‘De compensatiedrang via een langere transferperiode van de Jupiler Pro League is overbodig’

Voor gevallen als Vanaken die op het laatste moment nog zouden willen vertrekken, werd de langere transfermarkt in België geïnstalleerd. Zodat de club langer heeft voor een vervanger te zoeken. © Belga Image
Imke Courtois
Imke Courtois Columnist

Columniste Imke Courtois heeft het over de voorbije transferperiode en het feit dat de Belgische markt nog open blijft tot 6 september.

De Belgische transfermarkt sluit rijkelijk laat, op 6 dinsdag september, terwijl de mercato in de grote competities al dicht is. Enkel Rusland en het Turkije van Dries Mertens gaan nog langer door tot donderdag 8 september voor de laatste zomersolden. Spelers blijven rusteloos meetrainen, de ene heeft angst om verkocht of verhuurd te worden, de andere smeedt een boycot om toch nog te kunnen vertrekken. Want zo gaat dat tegenwoordig, als de inkomende cijfers niet overtuigen en het contract legt de boeien stevig rond de voeten, dan komt de speler met protestacties. Lamkel Zé doet het doorgaans nogal opzichtig, Cristiano Ronaldo verlaat de wedstrijd vroegtijdig, Charles De Ketelaere durft het aan om één training te missen, enkel Hans Vanaken traint en speelt braaf verder. Enkel met ‘misschien dat ik dat wel wil’ bekende Hans kleur, corpsrood en blauw.

Kortom, het draait om concurrentieel voordeel. Terwijl interessantere clubs komen aankloppen bij de Jupiler Pro League-lichtpuntjes, kan de Belgische competitie de schade opvangen in die extra dagen. Competities zijn al volop aan de gang, dus ergens is er wel een ontevreden bankzitter of een jonge gast die wat speelminuten nodig heeft voor zijn ontwikkeling. Dat zijn de jongens die tussen 1 en 6 september de weg naar de Jupiler Pro League vinden.

Vijf uitzonderlijke dagen waarop ook nog eens het extra administratief werk geregeld wordt. Door de antiwitwaswetgeving, waar Belgische clubs door enkele vuile handen aan onderworpen zijn, dienen voetbalclubs na te gaan met wie ze zaken doen. De handen worden gecontroleerd. Enig smetje (geldstromen uit pakweg Cyprus of Montenegro of crimineel geld) dient aangegeven te worden bij de fiscus en de bevoegde instanties. Enkel wij Belgen zijn onderhevig aan zo’n regime, de rest van Europa gaat vrijuit.

Het grote gebrek aan uniformiteit en opgepompte concurrentie blijft bestaan. Voetbalclubs zoeken naarstig naar formules om te overleven, om te concurreren met de grotere competities. Ooit was het via ‘gelegaliseerde belastingontduiking’ (RSZ-bijdragen en bedrijfsvoorheffing die belachelijk laag zijn), nu dus aangevuld door een langere transferperiode. Ondertussen zijn alle competities gestart, de Europese voorrondes gespeeld en tellen we minder dan 80 dagen vooraleer het winter-WK in Qatar begint. Niet veel later volgt er opnieuw een transferperiode – die ongetwijfeld ook een nieuwe invulling zal krijgen door het voorafgaande WK – en kan de rust wederkeren voor de laatste 4 voetbalmaanden.

Toegegeven, het is quasi onmogelijk om alles gelijk te trekken: competitieformats zijn soms noodzakelijk anders, klimatologische verschillen spelen een rol en financiële mogelijkheden zijn vaak recht evenredig met het sportief succes. Maar de compensatiedrang via een langere transfer window vind ik overbodig. Geen mens die nog voorspelling durft te maken over ploegen die nooit voltallig of definitief zijn, supporters wachten lang op de bedrukking van hun truitje en clubs bedenken de zotste contracten om een beetje zekerheid te installeren. Eerste rustpunt hier in België: 6 september, niet voor niets de dag waarop John Dalton geboren werd, de man naar wie het daltonisme is vernoemd.