet veel gezien', zegt Max Testa. Met als extra element: de geboorte van Fleur, zijn eerste dochtertje, nog tijdens die Tour, waardoor Van Avermaet ook privé van het opperste geluk proeft. Testa: 'Sinds die zege in Rodez is Greg een andere renner: hij doorgrondt de tactiek van zijn tegenstanders beter, kan zichzelf beter controleren... Boordevol zelfvertrouwen.' En niet meer braafjes reagerend wanneer hem onrecht wordt aangedaan. Zoals in de Clásica San Sebastian, waar een motor hem omverrijdt en hem van de zege houdt. 'Zelden Greg zó woedend gezien', aldus vader Roland. De Van Avermaet 2.0 drijft in 2016 helemaal boven. In de Omloop wringt hij Sagan opnieuw de nek om. Net als in Tirreno-Adriatico waar hij ijzig kalm in het achterwiel van de Slovaak blijft en hem klopt in de sprint - een (voor hem) zelden geziene tactische zet, die hem zelfs de eindzege oplevert. Na een vijfde plaats in Milaan-Sanremo, zijn beste resultaat ooit in de Primavera, moet de Ronde van Vlaanderen zijn gloriemoment worden. Weer valt de hemel echter op zijn hoofd: sleutelbeenbreuk na een val. Maar: na de eerste grote ontgoocheling kan Van Avermaet er twee uur later in het ziekenhuis al om lachen. Testa: 'Dat toont wie Greg écht is. Een optimist die uit een tegenslag iets positiefs haalt en vlug vooruitkijkt.' Dat positieve is meer rust in aanloop naar de Tour en vooral de olympische wegrit in Rio. Te zware kost voor Belgische magen, maar Van Avermaet bijt er zich in vast. Hij bestudeert grondig de lengte en steiltegraad van de beklimmingen en stoomt zich klaar met loodzware trainingen in de Ardennen. Zijn klimmersbenen staan scherper dan ooit. In de lastige Touretappe naar Le Lioran fietst hij Thomas De Gendt bergop uit het wiel. Weer ritwinst én gele trui - zijn eerste. Dé grootste, gouden, triomf, moet dan nog volgen, in Rio. De dagen vooraf merkt David Bombeke, GVA's kinesist, hoe opvallend ontspannen en tegelijkertijd hypergefocust zijn poulain is. 'We hebben al jaren een running gag waarbij Greg voor elke koers zegt: 'De deelnemerslijst gezien? Ik zie niet wie mij zal kloppen.' Deze keer lachte Greg ook, maar je zag dat hij het echt méénde.' Dat blijkt eveneens wanneer Van Avermaet in de kopgroep met vijf renners, net voor de laatste klim, richting bondscoach Kevin De Weert roept: 'Ik rijd ze er allemaal af!' De Weert: 'Zóiets zeggen, op zó'n moment. Een teken van een échte kampioen.' Tot verbazing van heel België, behalve van zichzelf, viert Van Avermaet een uurtje later op de Copacabana. ' The best day of my life!', schreeuwt hij na de finish. Om daarna, in alle interviews te herhalen: 'Vroeger was het altijd net niet. Nu eindelijk wél.' Het grote gat in zijn erelijst is gevuld. Met olympisch goud. Sindsdien fietst de Oost-Vlaming bevrijd rond. 'Mijn carrière is nú al geslaagd. Niets moet nog, alles mag. Druk? Geen last meer van', vertelt hij in eindejaarsinterviews. Nog meer dan vroeger kan hij, zoals coach Max Testa het omschrijft, ook switchen van een relaxte modus voor en na de koers, naar warrior-modus op de fiets, als een krijger pur sang. Maar: veel slimmer koersend, iets wat Van Avermaet naar eigen zeggen 'lang heeft onderschat en zelfs heeft miskend.' Zo wordt hij, zeker na het vertrek van Philippe Gilbert naar Quick-Step, ook de enige kopman bij BMC, een rol die hij ter harte neemt. 'Op mijn 25e was ik nog timide, van nature geen leider. Nu ben ik een totaal andere persoon. Veel opener en jovialer, laat ik zien dat ik vertrouwen heb in de jongens die voor me werken.' Dankbaarheid en leiderschap die Gouden Greg op verschillende manieren uit. Door na Rio elk van zijn Belgische ploegmaats, Gilbert incluis, een luxekoffiemachine van Rocket Espresso te schenken, met hun naam erin gegraveerd. Door bij BMC op trainingsstage of op rustdagen de 'koffieritjes' uit te stippelen. Door voor de verkenning van Parijs-Roubaix in de winter zijn ploegmaats op te halen op Zaventem en hen te trakteren op een etentje. Maar ook door in de koers het bevel als kopman op te eisen, duidelijke richtlijnen gevend. Een zaak is echter altijd gebleven: het onvoorwaardelijke geloof in zichzelf, ondanks alle twijfels van buitenaf. In de vaste overtuiging dat hij, de pitbull van het Waasland, vroeg of laat ook in de grootste koersen zijn tegenstanders zou kapotbijten. Niet meer door zichzelf op de borst te tikken, zoals na zijn allereerste profzege, in de Ronde van Qatar, maar met zijn kenmerkende dab, een Supermangebaar dat hij op verzoek van zijn neefje sinds Rio bij elke zege maakt. Zoals in 2017 in de Omloop, E3, Gent-Wevelgem en in Parijs-Roubaix, zijn eerste zege in een monument. Een historische vierklapper waarin, surfend op een gouden olympische golf, alles vanzelf leek te gaan. Want winnen, dat raakte Van Avermaet - zoals verliezen indertijd - intussen óók gewoon. Ook omdat hij, meer dan ooit, beseft dat het Grote Geluk ergens anders zit: bij zijn vriendin Ellen, dochtertje Fleur, zijn familie. 'Dat is het enige wat écht telt.' Of hoe de pitbull eigenlijk ook een brave labrador is.