Matthias Leterme (KV Kortrijk): ‘Ik vraag vaak naar mijn pa zijn idee, over van alles’

© INGE KINNET

Amper 23 jaar oud was Matthias Leterme toen hij bij Georges Leekens aanklopte met een ticketje van een barbezoek dat de trainer zélf diende te betalen. Inmiddels zijn we twaalf jaar verder en is hij van financieel manager opgeklommen tot algemeen manager. Een verhaal over hard onderhandelen, the fear of missing out en zijn liefde voor dieren. ‘Professioneel gezien lijk ik als twee druppels op mijn vader, privé lijk ik op mijn moeder.’

Matthias Leterme (35) is niet de man van de interviews. Hij houdt niet van de spotlights, zeker niet als het gaat om zijn familie en zijn rol als ‘de zoon van Yves Leterme’. Wanneer we uitleggen dat dat gegeven in een breder kader wordt geplaatst, maakt hij dan toch een uitzondering. ‘Ik ben redelijk gesloten’, verklaart hij. ‘Ons gezin lag vroeger onder een vergrootglas, dan weet je dat je niet het grootste woord moet hebben. Of mensen dachten, zonder dat ze me kenden, dat ik een arrogante klootzak was. Eens ik voel dat het oké is, word ik wel wat open.’

We spreken elkaar op de burelen van KV Kortrijk, aan de Leie. De mensen die elke dag voor de voetbalclub in de weer zijn, zijn dat niet langer op vrijwillig basis, zoals toen Leterme begon, maar in vaste dienst. Destijds, in november 2009, had de ploeg er net een jaar in eerste klasse opzitten. Het bureau was nog een container waar er tot het middaguur met de winterjas aan gewerkt werd omdat de verwarming maar traag aansloeg. In de zomer was het er dan weer niet uit te houden door de hitte.

Boze Leekens

Vandaag de dag heeft de club zijn schaapjes op het droge. Niet in de minste plaats omdat Leterme er de financiële zaken uitzet. Zijn komst twaalf jaar geleden noemt hij puur toeval, als won hij een lot uit de loterij. Eerst was er de ontmoeting met een vriendin tijdens het uitgaan die hem wees op een vacature bij de club, dan was er de hoofdkandidaat die zich afmeldde voor de job. ‘Was ik die avond niet uit geweest, of was die vriendin niet de deur uitgegaan, dan had ik hier waarschijnlijk niet gezeten.’

Eigenlijk zou Leterme, als jongeman van 23, op vrijwillige basis beginnen bij KVK. Maar toen hij bij zijn tweede gesprek de voltallige raad van bestuur tegenover zich zag en een resem vragen kreeg, polste hij toch maar even naar de voorwaarden. Toen bleek dat ze in hem de ideale man voor de functie van financieel manager zagen. ‘Ze hadden in de positie waarin de club destijds zat ook niet de luxe om te kiezen uit honderd profielen of gevestigde namen. Het was hier een werf en de verloning was ook niet zo geweldig maar voor mij waren dat bijkomstigheden; ik zocht een job waarin ik mij kon uitleven.’

De media hebben mijn pa groot gemaakt, maar ze hebben hem ook gekraakt. In het voetbal is het niet anders.’

Matthias Leterme

Leterme studeerde toegepaste economische wetenschappen en was bezig met de makelaarsopleiding; hij wist dus wel wat van de bondsreglementen. Daarnaast had hij vooral ‘heel veel goesting om aan iets te bouwen.’ Leterme: ‘Geen nine to five maar lange dagen maken en er in de weekenden op uit trekken… Dat ritme van zo’n voetbalclub en het competitieve … dat sprak me enorm aan. Als je in een container moet zitten waar het ijskoud is dan móét je ook wel die goesting hebben.’

Over zijn naam werd niet gesproken. Ook al was zijn vader op dat moment premier van België. ‘Tot op de dag van vandaag beweren de mensen dat zij de link niet gelegd hebben. Op geen enkel moment in het gesprek is daar ook naar gevraagd geweest dus ik moet hen op hun woord geloven.’ ( lacht)

Hij zal altijd ‘de zoon van’ blijven, maar de laatste jaren schrijft Matthias Leterme toch vooral zijn eigen verhaal. Vraag maar aan Georges Leekens. De jonge Leterme was amper een paar weken binnen en hij wees de trainer van destijds al op een ticketje van een barbezoek van de staf na een wedstrijd. Dat was voor eigen rekening; de club zou alleen het hotel en eten betalen – zo was dat met eigenaar Jean-Marc De Gryse besproken. Leekens reageerde verontwaardigd. ‘Wat denk je wel?!’ Leterme lacht: ‘Dan loopt het wel even dunnetjes door je broek. Waarschijnlijk weet Georges er niks meer van, maar ik was net begonnen dus ik weet het nog heel goed. Ik was aangetrokken om bepaalde zaken op orde te zetten en kreeg de verantwoordelijkheid over mensen die drie keer zo oud waren als ik en daar soms al jaren werkten. Als ik nu terugkijk op mijn twaalf jaar hier, dan heb ik een enorme ervaring opgebouwd. Want je weet bitter weinig hé, op die leeftijd.’

De rol van De Gryse was daarin belangrijk. ‘Wij waren twee handen op een buik. Zonder die klik had ik dit nooit kunnen doen. Hij stond achter me en die steun was essentieel. Als pakweg Georges bij Jean-Marc zijn gelijk had gehaald dan stond ik daar voor piet snot. Dan zouden mijn dagen zo geteld zijn.’

Matthias Leterme: 'Ik word zot als ik thuis zit. Ik moet bezig zijn, of dat nu op het werk is of met vrienden.'
Matthias Leterme: ‘Ik word zot als ik thuis zit. Ik moet bezig zijn, of dat nu op het werk is of met vrienden.’© INGE KINNET

Harde onderhandelaar

Inmiddels is Leterme van financieel manager algemeen manager geworden, een functie die hij al vanaf zijn dertigste vervult. Meer dan zijn jonge leeftijd is hij er trots op dat KV Kortrijk volledig zelfbedruipend is en ook dient te zijn – veel financiële steun hoeft de club niet te verwachten van eigenaar Vincent Tan, die ook Cardiff City en FK Sarajevo bezit.

Hoewel Leterme mogelijkheden ziet om de wisselwerking tussen de club en de Maleisiër te verbeteren (zie ook kader), maakt het hem trots dat KVK zijn zaken goed op orde heeft. ‘Ik heb er problemen mee als clubs bewierookt worden die een deficit hebben van bijvoorbeeld 8 of 10 miljoen euro. Ik zou graag in een club werken waar money not an issue is, maar in wezen versta ik het niet. Elk bedrijf, en dus ook een voetbalclub, wil toch minstens een break-even nastreven. Dat is hoe ik voetbal zie en ook wil blijven zien. Ik denk dat wanneer alles in evenwicht is en blijft, er een bepaalde duurzaamheid ontstaat. Dan komen die resultaten ook op het veld – al duurt dat dan misschien wat langer dan wanneer je er veel geld in pompt.’

Omdat de middelen in Kortrijk minimaal zijn, moet Leterme de tering naar de nering zetten. De budgetten zijn klein maar daarmee werkt de club nu al enkele jaren succesvol binnen zijn kaders. Hoewel de West-Vlaming van zichzelf vindt dat hij niet de grootste voetbalkenner is, heeft hij in elke transfer de laatste hand. ‘Ik vind onderhandelen fantastisch. Dat is ook sport. Heel rap voel je: dat willen ze, dat kunnen ze en wij willen en kunnen dit. Dat is psychologie, politiek eigenlijk; je dient te weten met wie je onderhandelt en of diegene ook uiteindelijk de beslissing gaat nemen.’ Of hij een harde onderhandelaar is? ‘Dat hoop ik toch. Je wilt goedkoop inkopen en duur verkopen; dat verschil bepaalt hoe ver je kunt groeien. Met bepaalde eisen beginnen om uiteindelijk op een heel ander pakket uit te komen … dat werkt niet bij mij. Als wij onderhandelen over een transfer dan hebben wij intern een prijs bediscussieerd, dat is x, dan ga ik in gesprekken niet x plus 20 procent vragen om uiteindelijk op x uit te komen. Nee, dan is het x en dan blijft het x. Als ik spelers wil gaan halen ook: dit willen wij geven. Oké, daar kan wat marge op zitten, maar ik zeg niet x om op x plus 30 procent uit te komen. Als er iets gecommuniceerd moet worden, prefereer ik rechtuit te zijn. Ook bij minder aangename boodschappen. Ik denk dat dat duurzamer werkt.’

Olifantenhuid

Hij verwijst naar zijn vader. ‘Professioneel lijk ik als twee druppels water op hem. No nonsense, nuchter, relativeren, je niks aantrekken van de buitenwacht en hard zijn. Privé ben ik misschien meer mijn moeder, zij houdt ook niet van de spotlights, cijfert zich weg en stelt haar huis open voor iedereen. Dat sociale heb ik heel sterk. Ik word zot als ik thuis zit; ik moet bezig zijn, of dat nu op het werk is of met vrienden. Hoe dat komt? The fear of missing out. ( lacht) Als er iets te doen is, dan moet ik daar bij zijn. En als ik er ben, moet ik als laatste naar huis.’

Wanneer de rol van zijn moeder en zijn jeugd ter sprake komt, glimlacht hij. Vrijheid, blijheid. Zo typeert hij zijn jonge jaren. De achterdeur van huize Leterme stond altijd open en vriendjes en vriendinnetjes mochten blijven eten en slapen. ‘Onze moeder vond het allemaal prima. Zij liet heel veel toe. We hebben daardoor nooit de drang gehad om iets in het geniep te doen; we werden nergens in beperkt.’

Ik hóéf niet in het voetbal te blijven en ik ben ook niet verknocht aan macht.’

Matthias Leterme

Tussen zijn twaalfde en achttiende koerste Leterme op een aardig niveau en omdat zijn vader veel van huis was, bracht zijn moeder hem naar de wedstrijden. In een tijd zonder gps drukte ze de route vooraf af en samen zochten ze onderweg naar hun bestemming. ‘Hier linksaf, daar rechtdoor… Dat waren hele belevenissen en dat deed ze ook voor mijn broer die voetbalde en mijn zus die baskette. Dat zie ik nu pas, nu ik ouder ben. Vroeger gooide ik gewoon mijn vuile was in een hoek, schoof aan tafel om te eten of stapte in de auto. Drie bengels in de gaten houden met een pa die er niet veel was … dat was niet evident, maar ze vond het nooit te veel.’

De politieke rol van zijn vader was nooit prominent aanwezig in het gezin. Wanneer pa Leterme mee aan tafel schoof, ging het over sport: over koers of over voetbal. ‘Wanneer je pa in de politiek zit en op tv komt, ben je er automatisch in geïnteresseerd. Dan hoor je meer dan een gemiddelde Vlaming en op het moment dat de resultaten van de verkiezingen binnenkwamen, leefden we in spanning mee. Verder was dat geen big issue. Nu nog niet. Politiek interesseert me niet; ik kan weinig ministers opnoemen op dit moment. Ik heb ook niet het idee dat ons land nu bestuurd wordt door de crème de la crème die daar behoort te zitten. Wij weten als geen ander hoe het gespeeld wordt. De media heeft de grootste macht. Zij hebben mijn pa groot gemaakt – zonder die steun had hij dat bereik niet gehad – maar ze hebben hem ook gekraakt. In het voetbal is het niet anders: het ene seizoen word je gemaakt, het andere afgemaakt. Dat is een van de redenen dat ik niet graag interviews geef.’

Matthias Leterme: 'Politiek interesseert me niet; ik kan weinig ministers opnoemen op dit moment.'
Matthias Leterme: ‘Politiek interesseert me niet; ik kan weinig ministers opnoemen op dit moment.’© INGE KINNET

Persoonlijk lijkt hij ook daarin op zijn vader; hij heeft een olifantenhuid. ‘Mensen mogen zeggen wat ze willen. Ik heb op dat vlak vroeger al genoeg gezien en meegemaakt; wanneer ik met mijn pa op pad was, werd er ons weleens wat nageroepen. Dat maakte me toen al niet uit en nu nog minder. Dat interesseert mijn pa ook totaal niet. Hij zei altijd: ‘Mensen kunnen maar het verstand gebruiken dat ze hebben.’ En wij als kinderen beseften dat wij in een bevoorrechte positie zitten om in zo’n gezin op te groeien. Wij hebben kansen gekregen die anderen niet hadden.’

Voor zijn moeder was het anders. ‘Voor haar moet dat niet simpel geweest zijn; het is ook logisch dat ze wat uit elkaar zijn gegroeid. De scheiding kwam niet als donderslag bij heldere hemel. Je hoopt dat niet te hoeven meemaken en het is niet fijn, maar we waren al volwassen, dan is dat ook niet het einde van de wereld. Ik heb met beiden nog een heel goede band.’

Elke week probeert hij een keer binnen te springen bij zijn moeder – onlangs miste hij voor het eerst, buiten corona, een wedstrijd van KVK omdat ze haar verjaardag vierde – en zijn vader hoort hij via berichten of over de telefoon. Hij is een van de mensen die hij raadpleegt bij keuzes die hij moet maken. ‘Ik vraag vaak naar zijn idee, over van alles. Neem een coachwissel. Niet dat mijn pa beslist of hij moet vertrekken of niet ( lacht), maar we praten dan over het innemen van een standpunt of hoe te communiceren, bijvoorbeeld. Dat doe ik niet alleen met hem; ik heb een paar mensen die als klankbord dienen. De voorzitter, enkele vrienden, mijn pa … hij is een van die mensen, maar wel een belangrijke. Dat is tof en dat geeft mij ook wel een bepaald comfort.’

Ieper

Voorlopig is hij nog lang niet uitgekeken op KVK en ja, natuurlijk heeft hij ambities, maar een andere voetbalclub maakt niet per se veel kans met een groot loon en ambitieuze plannen. ‘Ik hóéf niet in het voetbal te blijven en ik ben ook niet verknocht aan macht. Ik wil hier ook niet de credits. Ik heb liever dat andere mensen in de picture staan. Zolang ik hier ben, geef ik 200 procent maar als ze mij morgen zeggen dat iemand anders het beter kan dan ga ik iets anders doen, daar heb ik geen problemen mee. Ik sta open voor alles.’

Een andere club brengt ook de logistieke last met zich mee: Leterme wil niet weg uit Ieper. ‘Dan moet het al een héél mooie uitdaging en een héél interessant voorstel zijn.’ Hij is gehecht aan zijn geboorteplaats. Zijn familie, vrienden en vriendin … ze komen allemaal daar vandaan. Zo reed hij in de moeilijke coronatijden voor zijn vriend vrijwillig fruitbestellingen rond en stond hij met hem op de boerenmarkt, hij kuiste mee het atelier van een andere maat die schijnwerker is en elders stond hij dan weer bamboe uit te trekken. Als hij die mensen niet in de buurt heeft… ‘Mijn carrière gaat niet voor alles. Ik zie mij dan ook niet rap veranderen van baan. Ieper, thuis, vrienden, familie, dat is voor mij het belangrijkste. Los van carrière, geld of aanzien.’

‘Slachtoffer van ons eigen succes’

Matthias Leterme ziet nog volop mogelijkheden in de wisselwerking tussen zijn club KV Kortrijk en eigenaar Vincent Tan die nu niet worden opgepakt en dat vindt hij spijtig. Wel merkt hij op dat de club het júíst zo goed doet doordat de eigenaar de hand op de knip houdt. Toch zou al een kleine financiële injectie de club kunnen helpen. ‘Toen de familie De Gryse de club verkocht, hoopte ik dat we opnieuw in zee konden gaan met mensen die met een bepaalde visie de club vooruit willen helpen. Ik zag dat voor me: door de synergie van verschillende clubs ( Tan bezit ook Cardiff City en FK Sarajevo, nvdr) zou er een deelname aan een groter geheel zijn. Uitwisseling van kennis, een groter scoutingsapparaat, een breder netwerk, et cetera. Maar dat is er niet.’

Of dat niet goed gecommuniceerd is of anders heeft uitgepakt? Leterme glimlacht. ‘De Aziatische cultuur is zeer hiërarchisch. Ik sta vooral in contact met zijn rechterhand die zijn voetbalzaken beheert, Ken Choo, en daar ben ik ook ben heel loyaal naar.

Ik kan evengoed rechtstreeks naar Tan gaan en aangeven wat ik nodig heb, maar dat doe ik niet omdat ik dat niet juist vind.’ Een stilte. ‘Laat me heel duidelijk zijn: we hebben een heel goede samenwerking. We doen hier voor 99 procent hoe wij het willen doen, dat is fijn, maar we hebben niet die extra katalysator. Ik verlang geen blanco cheque of de toezegging ‘je mag zoveel in het rood gaan’, maar ik had wel gehoopt dat we konden zeggen: ‘Geef ons vijf miljoen voor transfers – we zijn nu heel beperkt, we kunnen gaan tot 500.000 euro – en laat ons een vier, vijf spelers halen voor een tot twee miljoen’. Ik ben ervan overtuigd dat we die jongens binnen drie jaar voor vier, vijf miljoen verkopen en dat bedrag dat hij daar één keer neerlegt verviervoudigen. Daarmee kunnen we dan zelf weer verder. Die visie of strategie mis ik nu en dat is jammer. Wat dat betreft zijn we een beetje slachtoffer van ons eigen succes. Zij hóéven er geen geld in te stoppen, anders hadden ze dat wel gedaan. Dat is enerzijds mooi, maar om de club nog meer te laten groeien, is er niet die extra katalysator in de vorm van een eigenaar die betrokken en aanwezig is.’

Matthias Leterme, de kattenman

Matthias Leterme is een echte dierenvriend. Dierenleed kan hij niet verdragen, waar in zijn vriendenkring of op het werk wel eens om wordt gelachen. Ze weten dat hij een echte kattenman is. ‘Mijn vrienden verklaren me voor gek, maar zo ben ik gewoon. Een van mijn kameraden jaagt en springt minder vreedzaam om met dieren. Met hem wil de discussie wel eens hoog oplopen. Ik kan niet begrijpen dat mensen dieren iets kunnen aandoen. Als ik die camions met vee voorbij zie rijden op weg naar het slachthuis dan draait mijn maag om. Aan de andere kant eet ik wel vlees. Ik denk daar momenteel veel over na…’

Met zijn vriendin heeft hij drie katten. De derde kwam erbij toen ze tijdens de lockdown verschillende asielkatten opvingen tot deze een nieuw thuis vonden. Zo bestaat het ‘gezin’ Leterme uit man en vrouw en drie katten: Mila, Kiki en Bertje. En het was niet zijn vriendin Kelly, maar Leterme zelf die voorstelde op een oproep van het asiel in te gaan. ‘We bouwden twee kamers om tot kattenkamers en zagen wel veertig poezen passeren. We zaten toch thuis en ik kon het leed van die diertjes niet aanzien. We hebben ze verzorgd, medicamenten toegediend en grootgebracht. De dierenarts werd soms zot van mij als ik midden in de nacht belde wat ik moest doen wanneer een van die kleintjes ziek was. Er zijn er ook een paar gestorven, verschrikkelijk was dat. Afscheid nemen was het moeilijkste van heel dat traject, ook als ze een nieuw baasje hadden gevonden.’

Ook met voedselverspilling heeft Leterme het moeilijk. ‘Ik zou te veel eten om het niet te hoeven weggooien. Ik vind dat zó erg: dat dieren voor niets gestorven zijn of groenten en fruit verspild wordt.’

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier