De Zeeuw: ‘Ik kan positie van Biglia invullen’

© IMAGEGLOBE
Jan Hauspie
Jan Hauspie Voormalig redacteur bij Sport/Voetbalmagazine.

Het grote transferwerk moet bij Anderlecht nog beginnen, toch werd al één opmerkelijke zaak afgehandeld: Demy de Zeeuw wordt nog een jaar gehuurd van Spartak Moskou. In Sport/Voetbalmagazine blikt de Nederlandse middenvelder alvast vooruit naar de competitiestart.

Zijn contract in Moskou loopt nog een jaar, maar geen haar op het redelijk kale hoofd van Demy de Zeeuw dat eraan dacht terug te keren naar zijn Russische club.

“Er stond een optie in dat clubs me voor 2 miljoen euro konden overnemen. Dat was gewoon te veel. Maar ik wilde niet blijven in Moskou. En aangezien ze al drie nieuwe spelers hadden gekocht, mocht ik ook weg”, vertelt hij De Zeeuw.

“Spartak heeft uiteindelijk meegewerkt en er is een goede deal gevonden met Anderlecht. Ik ben blij dat ik terug ben. Hier vind ik het plezier terug dat ik in Moskou al een tijdje niet meer had. Anderlecht is een mooie club. Je speelt altijd voor het kampioenschap en nu ook weer Champions League.”

“Het klinkt misschien makkelijk, maar ik wilde gewoon weer lekker voetballen. Na het seizoen bekijken we of we met elkaar doorgaan. Zo niet ben ik transfervrij.”

Biglia

Opent het vertrek van boegbeeld Lucas Biglia perspectieven voor hem? De Zeeuw: “Het is natuurlijk een speler minder, en bij AZ en Ajax heb ik veel op zijn positie gespeeld. Ook in het Nederlands elftal. Ik kan er goed uit de voeten, maar ik denk dat ik met Sacha (Kljestan, nvdr) en Dennis (Praet, nvdr) tegen Lokeren heb laten zien dat ik op alle drie de posities op het middenveld wel uit de voeten kan.”

“Ik ben een ander type dan Biglia, maar ik denk wel dat ik het op die positie kan invullen zoals de trainer het graag ziet. Ik kijk altijd diep en misschien was Lucas wat meer verdedigend. Internationaal is dat misschien iets te veel risico, maar met Ajax en het Nederlands elftal heb ik daar toch ook wedstrijden op niveau gespeeld.”

Blijven doortrainen

Om zijn conditionele achterstand weg te werken, bleef de Nederlander deze zomer doortrainen. Hij moet er straks de vruchten van plukken.

“Ik merk nu dat ik heel anders binnenkom dan in januari. Op het eind had ik al wat laten zien dat ik een meerwaarde kan zijn voor Anderlecht. Misschien meer op training dan in de wedstrijden, maar toch. Dat hebben de trainer en Herman Van Holsbeeck ook gezien. Die zijn ook blij dat ik nog steeds hier ben.”

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier