Dinsdag 23 juli - Nîmes - Nîmes (177 km)

In tegenstelling tot de tweede week valt de rustdag in de derde week wel op maandag. Heel vaak in de laatste 25 Touredities lagen de verhoudingen dan al vast: slechts vier renners gaven het leidersshirt na de tweede rustdag nog uit handen: Jan Ullrich in 1998, Thomas Voeckler in 2004 en 2011, Michael Rasmussen in 2007 en Fränk Schleck in 2008. In de laatste zeven edities lag de eindwinnaar bij het begin van de slotweek dus al vast.

Meer zelfs: de geletruidrager na de eerste belangrijke bergrit of aankomst bergop was sinds 2012 ook degene die in Parijs le maillot jaune droeg. Niet verwonderlijk gezien de dominantie van Team Sky, met Bradley Wiggins, Chris Froome (viermaal) en Geraint Thomas. Al stond ook Vincenzo Nibali in 2014 na de tiende rit op La Planche des Belles Filles al aan de leiding.

Julian Alaphilippe zal in deze vlakke etappe na de rustdag het geel (allicht) niet uit handen geven. Maar of ook hij zondag in Parijs nog op één zal staan in het algemene klassement, is nog af te wachten. De eerste scheuren in zijn pantser waren zondag alleszins al duidelijk te zien.

Boucle romaine

Opmerkelijk wel in deze rit: start en aankomst in dezelfde stad (Nîmes). Ook dat is - tijdritten uitgezonderd - zeldzaam in de Tour, laat staan tweemaal in één editie, want de eerste etappe vertrok en finishte al in Brussel.

In alle Rondes van Frankrijk sinds de eeuwwisseling viel het slechts drie keer voor: in 2000 ging de slotrit van Parijs naar Parijs, met start aan de Eiffeltoren en finish op de Champs-Elysées, in 2002 was Luxemburg Stad départ en arrivée van de tweede etappe en in 2006 fietste het peloton op de tweede dag van Straatsburg naar Straatsburg.

Nochtans had ASO eerst een rit tussen de Pont du Gard en Nîmes en vervolgens een tocht tussen Nîmes en Gap op het oog. Maar dan zou die woensdagetappe 30 km langer geweest zijn. En die telt nu al 206 km - te veel dus. De renners zullen er niet rouwig om zijn. Zoals ze ook de vrij korte verplaatsingen tussen de aankomstplaatsen en de daaropvolgende startlocaties in deze Tour zullen toejuichen. Vijf keer zelfs in dezelfde stad.

Of omgekeerd, zoals in deze etappe, tussen de start aan de beroemde Romeinse arena van Nîmes en de aankomst op de brede périphérique buiten de stad. Het peloton zal, in tegenstelling tot de openings(ploegen)tijdrit van de Vuelta 2017, niet door het amfitheater rijden, wegens een te grote groep. Al zal het bouwwerk, waar nu stierengevechten en concerten plaatsvinden, uiteraard in al zijn glorie in beeld gebracht worden. Deze rit kreeg zelfs de titel la boucle romaine.

Tijdens de 177 km lange lus ten noorden van Nîmes, in het departement Gard over de wegen van de Ster van Bessèges, loopt het traject na 23 km immers ook over de Pont du Gard, een Romeins aquaduct. Dat brengt wel wat technische moeilijkheden met zich mee, maar ook daar mooie plaatjes verzekerd.

Vervolgens wijzen de pijltjes naar het Nationale Park van de Cévennes, met onder meer de côte de Saint-Jean-du-Pin (na 96 km), waarna een verraderlijke passage tot in Uzès wacht, in oostelijke richting.

Mogelijk kans op waaiervorming immers, met voorspelde windstoten van 40 kilometer per uur uit het zuidzuidwesten. Op deze strook dus schuin in de rug, ideaal om waaiers op te zetten.

Nadeel echter: na Uzès volgt nog zo'n 28 km zuidwaarts richting Nîmes, met de wind meer schuin op kop, wat eventuele initiatieven van ploegen kan ontmoedigen.

Zeker bij temperaturen tot 38 graden, een factor om mee rekening te houden in deze derde week. Het zal de vermoeidheid, ondanks het 'makkelijke' parcours (slechts 1561 hoogtemeters), nog wat opschroeven.

Snoepmuseum

Peter Sagan, die in 2016 richting het nabijgelegen Montpellier met Chris Froome alles op de kant gooide en de rit won, zal zich hier alleszins in zijn sas voelen. In Uzès ligt immers het Musée du Bonbon van snoepfabrikant Haribo, de snoepjes die hij (en veel van zijn collega's) gretig naar binnen spelen.

De kans bestaat dus dat er een afgeslankt peloton om de etappezege zal sprinten, zoals in 2014, toen Alexander Kristoff de snelste was in Nîmes. Al ging de overwinning toen bijna naar Jack Bauer, die na een vlucht van 221 km, met Martin Elmiger, op amper 25 meter van de finish strandde.

Soudal-Lotto voor Ewan?

Vraag is wel: zullen Deceuninck-Quick-Step en Jumbo-Visma, de sprintersploegen die met Julian Alaphilippe en Steven Kruijswijk nog twee mogelijke eindwinnaars in de rangen hebben, energie verspelen door achter de vroege vluchters te jagen?

© BELGA

Indien niet, wil Soudal-Lotto de achtervolging dan dragen, voor sprinter Caleb Ewan? Na zijn laatste ritzege tegen Dylan Groenewegen zal hij alleszins veel vertrouwen getankt hebben.

En in de Pyreneeën heeft zijn ploeg er alles aan gedaan om de Australiër in koers te houden. Op een bepaald moment lieten er zelfs zes ploegmakkers zich uitzakken om hem bij te staan.

Volgt dinsdag in Nîmes de beloning?

Of neemt Dylan Groenewegen revanche?