Zowel qua totaal aantal, als qua hoogtemeters per kilometer (6,35), het minste sinds het WK 2002 in Zolder, toen Mario Cipollini de massasprint won en de renners over 256 kilometer slechts 1000 verticale meters moesten overwinnen.

Sindsdien bleef geen enkel WK-parcours onder de 2000 hoogtemeters, zoals nu in Richmond. Dat van Kopenhagen in 2011, waar Mark Cavendish naar de regenboogtrui sprintte, telde er 2000, dat van Valkenburg in 2012, met Philippe Gilbert als winnaar, 2500. Daarna gevolgd door Salzburg 2006 (2800, Paolo Bettini) en Madrid 2005 (2900, Tom Boonen).

Richmond is op dat gebied dus "makkelijker" dan de omloop in Madrid, waar Boonen tien jaar geleden wereldkampioen werd. Maar dat betekent niet dat het ook een makkelijkere wedstrijd wordt.

Om twee redenen:

1) Weersvoorspellingen geven zondag regen aan, wat de race automatisch harder zal maken.

2) De drie klimmetjes zijn weliswaar kort (250, 100 en 280 meter), en zeker niet te vergelijken met hellingen uit de Ronde van Vlaanderen, maar liggen wel in de laatste drie kilometer van elke ronde, met daarenboven nog een finish vals plat bergop. Ze volgen elkaar bovendien snel op, met veel bochten en smalle passages, waardoor positionering en stuurvaardigheid belangrijker zal worden dan de fysieke inspanning op zich. Vooral als het inderdaad zou regenen en de kasseitjes er glad bij liggen.

En zeker als de Belgen, maar ook de Nederlanders, Spanjaarden en Italianen, doen wat ze moeten doen als ze van sprinters als John Degenkolb en Alexander Kristoff af willen: aanvallen, of zoals Michel Wuyts het zegt: terreur maken.

Dan zou het, ondanks het lichte parcours, weleens een heel mooi WK kunnen worden.

Zowel qua totaal aantal, als qua hoogtemeters per kilometer (6,35), het minste sinds het WK 2002 in Zolder, toen Mario Cipollini de massasprint won en de renners over 256 kilometer slechts 1000 verticale meters moesten overwinnen.Sindsdien bleef geen enkel WK-parcours onder de 2000 hoogtemeters, zoals nu in Richmond. Dat van Kopenhagen in 2011, waar Mark Cavendish naar de regenboogtrui sprintte, telde er 2000, dat van Valkenburg in 2012, met Philippe Gilbert als winnaar, 2500. Daarna gevolgd door Salzburg 2006 (2800, Paolo Bettini) en Madrid 2005 (2900, Tom Boonen).Richmond is op dat gebied dus "makkelijker" dan de omloop in Madrid, waar Boonen tien jaar geleden wereldkampioen werd. Maar dat betekent niet dat het ook een makkelijkere wedstrijd wordt.Om twee redenen: 1) Weersvoorspellingen geven zondag regen aan, wat de race automatisch harder zal maken. 2) De drie klimmetjes zijn weliswaar kort (250, 100 en 280 meter), en zeker niet te vergelijken met hellingen uit de Ronde van Vlaanderen, maar liggen wel in de laatste drie kilometer van elke ronde, met daarenboven nog een finish vals plat bergop. Ze volgen elkaar bovendien snel op, met veel bochten en smalle passages, waardoor positionering en stuurvaardigheid belangrijker zal worden dan de fysieke inspanning op zich. Vooral als het inderdaad zou regenen en de kasseitjes er glad bij liggen.En zeker als de Belgen, maar ook de Nederlanders, Spanjaarden en Italianen, doen wat ze moeten doen als ze van sprinters als John Degenkolb en Alexander Kristoff af willen: aanvallen, of zoals Michel Wuyts het zegt: terreur maken.Dan zou het, ondanks het lichte parcours, weleens een heel mooi WK kunnen worden.