Zondag 7 juli - Brussel - Brussel (27,6 km)

Sneuvelt er vandaag een record? De kans bestaat, want in deze tijdrit zou de beste ploeg weleens het recordgemiddelde in de Tour (57,941 km per uur, op naam van Orica-GreenEdge in 2013) kunnen benaderen of zelfs verbeteren.

Van de start aan het koninklijk paleis tot de aankomst aan het Atomium immers brede, licht golvende wegen, zonder veel scherpe bochten. Voer voor echte krachtpatsers dus. Enig nadeel wordt de vrij strakke wind, die uit het noorden blaast en in het terugkeren naar Brussel pal op de neus zit.

Opvallend: hoewel Tourbaas Christian Prudhomme het aantal individuele tijdritkilometers weer tot een minimum heeft herleid, programmeerde hij voor het tweede opeenvolgende jaar een ploegentijdrit.

En dat is al geleden van de Armstrong-jaren (zes keer op rij, van 2000 tot 2005). Sindsdien telkens met één of meer jaren tussen elke TTT: in 2009, 2011, 2013, 2015 en 2018.

En nu dus opnieuw, maar wel een kortere proef dan vorig jaar: 27,6 tegenover 35,5 kilometer. Passend bij de trend van de laatste 10 jaar om de ploegentijdritten qua afstand te beperken. Sinds 2009 bedraagt het gemiddelde in rittenkoersen van categorie 2.1 of hoger slechts 19 km.

In de vijf jongste ploegentijdritten in de Tour lagen de afstanden wel iets hoger: tussen 23 km in 2011 en 35,5 km vorig jaar. Een groot verschil met de teamchrono's begin deze eeuw: telkens ruim boven de 60 km - tot jolijt van Armstrong en co.

Kleine verschillen

Als de trend van de laatste jaren zich doorzet, zullen ook hier de tijdsverschillen, weliswaar tussen de topteams, klein blijven. Vorig jaar finishten zelfs vijf ploegen binnen de 11 seconden na BMC. In 2015 eindigden er drie ploegen binnen de 4 seconden, in 2013 vier binnen de 10 tellen en in 2011 zeven binnen de 12 seconden.

Opvallend: geen enkele keer zette Team Sky de beste tijd neer, al moest de Britse ploeg in de vier TTT's in totaal amper 12 seconden prijsgeven op de winnende team: 4 sec in 2011 op Garmin-Cervélo (als 3e), 3 in 2013 op Orica-GreenEdge (als 3e), 1 in 2015 op BMC (als 2e) en 4 in 2018 op weer BMC (als 2e).

Grijpt Team Sky, intussen Team INEOS, deze keer wel de zege? Met specialisten/(ex)-nationale kampioenen tijdrijden/hardrijders als Geraint Thomas, Gianni Moscon, Jonathan Castroviejo, Wout Poels, Dylan Van Baarle, Luke Rowe en zelfs Egan Bernal is de kans reëel.

In dat geval pakt Moscon het geel, als hij tenminste bij de eersten van zijn ploeg over de eindstreep komt. De Italiaan bolde gisteren als eerste van zijn ploeg over de finish, als 80e, één plaats voor Egan Bernal. Moet Moscon lossen, dan neemt de Colombiaan de leiderstrui mogelijk over van de verrassende Mike Teunissen.

Zoals in 2018, 2016, 2014 én 2013, toen de Tour ook telkens begon met een vlakke sprintersetappe en respectievelijk Fernando Gaviria (aan Peter Sagan), Mark Cavendish (ook aan Sagan) en twee keer Marcel Kittel (aan Vincenzo Nibali en aan Jan Bakelants) het geel al direct moesten afstaan, telkens na een heuvelachtige finale of aankomst op een helling.

Dubbel voor Jumbo-Visma?

Gezien de kleine tijdsverschillen in de ploegentijdritten, de tien bonusseconden die Mike Teunissen in Brussel gesprokkeld heeft en vooral de zeer sterke Jumbo-Vismaploeg (met locomotieven als Tony Martin en Wout van Aert) kan de Nederlander morgenavond evengoed de gele trui weer aantrekken. Met zelfs een nieuwe ritwinst voor de Nederlandse ploeg, eerder dit jaar al de beste in de UAE Tour.

© BELGA

Jumbo-Visma heeft ook het voordeel dat het als laatste kan starten, terwijl INEOS als allereerste van het startpodium rolt - zonder zich te kunnen richten op de tijden van andere ploegen.

Twee andere kandidaat-winnaars zijn Mitchelton-Scott (het beste team in Tirreno-Adriatico) en - niet te onderschatten - EF-Education First. Twee ploegen met heel wat ervaring tegen de klok en die heel specifiek naar deze dag hebben toegeleefd.

Dat geldt uiteraard ook voor Deceuninck-Quick-Step, dat niet toevallig Philippe Gilbert heeft thuisgelaten, en de Deense hardrijder Kasper Asgreen heeft meegenomen naar de Tour. Hij maakte met Yves Lampaert al deel uit van de ploeg die vorig jaar wereldkampioen TTT werd. Deze keer zijn Bob Jungels, Niki Terpstra en Maximilian Schachmann er echter niet bij.

ManagerPatrick Lefevere zal er niettemin een erezaak van maken om in eigen land die prestigieuze proef op zak te steken. Voor het eerst met Quick-Step in de Tour, al flikte hij dat kunstje wel met GB-MG in 1993 en 1994.

46 jaar na Watney-Maes?

Winst van Deceuninck-Quick-Step, dat als twee na laatste start, zou ook de eerste zijn in een ploegentijdrit in de Tour van een volledig Belgisch merkenteam sinds 1973. Toen klokte Watney-Maes, met onder meer Frans Verbeeck en Walter Planckaert, verrassend de snelste tijd in Sint-Niklaas.

Niet de eerste ploegentijdrit in België trouwens, vanaf 1962 zelfs elk jaar één: 1962 Herentals (Flandria-Faema), 1963 Jambes (Pelforth), 1964 Vorst (KAS), 1965 Luik (Ford), 1966 Doornik (Televizier), 1967 Jambes (Belgische ploeg), 1968 Vorst (Belgische A-ploeg) en in 1969 dus Sint-Pieters-Woluwe.

Daarna volgden er nog slechts drie: 1973 Sint-Niklaas (Watney-Maes), 1974 Harelbeke (Molteni, met Merckx) en 1976 Leuven (TI-Raleigh).

Lid toen van TI-Raleigh? José De Cauwer, de laatste Belg die in eigen land een TTT in de Tour won.

Lossen Wout Van Aert/Laurens De Plus (Jumbo-Visma) of Yves Lampaert/Dries Devenyns (Deceuninck-Quick-Step) hem af? Of grijpt Team INEOS de macht?

Wij gokken op winst voor de Britse ploeg.

Starttijden ploegentijdrit

14.30 uur Team Ineos

14.35 uur Arkéa-Samsic

14.40 uur Astana

14.45 uur Groupama-FDJ

14.50 uur AG2R La Mondiale

14.55 uur Movistar

15.00 uur Total Direct Energie

15.05 uur CCC

15.10 uur UAE Emirates

15.15 uur Trek-Segafredo

15.20 uur Katusha-Alpecin

15.25 uur Cofidis

15.30 uur Dimension Data

15.35 uur Sunweb

15.40 uur BORA-hansgrohe

15.45 uur Lotto Soudal

15.50 uur Mitchelton-Scott

15.55 uur Bahrain Merida

16.00 uur EF Education First

16.05 uur Deceuninck-Quick-Step

16.10 uur Wanty-Gobert

16.15 uur Jumbo-Visma