Deze reportage verscheen in Sport/Voetbalmagazine van 2 mei 2018.

Jeruzalem, het decor voor de korte openingstijdrit van de 101e Giro d'Italia. In een park op de flanken van Mount Herzl, zo'n drie kilometer van het tijdritparcours, verkennen toeristen de Tuin van de Rechtvaardigen onder de Volkeren. Sommigen houden halt bij een van de gedenkmuren en wijzen een van de 26.000 namen aan die er in steen gebeiteld staan. Namen van beroemdheden, zoals de Belgische koningin Elisabeth, echtgenote van Albert I, maar ook van nobele onbekenden. Namen uit meer dan vijftig landen, overzichtelijk gegroepeerd. In de tweede kolom van de Italiaanse muur, helemaal bovenaan, zowaar die van een wielrenner.

Over zijn geheime missie tijdens de Tweede Wereldoorlog zal Bartali zijn leven lang zwijgen.

Hoe belandt de inscriptie ' Gino Bartali' op een muur van een park in de betwiste hoofdstad van Israël? Een land dat niet één wielerwedstrijd op de UCI-kalender ingeschreven krijgt, nauwelijks fietsinfrastructuur heeft en moest wachten tot respectievelijk 2012 en 2017 op een eerste Israëliër met een profcontract ( Ran Margaliot) en een eerste profteam (Israel Cycling Academy). Hoeveel Joden of Palestijnen hebben weet van de rijke erelijst die de Italiaan tussen 1935 en 1954 bijeen fietste, van zijn twee eindzeges in de Tour, zijn drie Girotriomfen, zijn vier overwinningen in Milaan-Sanremo, zijn drie oppergaaien in de Ronde van Lombardije, zijn vier nationale titels ...?

De erkenning die hij in het Heilige Land geniet, dankt Bartali merkwaardig genoeg niet aan bekers of trofeeën, maar aan zijn rigoureuze trainingsarbeid tijdens de Tweede Wereldoorlog én vooral het geheim dat hij daarbij meedroeg. Want zelfs wanneer ook in Italië het wielerleven onder het kanonvuur uitdooft en hij bij het leger wordt geroepen, blijft Bartali in zijn vrije tijd zijn kilometers malen. Het levert hem in 1942 eindwinst op in de ' Giro di guerra', de surrogaatronde van zijn land die tijdens de oorlog twee keer georganiseerd wordt maar niets anders is dan een regelmatigheidscriterium van een achttal resterende eendagswedstrijden, waaronder Milaan-Sanremo en de Ronde van Lombardije. Bartali beseft echter als geen ander hoe triviaal de betekenis ervan is. Zijn trainingen dienen een hoger doel.

Opdracht van de kardinaal

Wat maakt die oefentochten van de Toscaan met de vale gelaatskleur dan wel zo bijzonder? De afstand? Bartali vertrekt voor dag en dauw vanuit Firenze, om pas bij het vallen van de nacht terug te keren, geregeld met 350 kilometer en meer in de benen. De bestemmingen? Zijn routes leiden opvallend vaak langs kloosters, abdijen en andere gebedsoorden. Maar dat hoeft niet te verbazen: al tijdens zijn carrière staat de kampioen van het fietsenhuis Legnano bekend als Gino de Vrome. In zijn woning heeft hij een kapel laten bouwen waar hij voor iedere koers de hulp van God inroept en na een zege zijn dank betuigt. Zo ook trekt Bartali na zijn overwinning in de Tour 1938 naar de Basilique de Notre-Dame-des-Victoires in Parijs om er een bos bloemen neer te leggen aan de voeten van de Heilige Theresia van Lisieux. Hij is dan al lid van de lekenorde van de Karmel. Op de buis van zijn olijfgroene Legnano heeft hij een medaille met de beeltenis van de heilige laten lassen, die hem moet behoeden voor valpartijen en ongeluk. Geen overbodige luxe.

Vanuit zijn diepe geloof bouwt Bartali een vertrouwensband op met de kardinaal van Firenze, Elia Dalla Costa. Die bezegelt in een kerkje in Firenze in volle oorlog het huwelijk tussen de wielerkampioen en zijn geliefde Adriana, maar is vooral diegene die Bartali de bestemmingen van zijn trainingstochten influistert en hem met een uiterst delicate opdracht belast. Een zending waar Gino de Vrome, in tegenstelling tot zijn illustere rivaal Fausto Coppi bekend om zijn huwelijkstrouw, zelfs zijn kersverse bruid niets over vertelt.

Een beeld uit de Giro van 1938: Gino Bartali met in zijn spoor Olimpio Bizzi. De eindwinst zou dat jaar gaan naar Giovanni Valetti., belgaimage
Een beeld uit de Giro van 1938: Gino Bartali met in zijn spoor Olimpio Bizzi. De eindwinst zou dat jaar gaan naar Giovanni Valetti. © belgaimage

De geheime missie is dan ook geenszins zonder gevaar. In de zomer van 1943 is de fascistische dictator Benito Mussolini weliswaar uit het zadel gelicht en gevangengezet op de Gran Sasso - de reus van de Apennijnen waar de Giro op zondag 13 mei 2018 een aankomst voorziet - de opluchting bij de bevolking was van korte duur. De Duitsers zijn de Laars binnengevallen, hebben de bevriende Duce op spectaculaire wijze bevrijd en bezetten eind 1943 het noorden en het centrum van het land, tot de Gustav-linie ten zuiden van Rome. Bartali's werkterrein voor zijn missie van de kardinaal is dus in handen van de fascisten. In het gebied wemelt het van de controleposten. Bovendien ligt hij bij de Mussolini-getrouwen niet in de bovenste schuif. In haar register noteert de Ovra, de geheime politie, naast 'Gino Bartali, wielerkampioen' met vermanende vinger: 'Deze vurige katholiek dankt liever God en de Heilige Theresia dan onze Duce.'

Mysterieuze fiets

In het voorjaar van 1944 loopt het grondig fout. Een motorpatrouille houdt Bartali op een van zijn fietstochten tegen. Het fascistische opperbevel in Firenze beschouwt hem als een deserteur. De renner zelf is zich van geen kwaad bewust. Na de gevangenzetting van Mussolini en de afgekondigde (pseudo)wapenstilstand had hij zijn legeruniform ingeleverd, maar ook in Firenze geldt sinds de terugkeer van Il Duce opnieuw de wet van de fascisten. Bartali belandt een tiental dagen in de cel, tot hij toevallig herkend wordt door een officier die verontwaardigd is over de opsluiting van zo'n kampioen. De gevangenschap is een traumatische ervaring, maar Bartali prijst zich vooral gelukkig dat ze zijn Legnano niet onderzocht hebben. Niet voor niets had hij altijd de uitvlucht klaar dat zijn fiets tot op de millimeter was afgesteld en er dus absoluut niet aan geraakt mocht worden.

In tegenstelling tot de eerder schuchtere Coppi staat Bartali al tijdens zijn rennersloopbaan bekend als een spraakwaterval. Toch zal hij over het geheim van zijn opdracht en het mysterie rond zijn fiets tegen iedereen blijven zwijgen, zelfs lang nadat de geallieerden zijn geliefde Firenze op 7 augustus 1944 hebben bevrijd. Slechts wanneer een medewerkster van het Joods Actueel Documentatiecentrum van Milaan hem erover aanspreekt, toont hij zich bereid zijn verhaal te doen. Bartali heeft daar een goede reden voor: de medewerkster is de nicht van de dochter van Nathan Cassuto, een sleutelfiguur in Bartali's leven.

Tijdens de oorlog heeft deze rabbijn uit Firenze een clandestien joods-christelijk netwerk opgericht om Joden te helpen ontkomen aan het speurwerk van de Gestapo en de patrouilles van de SS. In november 1943 wordt Cassuto echter gearresteerd en op een trein naar Auschwitz gezet. Een mokerslag voor de ondergrondse organisatie. Kardinaal Dalla Costa wil er alles aan doen om die te redden. Hij vindt er niets beters op dan de bekendste wielrenner van zijn stad als koerier in te schakelen. Dankzij zijn roem, zo redeneert de kardinaal, zal Bartali boven alle verdenking blijven en ongehinderd de controleposten kunnen passeren.

Bartali wordt naar Genua gestuurd, een fietsrit van meer dan 400 kilometer heen en terug. In de Ligurische havenstad schepen Joodse vluchtelingen in richting Amerika. De renner levert hun in het grootste geheim valse identiteitspapieren, die hij onderweg ophaalt in een kartuizerabdij in Lucca. Hij verbergt de documenten in de zadelbuis en stuurpen van zijn Legnano.

Vuurpeloton

De bezetter laat echter niet met zich sollen. Begin september 1944, enkele dagen voordat Lucca bevrijd wordt, valt een divisie SS'ers de abdij binnen. Ze hebben de clandestiene activiteiten van de monniken ontdekt. De twaalf geestelijken worden zonder mededogen gefusilleerd, de Joden die ze verborgen hielden gedeporteerd.

Het clandestiene netwerk moet het geweer van schouder veranderen. Voortaan wordt ingezet op de zuidelijke ontsnappingsroute, door het onherbergzame gebied aan de Gustav-linie. Bartali's 'trainingstochten' leiden nu naar de heuvels van Umbrië en een klooster in Assisi, 360 kilometer heen en terug. De renner haalt er valse papieren op, vervaardigd in een lokaal drukkerijtje. Soms vragen de geestelijken hem om door te stomen tot in Cassino, aan de Gustav-linie, om informatie in te winnen over eventuele verschuivingen aan het front. Een rit van 760 kilometer heen en terug vanuit Firenze. Ondoenbaar op één dag. Om zijn vrouw niet ongerust te maken over zijn uithuizigheid, verzint Bartali iedere keer weer een uitvlucht.

Gino beperkt zijn clandestiene activiteiten niet tot smokkelwerk per fiets. Meermaals stuurt hij een pakketje levensmiddelen op naar het Vaticaan, bestemd voor de vele Joden die in Romeinse kerken verborgen worden gehouden. Ook deze liefdadigheidsactie is niet zonder risico. Een bedankingsbrief van de wielerminnende en bevriende paus Pius XII wordt onderschept door de fascistische censuur, die er een geheime boodschap meent in te ontwaren en Bartali beschuldigt van wapensmokkel via het Vaticaan. De officier die hem ondervraagt dreigt met het vuurpeloton. Slechts op het nippertje kunnen twee Toscaanse soldaten, die de kampioen kennen, hun chef op andere gedachten brengen.

Bartali gaat nog verder en helpt ook Joden onderduiken. Een van de appartementen in Firenze waar hij in geïnvesteerd heeft, stelt hij ter beschikking van Giacomo Goldenberg, diens vrouw en twee kinderen. De Toscaan heeft de Goldenbergs leren kennen als klanten in de winkel van zijn neef in Firenze. Hij ondersteunt hen zo goed mogelijk. Op de fiets brengt hij hen geregeld levensmiddelen. Dankzij Bartali zal het gezin aan de Jodenrazzia's ontsnappen.

Stem van het geweten

Zowat zeventig jaar later, in de herfst van 2013, reist Andrea Bartali, de oudste zoon van Gino en Adriana, naar Jeruzalem op uitnodiging van Yad Vashem, het Memoriaal voor de Holocaust. De 72-jarige man glundert van trots wanneer hij op een muur in een park de naam van zijn dan dertien jaar overleden vader mag onthullen. Gino de Vrome is tot 'Rechtvaardige onder de Volkeren' uitgeroepen, een eretitel voor niet-Joden die tijdens de holocaust Joden hebben gered.

Gino Bartali zou hebben bijgedragen aan de redding van bijna achthonderd Joden. Als zijn zoon Andrea hem ernaar vroeg, zei hij dat dit zaken waren waar niet over gesproken hoefde te worden, maar die gedaan moesten worden. Gino l'Intramontabile (de Onvergankelijke) vond dat hij slechts zijn geweten had gevolgd en zijn christelijke plicht vervuld.

© belgaimage

Protest tegen start in Israël

Na de officiële voorstelling van de Giro 2018 en de Grande Partenza in Israël stonden zowel Israëli's als Palestijnen aan de spreekwoordelijke Klaagmuur. De Israëlische regering, die naar verluidt tien miljoen euro op tafel legde en in de Giro een platform ziet om Israël bij zijn zeventigste verjaardag te profileren als 'democratisch-liberaal' land, vond het niet kunnen dat hun 'ondeelbare' hoofdstad in het etappeschema en op de routekaarten stond aangeduid als 'West-Jeruzalem'. De stad vormt al jaren een twistappel in het conflict tussen Israëli's en Palestijnen. Het oostelijke deel wordt sinds de Zesdaagse Oorlog van 1967 door Israël bezet, het Israëlische parlement riep in 1980 het 'eengemaakte' Jeruzalem tot hoofdstad uit. Tot op vandaag weigert de internationale gemeenschap, op de Amerikaanse president Donald Trump na, Jeruzalem als hoofdstad van Israël te erkennen. Maar toen de Israëlische regering ermee dreigde de samenwerking te beëindigen, repte de Giro-organisatie zich om 'West-Jeruzalem' om te dopen tot 'Jeruzalem'. 'De Giro is een sportevenement en heeft niets met politiek te maken', probeerde organisator RCS de gemoederen te bedaren.

Eind maart deden meer dan 120 mensenrechtenorganisaties, vakbonden, organisaties voor verantwoord toerisme en sport alsook religieuze groeperingen uit meer dan twintig landen een oproep aan de Giro d'Italia om de Grande Partenza niet in Israël te houden. Ze hekelden 'Israëls grove en niet aflatende schendingen van het internationale recht en van de mensenrechten van de Palestijnen'. Op 11 maart werden in Antwerpen en Leuven tijdens een internationale actiedag fietsvlaggetjes uitgedeeld om aandacht te vragen voor de kwestie. 'De Giro versterkt Israëls illegale claim van soevereiniteit over de hele stad Jeruzalem', aldus de actievoerders.

Omstreden is de Girostart ook in wielermiddens. De teams stellen zich vragen bij de veiligheid en zitten opgezadeld met een dure logistieke operatie. Toch heeft het er alle schijn van dat ze allemaal netjes aan de start zullen verschijnen. The show must go on.

Jeruzalem, het decor voor de korte openingstijdrit van de 101e Giro d'Italia. In een park op de flanken van Mount Herzl, zo'n drie kilometer van het tijdritparcours, verkennen toeristen de Tuin van de Rechtvaardigen onder de Volkeren. Sommigen houden halt bij een van de gedenkmuren en wijzen een van de 26.000 namen aan die er in steen gebeiteld staan. Namen van beroemdheden, zoals de Belgische koningin Elisabeth, echtgenote van Albert I, maar ook van nobele onbekenden. Namen uit meer dan vijftig landen, overzichtelijk gegroepeerd. In de tweede kolom van de Italiaanse muur, helemaal bovenaan, zowaar die van een wielrenner. Hoe belandt de inscriptie ' Gino Bartali' op een muur van een park in de betwiste hoofdstad van Israël? Een land dat niet één wielerwedstrijd op de UCI-kalender ingeschreven krijgt, nauwelijks fietsinfrastructuur heeft en moest wachten tot respectievelijk 2012 en 2017 op een eerste Israëliër met een profcontract ( Ran Margaliot) en een eerste profteam (Israel Cycling Academy). Hoeveel Joden of Palestijnen hebben weet van de rijke erelijst die de Italiaan tussen 1935 en 1954 bijeen fietste, van zijn twee eindzeges in de Tour, zijn drie Girotriomfen, zijn vier overwinningen in Milaan-Sanremo, zijn drie oppergaaien in de Ronde van Lombardije, zijn vier nationale titels ...? De erkenning die hij in het Heilige Land geniet, dankt Bartali merkwaardig genoeg niet aan bekers of trofeeën, maar aan zijn rigoureuze trainingsarbeid tijdens de Tweede Wereldoorlog én vooral het geheim dat hij daarbij meedroeg. Want zelfs wanneer ook in Italië het wielerleven onder het kanonvuur uitdooft en hij bij het leger wordt geroepen, blijft Bartali in zijn vrije tijd zijn kilometers malen. Het levert hem in 1942 eindwinst op in de ' Giro di guerra', de surrogaatronde van zijn land die tijdens de oorlog twee keer georganiseerd wordt maar niets anders is dan een regelmatigheidscriterium van een achttal resterende eendagswedstrijden, waaronder Milaan-Sanremo en de Ronde van Lombardije. Bartali beseft echter als geen ander hoe triviaal de betekenis ervan is. Zijn trainingen dienen een hoger doel. Wat maakt die oefentochten van de Toscaan met de vale gelaatskleur dan wel zo bijzonder? De afstand? Bartali vertrekt voor dag en dauw vanuit Firenze, om pas bij het vallen van de nacht terug te keren, geregeld met 350 kilometer en meer in de benen. De bestemmingen? Zijn routes leiden opvallend vaak langs kloosters, abdijen en andere gebedsoorden. Maar dat hoeft niet te verbazen: al tijdens zijn carrière staat de kampioen van het fietsenhuis Legnano bekend als Gino de Vrome. In zijn woning heeft hij een kapel laten bouwen waar hij voor iedere koers de hulp van God inroept en na een zege zijn dank betuigt. Zo ook trekt Bartali na zijn overwinning in de Tour 1938 naar de Basilique de Notre-Dame-des-Victoires in Parijs om er een bos bloemen neer te leggen aan de voeten van de Heilige Theresia van Lisieux. Hij is dan al lid van de lekenorde van de Karmel. Op de buis van zijn olijfgroene Legnano heeft hij een medaille met de beeltenis van de heilige laten lassen, die hem moet behoeden voor valpartijen en ongeluk. Geen overbodige luxe. Vanuit zijn diepe geloof bouwt Bartali een vertrouwensband op met de kardinaal van Firenze, Elia Dalla Costa. Die bezegelt in een kerkje in Firenze in volle oorlog het huwelijk tussen de wielerkampioen en zijn geliefde Adriana, maar is vooral diegene die Bartali de bestemmingen van zijn trainingstochten influistert en hem met een uiterst delicate opdracht belast. Een zending waar Gino de Vrome, in tegenstelling tot zijn illustere rivaal Fausto Coppi bekend om zijn huwelijkstrouw, zelfs zijn kersverse bruid niets over vertelt. De geheime missie is dan ook geenszins zonder gevaar. In de zomer van 1943 is de fascistische dictator Benito Mussolini weliswaar uit het zadel gelicht en gevangengezet op de Gran Sasso - de reus van de Apennijnen waar de Giro op zondag 13 mei 2018 een aankomst voorziet - de opluchting bij de bevolking was van korte duur. De Duitsers zijn de Laars binnengevallen, hebben de bevriende Duce op spectaculaire wijze bevrijd en bezetten eind 1943 het noorden en het centrum van het land, tot de Gustav-linie ten zuiden van Rome. Bartali's werkterrein voor zijn missie van de kardinaal is dus in handen van de fascisten. In het gebied wemelt het van de controleposten. Bovendien ligt hij bij de Mussolini-getrouwen niet in de bovenste schuif. In haar register noteert de Ovra, de geheime politie, naast 'Gino Bartali, wielerkampioen' met vermanende vinger: 'Deze vurige katholiek dankt liever God en de Heilige Theresia dan onze Duce.' In het voorjaar van 1944 loopt het grondig fout. Een motorpatrouille houdt Bartali op een van zijn fietstochten tegen. Het fascistische opperbevel in Firenze beschouwt hem als een deserteur. De renner zelf is zich van geen kwaad bewust. Na de gevangenzetting van Mussolini en de afgekondigde (pseudo)wapenstilstand had hij zijn legeruniform ingeleverd, maar ook in Firenze geldt sinds de terugkeer van Il Duce opnieuw de wet van de fascisten. Bartali belandt een tiental dagen in de cel, tot hij toevallig herkend wordt door een officier die verontwaardigd is over de opsluiting van zo'n kampioen. De gevangenschap is een traumatische ervaring, maar Bartali prijst zich vooral gelukkig dat ze zijn Legnano niet onderzocht hebben. Niet voor niets had hij altijd de uitvlucht klaar dat zijn fiets tot op de millimeter was afgesteld en er dus absoluut niet aan geraakt mocht worden. In tegenstelling tot de eerder schuchtere Coppi staat Bartali al tijdens zijn rennersloopbaan bekend als een spraakwaterval. Toch zal hij over het geheim van zijn opdracht en het mysterie rond zijn fiets tegen iedereen blijven zwijgen, zelfs lang nadat de geallieerden zijn geliefde Firenze op 7 augustus 1944 hebben bevrijd. Slechts wanneer een medewerkster van het Joods Actueel Documentatiecentrum van Milaan hem erover aanspreekt, toont hij zich bereid zijn verhaal te doen. Bartali heeft daar een goede reden voor: de medewerkster is de nicht van de dochter van Nathan Cassuto, een sleutelfiguur in Bartali's leven. Tijdens de oorlog heeft deze rabbijn uit Firenze een clandestien joods-christelijk netwerk opgericht om Joden te helpen ontkomen aan het speurwerk van de Gestapo en de patrouilles van de SS. In november 1943 wordt Cassuto echter gearresteerd en op een trein naar Auschwitz gezet. Een mokerslag voor de ondergrondse organisatie. Kardinaal Dalla Costa wil er alles aan doen om die te redden. Hij vindt er niets beters op dan de bekendste wielrenner van zijn stad als koerier in te schakelen. Dankzij zijn roem, zo redeneert de kardinaal, zal Bartali boven alle verdenking blijven en ongehinderd de controleposten kunnen passeren. Bartali wordt naar Genua gestuurd, een fietsrit van meer dan 400 kilometer heen en terug. In de Ligurische havenstad schepen Joodse vluchtelingen in richting Amerika. De renner levert hun in het grootste geheim valse identiteitspapieren, die hij onderweg ophaalt in een kartuizerabdij in Lucca. Hij verbergt de documenten in de zadelbuis en stuurpen van zijn Legnano. De bezetter laat echter niet met zich sollen. Begin september 1944, enkele dagen voordat Lucca bevrijd wordt, valt een divisie SS'ers de abdij binnen. Ze hebben de clandestiene activiteiten van de monniken ontdekt. De twaalf geestelijken worden zonder mededogen gefusilleerd, de Joden die ze verborgen hielden gedeporteerd. Het clandestiene netwerk moet het geweer van schouder veranderen. Voortaan wordt ingezet op de zuidelijke ontsnappingsroute, door het onherbergzame gebied aan de Gustav-linie. Bartali's 'trainingstochten' leiden nu naar de heuvels van Umbrië en een klooster in Assisi, 360 kilometer heen en terug. De renner haalt er valse papieren op, vervaardigd in een lokaal drukkerijtje. Soms vragen de geestelijken hem om door te stomen tot in Cassino, aan de Gustav-linie, om informatie in te winnen over eventuele verschuivingen aan het front. Een rit van 760 kilometer heen en terug vanuit Firenze. Ondoenbaar op één dag. Om zijn vrouw niet ongerust te maken over zijn uithuizigheid, verzint Bartali iedere keer weer een uitvlucht. Gino beperkt zijn clandestiene activiteiten niet tot smokkelwerk per fiets. Meermaals stuurt hij een pakketje levensmiddelen op naar het Vaticaan, bestemd voor de vele Joden die in Romeinse kerken verborgen worden gehouden. Ook deze liefdadigheidsactie is niet zonder risico. Een bedankingsbrief van de wielerminnende en bevriende paus Pius XII wordt onderschept door de fascistische censuur, die er een geheime boodschap meent in te ontwaren en Bartali beschuldigt van wapensmokkel via het Vaticaan. De officier die hem ondervraagt dreigt met het vuurpeloton. Slechts op het nippertje kunnen twee Toscaanse soldaten, die de kampioen kennen, hun chef op andere gedachten brengen. Bartali gaat nog verder en helpt ook Joden onderduiken. Een van de appartementen in Firenze waar hij in geïnvesteerd heeft, stelt hij ter beschikking van Giacomo Goldenberg, diens vrouw en twee kinderen. De Toscaan heeft de Goldenbergs leren kennen als klanten in de winkel van zijn neef in Firenze. Hij ondersteunt hen zo goed mogelijk. Op de fiets brengt hij hen geregeld levensmiddelen. Dankzij Bartali zal het gezin aan de Jodenrazzia's ontsnappen. Zowat zeventig jaar later, in de herfst van 2013, reist Andrea Bartali, de oudste zoon van Gino en Adriana, naar Jeruzalem op uitnodiging van Yad Vashem, het Memoriaal voor de Holocaust. De 72-jarige man glundert van trots wanneer hij op een muur in een park de naam van zijn dan dertien jaar overleden vader mag onthullen. Gino de Vrome is tot 'Rechtvaardige onder de Volkeren' uitgeroepen, een eretitel voor niet-Joden die tijdens de holocaust Joden hebben gered. Gino Bartali zou hebben bijgedragen aan de redding van bijna achthonderd Joden. Als zijn zoon Andrea hem ernaar vroeg, zei hij dat dit zaken waren waar niet over gesproken hoefde te worden, maar die gedaan moesten worden. Gino l'Intramontabile (de Onvergankelijke) vond dat hij slechts zijn geweten had gevolgd en zijn christelijke plicht vervuld.