Woensdag 24 juli - Pont du Gard - Gap (206 km)

Na la boucle romaine in de rit naar Nîmes staat ook deze etappe, richting het noordoosten, in het teken van de antieke oudheid. Met als wondermooie startplaats de Pont du Gard, het Romeinse aquaduct, met bijhorend museum, dat op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staat.

Niet de eerste départ van een wielerkoers aan de Pont du Gard, want in 2004 begon er de vierde rit van de Tour du Languedoc-Roussillon, die slechts éénmaal plaatsvond. Maar wel met ene Lance Armstrong in het peloton, die bovendien de vijfde etappe won.

Na de Pont du Gard volgen in de Rhônevallei ook passages aan de beroemde Romeinse amfitheaters van Orange (na 32 km) en Vaison La Romaine (na 62 km, waar ook de tussensprint ligt). Ook hier werd bekeken of een passage door de arena's mogelijk was, maar dat leverde te veel technische problemen op.

Opvallend: de Mont Ventoux ligt vlak in de buurt, maar die laten de renners op weg naar Vaison La Romaine rechts liggen. Een gemiste kans? Of vond ASO de slotweek anders té zwaar?

Het geeft de baroudeurs wel een laatste kans om een mogelijk succesvolle vlucht op te zetten. Na Vaison La Romaine wordt het traject ook veel bochtiger, dwars door Gorges de la Méouge.

In de finale, met de top op 8,5 km voor de finish in Gap, ligt nog een kuitenbijter: de col de la Sentinelle (5,5 km aan 5,5%). Die kregen de renners al in 2006 voorgeschoteld in een rit met aankomst in Gap, toen met Pierrick Fedrigo als winnaar.

Niet te verwarren met de col de la Rochette, waar in 2003 Joseba Beloki crashte in de afdaling en Lance Armstrong een miniveldrit afwerkte.

En ook niet te verwarren met de col de Manse, in 2011, 2013 en 2015 de laatste scherprechter in drie etappes met eindpunt in Gap.

Vloekende Baeyens

Als poort tot de Alpen ziet de hoofdstad van het departement Hautes-Alpes de Tour vaak passeren. De laatste winnaar in Gap, in 2015, was Ruben Plaza, maar veel meer zit de straaljagerafdaling van Peter Sagan nog in het geheugen. De Slovaak strandde toen op 30 seconden - zijn vijfde tweede plaats in die Tour.

Al dan niet een voorteken voor een Belgische ritzege: de col de la Sentinelle, de klim van deze etappe, stond ook op het menu bij de enige twee Touroverwinningen van een Belg in Gap.

Michel Van Aerde was er in 1960 de snelste van een kopgroep met onder meer Tom Simpson en in 1951 gebruikte Armand Baeyens de beklimming zelfs als lanceerplatform richting zijn grootste zege. Grote namen als Gino Bartali, Fiorenzo Magni, Jean Robic en Stan Ockers volgden op anderhalve minuut.

De Oost-Vlaming schoot na de finish echter in een colère toen de radioreporter hem vroeg of hij aan zijn iets aan zijn dorpsgenoten in Iddergem wilde zeggen. Baeyens vloekte: dat iedereen daar nu zou weten dat hij wél kon klimmen. Zijn uithaal werd in zijn gemeente niet geapprecieerd, zijn naam werd zelfs beschimpt.

Wat doet Sagan?

Of weer een Belg in Gap kan winnen, zal mogelijk afhangen van de groenetruistrategie van de ploeg van Peter Sagan, belust op de 50 punten voor de winnaar in Gap. Deze etappe wordt immers onder de categorie 'vlakke etappe' ondergebracht.

Houdt BORA-hansgrohe alles samen, met oog op een sprint zonder Ewan, Groenewegen en Viviani? Of neemt Sunweb die taak voor zich? In dienst van Michael Matthews, die nog geen rit won.

Evengoed proberen Sagan en Matthews gewoon mee in de aanval te trekken, want de kans dat een vluchtersgroep standhoudt is groot. Ook omdat de klassementsrenners zich op de laatste klim allicht niet zullen roeren, met oog op de loodzware driedaagse in de Alpen.

En zeker in deze hitte : de etappe richting Nîmes werd gereden in 38,4 graden. Alleen in een rit in de Tour Down Under was het dit jaar nog warmer (40,8 graden). Richting Gap zou het wel iets(je) afkoelen.

Welke Belgen

Wellicht zal het Lotto-Soudalduo Tim Wellens/Thomas De Gendt ook geen onnodige energie verspillen, wegens te weinig punten te verdienen voor het bergklassement. Beiden mikken vooral op de eerste twee Alpenritten om daar de bolletjestrui van Wellens te verdedigen.

© BELGA

Een kans dus misschien voor hun ploegmaats Jens Keukeleire, en zeker Tiesj Benoot.

Maar ook voor andere Belgen die hun Tour nog willen opsmukken. Zeker Greg Van Avermaet (5x top 10 tot dusver) en Jasper Stuyven (al 8x top 10) zouden die vele ereplaatsen willen inruilen voor één ritzege. Het parcours, met de klim op het einde, zou hen moeten liggen.

Zoals dat ook geldt voor Oliver Naesen. Die moet ook niet meer naar kopman Romain Bardet kijken.

De Belgen zullen het echter niet onder de markt krijgen, met de goed klimmende sprinters/rappe mannen als Sagan/Matthews/Trentin/Colbrelli/Impey als mogelijke metgezellen in de vlucht.

Ook Astana (Lutsenko, Fraile) zal nu alles op een ritzege zetten, na de opgave van kopman Jakob Fuglsang. Maar ook andere teams zonder klassementsrenners die nog geen etappe hebben gewonnen zullen deze laatste strohalm proberen te grijpen.

Een enorm gevecht wordt het dus, om mee te zitten in de ontsnapping. Een strijd die mogelijk zal duren tot de eerste stijgende kilometers, na een goed uur koersen.

Dan drijven automatisch ook de sterkere renners boven. Al moet je het ook mentaal nog kunnen opbrengen na twee en een halve week koersen.

Welke Belgen nog over die fysieke én mentale veerkracht beschikken, is nog af te wachten.