De Boeck: ‘Een trainer is geen tovenaar’

Glen De Boeck: 'De trainersvereniging staat in België op een laag pitje.' © belgaimage
Peter t'Kint
Peter t'Kint Redacteur bij Sport/Voetbalmagazine

Glen De Boeck betreurt dat de trainer in België vaak de zwarte piet krijgt toegeschoven.

Opvallende toeschouwer bij elke thuiswedstrijd van de Rode Duivels is Glen De Boeck (46), van 1993 tot 2002 36 keer A-international. Ook tegen Cyprus zat hij in de tribune. Zijn analyse van de kwalificatiecampagne?

De Boeck: ‘Als ik naar voetbal kijk, zie ik graag de hand van de trainer. Bij de nationale ploeg wordt duidelijk niet zomaar iets gedaan, maar gevoetbald vanuit een idee. Wat mij zorgen baart, en Roberto Martínez allicht ook, is dat ze zo moeilijk de nul kunnen spelen. We moeten de goeie dingen van de match tegen Bosnië zeker onthouden, maar als je op een groot toernooi drie goals slikt tegen pakweg Spanje of Duitsland, zet je dat nooit meer recht. Op een toernooi moet je de nul kunnen spelen.’

Geduldig wacht De Boeck ondertussen op een nieuwe kans als hoofdtrainer. Hij volgt het voetbal uit 1A en 1B op de voet. Kijkt hij met grote ogen naar de snelheid waarmee dezer dagen koppen rollen?

Hij lacht: ‘Nee, daarvoor zit ik al te lang in dit wereldje. Ik ga daarop antwoorden met een cliché waarin veel waarheid zit: je moet een trainer kunnen houden als hij laatste staat, maar ook durven ontslaan als hij eerste staat. De positie van René Weiler was niet houdbaar. Ik maakte het zelf ook mee in Moeskroen. Als je auto na een wedstrijd wordt belaagd door supporters, moet het ophouden.

‘Of een ontslag altijd terecht is, laat ik in het midden, want je kent de interne keuken niet. De ode van de supporters van Gent, toen ze voorlaatste stonden, aan Hein Vanhaezebrouck, dat mis ik wel een beetje in het voetbal. Een trainer is geen tovenaar. Je moet zijn hand zien, en de situatie moet werkbaar zijn, maar vraag van die man niet…

‘Die scorebordpolitiek – we zullen het maar op de trainer steken – betreur ik in België. Bond en Pro League doen er niks aan, en onze trainersvereniging staat op een laag pitje. Dat debat moeten we toch eens gaan voeren.’

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier