'Wie altijd de finale rijdt maar het nooit afmaakt, zien ze al snel als een onnozelaar.' De zelfkritische uitspraak komt uit de mond van Greg Van Avermaet, dateert van nauwelijks vijftien maanden geleden en verscheen in een interview in Sport/Wielermagazine onder de veelbetekenende titel 'Winnen blijft een werkpunt'. Van Avermaet had op dat moment toch al 23 UCI-wedstrijden gewonnen, waaronder een Tourrit, maar nog geen enkele (semi)voorjaarsklassieker.
...

'Wie altijd de finale rijdt maar het nooit afmaakt, zien ze al snel als een onnozelaar.' De zelfkritische uitspraak komt uit de mond van Greg Van Avermaet, dateert van nauwelijks vijftien maanden geleden en verscheen in een interview in Sport/Wielermagazine onder de veelbetekenende titel 'Winnen blijft een werkpunt'. Van Avermaet had op dat moment toch al 23 UCI-wedstrijden gewonnen, waaronder een Tourrit, maar nog geen enkele (semi)voorjaarsklassieker. Ondertussen heeft de 'niet-winnaar' van weleer vier Vlaamse voorjaarskoersen op zijn naam en sinds zondag is hij samen met Philippe Gilbert en Stijn Devolder een van de drie nog actieve Belgische renners met minstens één klassiek monument op de erelijst.Gilbert noemde het jaren geleden al zijn droom: ooit alle vijf de monumenten winnen. Sinds de Ronde heeft hij er drie verschillende op zak. Na Milaan-Sanremo verklaarde Skyploegleider Servais Knaven dat er maar weinig renners zo polyvalent zijn dat ze op winst in de big five kunnen mikken. Behalve zijn eigen speerpunt Michal Kwiatkowski en Gilbert noemde de Nederlander ook Van Avermaet. Met Parijs-Roubaix heeft de olympische kampioen de klassieker gewonnen waarvan hij vroeger het minst dacht hem ooit te winnen. Hij is ervan overtuigd dat de Ronde van Vlaanderen hem het meest op het lijf geschreven is. Al drie keer stond hij op het podium in Oudenaarde. Ook in Sanremo stak Van Avermaet al een paar keer een hand uit naar de overwinning. Zowel in 2011 als 2015 rondde hij met voorsprong de top van de Poggio. Door zijn beperkte dalerscapaciteiten werd hij telkens teruggehaald. Maar wat als hij mee kan glijden in het zog van een meester-daler als Peter Sagan? In Luik-Bastenaken-Luik is het al van 2013 geleden dat de Oost-Vlaming nog aan de start verscheen. Het was echter telkens met pijn in het hart dat hij thuis bleef, want, sprak hij ooit: 'Het is een koers waar het podium mogelijk is. Fysiek kan ik het aan, maar mentaal is het op na de Amstel. Plus: voor Luik val ik het best nog twee kilo af en dat gewicht heb ik dan weer nodig voor Vlaanderen en Roubaix.' Weinigen zullen zich nog herinneren dat Van Avermaet al eens zevende werd in Luik, in 2011. Hij was toen de laatste overlever van een vluchtersgroep en moest pas op de Saint-Nicolas de ontketende Gilbert - de uiteindelijke winnaar - en de broers Schleck laten rijden. Zelfs in Lombardije, de najaarsklassieker waar vaak ronderenners het laken naar zich toe trekken, gaf de man van alle seizoenen al blijk van zijn veelzijdigheid: vier keer in de top twintig met als voorlopige uitschieter een twaalfde plaats in 2011, op minder dan een halve minuut van de Zwitser Oliver Zaugg. In ruim een eeuw wielergeschiedenis zijn alleen Rik Van Looy, Eddy Merckx en Roger De Vlaeminck erin geslaagd om alle vijf de klassieke monumenten te winnen. Van Avermaet wordt volgende maand al 32, maar durft iemand sinds de olympische wegrit van Rio te beweren dat er een klassieker is die hij niet kan winnen? Benedict Vanclooster