Zaterdag 13 juli - Mâcon - Saint-Étienne (200 km)

Elke keer komen ze terug, de verwijten van wielerfans uit de streken van Frankrijk die de Tour dat jaar niet bezoekt. Zoals ook bij de jongste parcoursvoorstelling: "Le Tour du quart de la France!", "Le Tour du l'autoroute A1!"

Het traject van La Grande Boucle ligt immers grotendeels in het oosten en zuiden van Frankrijk, rechts van de diagonaal Nancy-Pau. Het volledige noordwesten zal deze editie geen renners zien. Anderzijds werden de wielergekke regio's Pays de la Loire en Bretagne de jongste acht jaar vijf keer bediend, met ook twee Grand Départs.

En dus probeert Christian Prudhomme het evenwicht te bewaren, aangezien hij gebonden is aan de door de UCI opgelegde maximale totale afstand van 3500 km, goed voor een maximaal gemiddeldevan 167 km per etappe.

In een land met een totale grensafstand van 6718 km kan hij niet anders dan zich te beperken tot bepaalde streken. De Alpen en Pyreneeën zijn wel incontournable, maar elke andere regio probeert de Tour minstens om de vijf, zes jaar te bezoeken.

Een van de nieuwe leidraden bij de parcoursopbouw: de zoektocht naar 'onzekerheden', zoals Prudhomme het noemt. Dat is volgens hemookhet doel van deze weekendetappes in het Centraal Massief. Ritten vol verrassingen waarin de sterkste ploegen (met name Team INEOS) minder makkelijk kunnen controleren.

Zoals in 2017 richting Le-Puy-en-Velay, toen AG2R een onverwacht offensief ontketende in de afdaling richting de col de Peyra Taillade. Chris Froome werd, mede door een spaakbreuk, even in het defensief gedwongen, maar zette de scheve situatie weer recht. Op het klassement had de rit uiteindelijk weinig impact, maar Prudhomme raakte er wel van overtuigd dat hij verder deze weg moest bewandelen.

En dus liet hij Thierry Gouvenou tussen Mâcon, de startplaats van vandaag en de geboortestad van voetballer Antoine Griezmann (Atlético Madrid), en de aankomst in Saint-Etienne een op-en-neer gaand parcours van ruim 3700 hoogtemeters uittekenen. Zowat elke mogelijk helling wordt opgezocht.

Een etappe waar niet-klimmers al evenzeer bevreesd voor zijn als voor de echte bergritten, want deze rit heeft coëfficiënt 3 meegekregen - "stage with very rolling terrain" - waardoor de tijdslimiet beperkter zal zijn dan in de etappe door de hoogste cols. Een slechte dag kan voor een sprinter hier al fataal zijn.

De baroudeurs zullen echter wel hun hart kunnen ophalen, want na een vrij vlakke aanloop van 40 km door de Beaujolaiswijnstreek (met na 33 km de tussensprint) glijden de renners van helling naar helling, van 2 tot 8 km lang, tot hoogtes van ruim 800 meter. Een kruisweg, volgens Prudhomme - niet toevallig, gezien de namen van de 'Croix'-hellingen.

Als laatste statie, op 12 km van de eindstreep: de côte de la Jaillière (1,9 km aan 7,9%), waar ook 8, 5 en 2 bonusseconden te verdienen zijn.

Na de laatste, kronkelende afdaling ligt in Saint-Etienne nog een laatste springplank (700 meter aan 7,9%) 2 km voor de finish op de Rue Claude Verney Carron, naast het stade Geoffroy-Guichard van voetbalclub AS Saint-Étienne.

Triomfeert daar een vluchter? Greg Van Avermaet won in 2016 al een soortgelijke rit richting Le Lioran, en heeft, net als trainingsmaat Oliver Naesen, zijn zinnen gezet op deze etappe. Ook Tiesj Benoot heeft zich gespaard voor deze valstrikrit.

Of houdt Deceuninck-Quick-Step de ontsnapping onder controle om met Julian Alaphilippe, die nu op zes seconden staat van geletruidrager Giulio Ciccone, de gele trui terug te nemen, via bonificatieseconden, met ritwinst als extra toetje?

De finale is de Fransman alleszins op het lijf geschreven. En misschien wil ook Michael Matthews zijn mislukte sprint in Colmar rechtzetten, als hij de klimmetjes, net als Peter Sagan, Matteo Trentin en Wout van Aert, zou overleven. Dan krijgen we misschien, net als in Colmar, een sprint met een beperkte groep.

Al is de kans op slagen van een vluchtersgroep in deze zeer bochtige, geaccidenteerde etappe wel groter. Ook omdat de wind vol in de rug zal blazen. Dat nodigt uit tot aanvallen.

Misschien wel van Romain Bardet, die op La Planche des Belles Filles al een serieuze tik kreeg, en op zijn thuisterrein een kans krijgt om terug te slaan. Met zijn AG2R-ploeg heeft hij de etappe alleszins goed verkend.

En aangezien Team INEOS in de rit naar La Planche des Belles Filles breukjes vertoonde, zullen misschien ook andere sterke blokken als Astana en Movistar iets proberen. Tenzij ze met zijn allen energie willen sparen voor de zware slotweek. Aan de Belgen om daarvan te profiteren.

Brave Ludo

Aankomststad Saint-Etienne heeft een grote wielertraditie: na de Tweede Wereldoorlog was het 47 keer ville étape, met een start of finish. De laatste keer in 2014, toen Alexander Kristoff er Peter Sagan te snel af was.

Maar ook daarna onderhield de stad een goeie band met ASO: in 2015 diende Saint-Etienne als startplaats van de vijfde rit van Parijs-Nice naar Rasteau, in 2007 organiseerde de hoofdstad van het Loire-departement de eerste etappe van het Criterium du Dauphiné (winst voor Thomas De Gendt, na een van zijn fameuze solo's) en vorig jaar was Saint-Etienne het eindpunt van de tijdrit in Parijs-Nice, gewonnen door Wout Poels.

In een verder (Tour)verleden vonden in de cité du design ook veel memorabele chronoraces plaats, met illustere winnaars als Louison Bobet, Joop Zoetemelk, Bernard Hinault, Jan Ullrich en Lance Armstrong.

Belgische wielerfans zullen Saint-Etienne echter vooral associëren met Ludo Dierckxsens, die er twintig jaar geleden, op 15 juli 1999, de gloriedag van zijn carrière beleefde. Nadat hij als kersvers Belgisch kampioen onder meer de toen 25-jarige Alexandre Vinokourov bergop uit het wiel geknald had. Helaas werd de droom een nachtmerrie.

Bij de dopingcontrole vroeg medisch verantwoordelijke Marc Vandevyvere of Dierckxsens iets te melden had. "Ja," zei Ludo, "ik heb Synacthen genomen voor een pijnlijke knie."

Maar dat was een verboden product waarvoor hij geen attest had. En o ironie: bij de controle testte Dierckxsens ... negatief. Hij had zichzelf dus uit naïviteit aan de galg gepraat. Gevolg: een schorsing van een half jaar. Sterke Ludo was te braaf geweest.