De Belgische basketbalcompetitie verkeert al enkele jaren in een existentiële crisis. Toeschouwersaantallen dalen, sponsors haken af, budgetten gaan omlaag en dus daalt ook het niveau van de ploegen. Doordat onderweg enkele clubs de handdoek wierpen, werd er de voorbije jaren met slechts tien ploegen aangetreden (in 2013 zelfs met acht), in wisselende competitieformats. Gedrochten waarbij ploegen elkaar soms zes keer per seizoen dienden te bekampen en zowat iedereen aan de play-offs mocht deelnemen. Wervend voor de basketsport was het allemaal niet.
...

De Belgische basketbalcompetitie verkeert al enkele jaren in een existentiële crisis. Toeschouwersaantallen dalen, sponsors haken af, budgetten gaan omlaag en dus daalt ook het niveau van de ploegen. Doordat onderweg enkele clubs de handdoek wierpen, werd er de voorbije jaren met slechts tien ploegen aangetreden (in 2013 zelfs met acht), in wisselende competitieformats. Gedrochten waarbij ploegen elkaar soms zes keer per seizoen dienden te bekampen en zowat iedereen aan de play-offs mocht deelnemen. Wervend voor de basketsport was het allemaal niet. Bij de Pro League beseften ze maar al te goed dat de zoektocht naar een geschikte competitieformule een achterhoedegevecht was. Daarom werd eind 2018 een oud idee van stal gehaald: de BeNeLeague. Na een positieve evaluatie van onderzoeksbureau Hypercube, werden een jaar later acht werkgroepen opgericht die elk een domein - gaande van sponsoring en licentiesysteem tot operationele organisatie - moesten uitdiepen. Zo wordt het steeds duidelijker dat we nu wellicht onze laatste editie van de Euromillions Basketball League in gaan. Vanaf volgend seizoen, 2021/22, is het de bedoeling dat de BeNeLeague start. Arthur Goethals, voorzitter van de Belgische Pro League, legt uit waar het project nu staat: 'De acht werkgroepen hebben hun opdrachten afgerond en er is een draaiboek overhandigd aan alle eersteklasseclubs. Zij krijgen nu de kans om daaromtrent nog vragen te stellen. Tegen eind november zouden we dan definitief het licht op groen willen krijgen.' 'De coronapandemie heeft natuurlijk een en ander bemoeilijkt. Sommige clubs weten in deze omstandigheden niet eens of ze het einde van het jaar halen, laat staan dat ze dan al uitspraken kunnen doen over volgend seizoen. Maar de intentie bestaat alvast om volgend seizoen met een BeNeLeague te starten, zowel aan Nederlandse als Belgische zijde. Zodra we definitief weten welke clubs mee aan boord stappen, kunnen we ook concrete deals sluiten met sponsors en mediapartners.' Aanvankelijk bestond nochtans de nodige scepsis, vooral vanuit de Waalse clubs. De ligavoorzitter begrijpt de bezorgdheden, maar stipt aan dat vrijwel alle Belgische clubs de noodzaak van een nieuwe impuls inzien. 'Iedereen beseft dat we dringend de aantrekkelijkheid van onze competitie moeten vergroten', is Goethals duidelijk. 'Wij weten als profliga ook wel dat het format van onze competitie de voorbije jaren niet optimaal was, maar door het wegvallen van enkele clubs konden we niet anders: om rendabel te zijn hebben de eersteklassers een minimum aantal thuiswedstrijden nodig om supporters en vips te kunnen verwelkomen.' Ook qua televisierechten was een gedecimeerde en warrig geformatteerde basketbalcompetitie niet ideaal om te verkopen. Goethals: 'Komt daarbij dat het voetbal tegenwoordig alles opslorpt, dat aanbod aan wedstrijden op televisie is te groot geworden om mee te concurreren.' En dan is er nog de internationalisering van de basketbalsport, stipt de ligavoorzitter en voormalige preses van BC Oostende aan. 'Vroeger kwamen talenten uit de VS of elders hier ervaring opdoen als tussenstation, maar die hebben nu mogelijkheden in andere landen, waar ze direct beter betaald worden.' Een BeNeLeague moet die negatieve teneur kunnen omdraaien, klinkt de Pro League overtuigd. 'Alleen al de schaalvergroting, door van een afzetmarkt van 11 miljoen inwoners naar 28 miljoen inwoners te gaan, schept mogelijkheden. Bovendien zullen de licentievoorwaarden verscherpen, waardoor we een competitieve liga moeten krijgen, wat de uitstraling vergroot. Ik denk dat ook Waalse clubs meer hebben aan een hoogwaardig duel tegen pakweg Groningen dan aan een wedstrijd tegen een Belgische club die budgettaire moeilijkheden kent.' Wat het format betreft zou er in twee luiken opgesplitst worden. Een eerste competitieluik op nationaal vlak, waarbij de tien Belgische eersteklassers elk tweemaal (heen- en terugwedstrijd) tegen elkaar spelen om een nationale kampioen aan te duiden. Dat is immers nodig om aan de regels van de Europese bonden (FIBA en ULEB) te voldoen, die enkel Europese tickets uitdelen op basis van nationale competitie. In een tweede gedeelte zouden dan op basis van de nationale klassementen twee poules opgesteld worden met een mix van tien Belgische en tien Nederlandse clubs. De top vijf van elke land in een 'gold'-poule en de overige tien in een andere. Het zou om een gesloten competitie gaan voor minstens drie seizoenen. Daarna volgt een evaluatie en afhankelijk van welke clubs niet kunnen voldoen aan de licentievoorwaarden worden nieuwe toetredingen bekeken. Of het aantal deelnemers gereduceerd. 'Er zullen misschien clubs afvallen, maar dan wellicht diegene die nu ook al problemen kennen', zegt Goethals. 'Terwijl de meerwaarde van een BeNeLeague er net voor kan zorgen dat nieuwe clubs zich aandienen. Zoals in Kortrijk, waar momenteel al goede ontwikkelingen plaatsvinden. Die kunnen door de BeNeLeague dat extra duwtje in de rug krijgen om een volwaardige eersteklasseclub op poten te zetten.'