Jumbo-Visma onthulde vrijdag met een filmpje op zijn website het programma voor 2021. Van Aert gaat komende zomer opnieuw van start in de Ronde van Frankrijk, maar de Belg mikt vooral op de eendagskoersen en de Spelen in Tokio (23 juli - 8 augustus).

'Na vorig jaar denk ik dat ik wel vertrouwen mag hebben om in alle Monumenten kans te maken', verklaarde Van Aert. 'Dat is een grote uitspraak, dat besef ik zelf goed. Maar ik wil het zeker najagen.'

De Sportman van het Jaar verstopt daarnaast zijn olympische ambitie niet. 'Wat ik bijzonder vind aan de Spelen is dat ze het enige evenement als wielrenner zijn waar een tweede en derde plaats ook echt enorme waarde hebben. Een olympische medaille is echt bijzonder. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat ik gewoon voor een medaille ga, ik ga om te winnen, zoals altijd. De olympische tijdrit is een kans die ik zeker niet wil laten schieten.'

Van Aert heeft de tijdrit met stip aangeduid. 'Ik heb het tijdritparcours al een beetje bestudeerd. Ik ben nog nooit in Japan geweest maar tegenwoordig kun je online best wijs worden. Het is een lastig parcours, een beetje op en af. Vergeleken met het WK in Imola is het toch een stuk lastiger. Ik heb het gevoel dat ik in het tijdrijden steeds beter aan het worden ben, en het WK heeft vertrouwen gegeven dat ik nog beter moet kunnen. Als de klassiekers gepasseerd zijn gaat het echt een van mijn focuspunten worden om aan die tijdrit te werken.'

Van Aert kende in 2020 een absoluut boerenjaar. De drievoudige wereldkampioen veldrijden werd uitgeroepen tot Sportman van het Jaar en kreeg de Nationale Trofee voor Sportverdienste, de Kristallen Fiets, de Flandrien en de Vlaamse Reus. Eind oktober sloot hij een voor hem uitzonderlijk wielerjaar op de weg af met een tweede stek in de Ronde van Vlaanderen. Voordien schitterde hij met winst in Milaan-Sanremo en de Strade Bianche en twee ritzeges in de Ronde van Frankrijk. Daarnaast werd de Kempenaar vicewereldkampioen op de weg, Belgisch kampioen en vicewereldkampioen tijdrijden. Donderdag verlengde hij zijn contract bij Jumbo-Visma tot 2024.

Programma Van Aert:

- Strade Bianche (06/03)

- Tirreno-Adriatico (10-16/03)

- Milaan-Sanremo (20/03)

- E3 Classic (26/03)

- Gent-Wevelgem (28/03)

- Ronde van Vlaanderen (04/04)

- Parijs-Roubaix (11/04)

- Critérium du Dauphiné (30/05-06/06)

- Tour de France (26/06-18/07)

- Olympische weg- en tijdrit (23/07-08/08)

- Tour of Britain (05-12/09)

- Wereldkampioenschap (19-26/09)

Jumbo-Visma onthulde vrijdag met een filmpje op zijn website het programma voor 2021. Van Aert gaat komende zomer opnieuw van start in de Ronde van Frankrijk, maar de Belg mikt vooral op de eendagskoersen en de Spelen in Tokio (23 juli - 8 augustus). 'Na vorig jaar denk ik dat ik wel vertrouwen mag hebben om in alle Monumenten kans te maken', verklaarde Van Aert. 'Dat is een grote uitspraak, dat besef ik zelf goed. Maar ik wil het zeker najagen.' De Sportman van het Jaar verstopt daarnaast zijn olympische ambitie niet. 'Wat ik bijzonder vind aan de Spelen is dat ze het enige evenement als wielrenner zijn waar een tweede en derde plaats ook echt enorme waarde hebben. Een olympische medaille is echt bijzonder. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat ik gewoon voor een medaille ga, ik ga om te winnen, zoals altijd. De olympische tijdrit is een kans die ik zeker niet wil laten schieten.' Van Aert heeft de tijdrit met stip aangeduid. 'Ik heb het tijdritparcours al een beetje bestudeerd. Ik ben nog nooit in Japan geweest maar tegenwoordig kun je online best wijs worden. Het is een lastig parcours, een beetje op en af. Vergeleken met het WK in Imola is het toch een stuk lastiger. Ik heb het gevoel dat ik in het tijdrijden steeds beter aan het worden ben, en het WK heeft vertrouwen gegeven dat ik nog beter moet kunnen. Als de klassiekers gepasseerd zijn gaat het echt een van mijn focuspunten worden om aan die tijdrit te werken.' Van Aert kende in 2020 een absoluut boerenjaar. De drievoudige wereldkampioen veldrijden werd uitgeroepen tot Sportman van het Jaar en kreeg de Nationale Trofee voor Sportverdienste, de Kristallen Fiets, de Flandrien en de Vlaamse Reus. Eind oktober sloot hij een voor hem uitzonderlijk wielerjaar op de weg af met een tweede stek in de Ronde van Vlaanderen. Voordien schitterde hij met winst in Milaan-Sanremo en de Strade Bianche en twee ritzeges in de Ronde van Frankrijk. Daarnaast werd de Kempenaar vicewereldkampioen op de weg, Belgisch kampioen en vicewereldkampioen tijdrijden. Donderdag verlengde hij zijn contract bij Jumbo-Visma tot 2024.