‘Oostende is mijn zwarte beest, ik wil dat overwinnen’

Mbaye Leye was voor dit interview te gast op het Brussels Media Center, waar ook de redactie van Sport/Voetbalmagazine gevestigd is. © BELGAIMAGE
Christian Vandenabeele
Christian Vandenabeele Freelancejournalist

Mbaye Leye voetbalt tien jaar in de Jupiler Pro League en speelt op 18 maart in het Koning Boudewijnstadion al zijn vierde bekerfinale. Als aanvoerder van Zulte Waregem kan hij tegen KV Oostende zijn derde Belgische beker winnen met alweer een andere club. Een voorbeschouwend gesprek op onze redactie.

Mbaye Leye is een man van de beker. In 2010 won hij die met AA Gent, in 2011 deed hij dat nog eens over met Standard en in 2014 verloor hij met Zulte Waregem. Tijdens het gesprek op onze redactie laat hij er op geen enkel moment twijfel over bestaan: de belangrijkste wedstrijd die Zulte Waregem dit seizoen nog speelt, is de bekerfinale. Dat bekerwinst met de daaraan verbonden rechtstreekse kwalificatie voor de poulefase van de Europa League nadelig zou kunnen zijn voor de motivatie voor play-off 1, vreest hij niet. ‘Neen’, zegt hij. ‘Omdat er toch altijd de fierheid is om niet belachelijk te willen zijn. Omdat je toch altijd jezelf en de mensen wilt plezieren. Omdat de coach nog ongeduldiger is dan wijzelf om te laten zien dat we meer kunnen zijn dan een figurant. Omdat beroepsvoetballers voldoende punten en premies willen pakken. En omdat jonge spelers die dromen van een betere competitie weten dat er in play-off 1 veel belangrijk volk zal komen kijken.’

‘Maar,’ voegt hij er toch aan toe, ‘ik speel de bekerfinale wel het liefst op het einde van het seizoen.’

Zowel met AA Gent en Standard als met Zulte Waregem eindigde je in de competitie eens als tweede. Droom je er nog van om ooit eens kampioen te worden en mee te doen in de poulefase van de Champions League?

MBAYE LEYE: ‘Ik ben bijna 35 jaar, ik denk dat het daarvoor te laat is. Het is ook bijna onmogelijk geworden om met Zulte Waregem kampioen te spelen. Vier jaar geleden waren we er heel dicht bij, maar toen verwachtte niemand ons. Zelfs bij het begin van de play-offs werden we nog niet serieus genomen. Dit seizoen stonden we van de eerste speeldag bovenaan en houdt iedereen rekening met ons. Het is veelbetekenend dat Anderlecht nu tegen ons zelfs op zijn eigen veld in blok blijft voetballen en ons in de omschakeling probeert te pakken. De andere ploegen passen zich aan ons aan en dat maakt het voor ons moeilijker. Ik vind ook: de play-offs maken het voor kleinere clubs sowieso bijna onmogelijk om kampioen te worden. Volgens mij zou Leicester vorig seizoen in een systeem met play-offs zoals in België nooit als eerste geëindigd zijn in de Premier League. In de bekerfinale, in één wedstrijd op een neutraal terrein, is een verrassing wel nog mogelijk.’

Wat leerde je van de drie bekerfinales die je al speelde?

LEYE: ‘Dat het geweldig is om die beker zelf in de lucht te mogen steken en dat je je als verliezer echt een nul voelt. De andere ploeg op het podium zien, dat is onbeschrijflijk frustrerend. In een bekerfinale is er maar één iets belangrijk en dat is het eindresultaat. Op welke manier je wint, maakt niets uit. Daar moet je je geen fluit van aantrekken. Tegen Lokeren domineerden we, creëerden we kansen en troffen we met mij en Sylla enkele keren het doelkader. Maar uiteindelijk verliezen we nog door een doelpunt van Scholz, waarbij hij op een corner zijn kopslag mist maar de bal via zijn schouder of zelfs zijn rug in de winkelhaak verdwijnt.’

Hoe vier je bekerwinst?

Mbaye Leye: 'Berrier feliciteren zal niet nodig zijn, want wij zullen het halen.'
Mbaye Leye: ‘Berrier feliciteren zal niet nodig zijn, want wij zullen het halen.’ © BELGAIMAGE

LEYE: ‘Die met Gent was de eerste trofee die ik won, dat werd een prachtig feest. Ook voor de club was het iets uitzonderlijks, want het was lang geleden dat er nog eens iets was gewonnen. Ik denk zelfs dat de heropleving van Gent toen is begonnen. We vierden de overwinning in het centrum van de stad en ik weet nog dat we erin zijn geslaagd om Michel Louwagie een beetje te jennen met het feit dat hij ons moest betalen.’ (lacht)

Je won een bekerfinale met AA Gent en met Standard en verloor er een met Zulte Waregem. Hoe belangrijk is het voor jou om er ook een te winnen met de club waar je in je carrière altijd het best rendeerde en de meeste van je intussen meer dan honderd competitiedoelpunten maakte?

Ik speel de bekerfinale het liefst op het einde van het seizoen

LEYE: ‘Heel belangrijk. Het is ook heel belangrijk dat het nu gebeurt, want dit is een trein die misschien niet meer voorbij zal komen. Misschien is dit de laatste keer dat ik een collectieve prijs met Zulte Waregem kan winnen. Dat ik als aanvoerder dan als eerste die trofee in de lucht zou kunnen steken, zou de kers op de taart zijn. Want Zulte Waregem is inderdaad een speciale club voor mij. Ik ging er twee keer weg in de veronderstelling dat het definitief was en kon er twee keer terugkeren. Het is ook de enige club waar ik altijd op mijn beste plaats werd uitgespeeld. En, niet te vergeten: waar ik het geluk kende altijd met passeurs van heel hoog niveau te kunnen samenspelen, zoals Franck Berrier, Thorgan Hazard en Onur Kaya, mannen die met de ogen dicht de ballen leggen waar ze willen. Ook in Lokeren mocht ik centraal voorin staan, maar daar kwam ik uit een langdurige blessure en begon ik zonder echte voorbereiding aan de competitie. Dat was de slechtste Leye die ze in België zagen. Niemand geloofde toen nog in mij. Peter Maes en Willy Reynders waren de enigen die mij nog vertrouwen wilden geven. Daarom heb ik het grootste respect voor hen. In die periode is ook mijn hechte vriendschap met Patrick Decuyper ontstaan. Toen ik met mijn kruisbandletsel een heel moeilijke periode doormaakte, was hij er altijd voor mij. Dat vergeet ik nooit. Daarom was ik op de Bosuil toen Antwerp zich op de laatste speeldag plaatste voor de finale van 1B, leefde ik mee, supporterde ik voor de thuisploeg en juichte ik toen op het einde die penalty binnenging. Ik hoop dat Antwerp promoveert. Voor Patrick.

‘En ik hoop dat wij de bekerfinale winnen. Die mogen we absoluut niet verknoeien, ook omdat we dit keer zeker niet mogen klagen over de loting. We kwamen onderweg geen enkele topclub tegen, er is (met Cappellen, Geel, STVV en Eupen, nvdr) als het ware een rode loper voor ons uitgerold. Dat geluk heb je niet elk jaar, dus die kans moeten we grijpen. Het zou de emoties van de gemiste landstitel op de laatste speeldag van vier jaar geleden in Anderlecht kunnen doorknippen. Dat was de enige keer in mijn leven dat ik op een voetbalveld weende. Geen kampioen worden door een vrije trap die in de muur afwijkt en de keeper daardoor tegenvoets neemt, is verschrikkelijk. Het was veel beter geweest, mocht die bal van Lucas Biglia in de kruising zijn gegaan. Dan zeg je: wow, dat is talent, daar is niets aan te doen. Nu was het belangrijkste doelpunt uit zijn carrière de grootste snertgoal die hij ooit maakte. Ik ben ervan overtuigd: kunnen we onze voorsprong vijf minuten vasthouden, dan waren zij zenuwachtig geworden en was het voor hen onmogelijk geworden om nog terug te keren.’

Hoe win je een bekerfinale?

LEYE: ‘Je moet meer dan honderd procent scherp zijn, zeker ook in de duels, en hopen op wat geluk. Want als de match moeilijk is of als beide ploegen van hetzelfde niveau zijn, kunnen die paar procentjes meeval het verschil maken. Het belangrijkste voor ons is de collectieve motivatie vinden, want Zulte Waregem is altijd een ploeg geweest die op die manier het verschil maakte.’

Hoe kun je dat beetje geluk afdwingen?

LEYE: ‘Het voorafgaande werk dat je doet en de motivatie waarmee je de wedstrijd speelt, zijn superbelangrijk. En: er in alle omstandigheden tot het einde honderd procent in blijven geloven.’

Hoe bereid jij je voor op een bekerfinale?

LEYE: ‘Zoals op elke andere match.’

Ritueel?

LEYE: ‘Ja. Waarom weet ik niet, maar er zijn wel wat dingen die ik altijd doe. Als ik ingetapet en gemasseerd word, wil ik altijd dat er met mijn rechtervoet begonnen wordt. En ik parkeer ook altijd mijn wagen op dezelfde plaats. Staat er iemand anders op mijn vaste plaats, dan vraag ik die om plaats te maken. Stom, niet? (lacht) In de voorbereiding van een bekerfinale is het verschil met een gewone wedstrijd dat je in je hotel al via info en reportages op tv de opwinding van de mensen in het stadion voelt. Dat kan je extra motiveren. En in 2014 deed de club iets wat mij enorm raakte. Voor we naar de match vertrokken, werd er totaal onverwachts voor elke speler een videoboodschap van een van zijn naasten getoond. Voor mij was het mijn moeder die mij in het Senegalees toesprak. Zeer emotioneel.’

KVO

Hoe schat je de kansen van Zulte Waregem tegen KV Oostende in?

In een bekerfinale is er maar één ding belangrijk en dat is het resultaat

LEYE: ‘Net als tegen Lokeren drie jaar geleden maken we elk vijftig procent kans. In de finales die ik met Gent en Standard speelde, waren wij favoriet en dan zijn je winstkansen wat groter. Maar nu ligt het open. Oostende is een beetje een ploeg zoals wij. Ook zij halen spelers die een moeilijke periode doormaakten of niet altijd het vertrouwen kregen en net als wij kenden ze dit seizoen zowel topmomenten als mindere momenten.’

Waarom loopt het in de terugronde minder bij jullie?

LEYE: ‘Zoals ik in het begin al aangaf: je kunt niet voorbij aan het feit dat de tegenstanders analyseren hoe we spelen. Als je ziet dat in Brugge onze twee motoren, Meité en Lerager, geen tijd kregen om na te denken en dat Kaya, onze spelmaker, op rechts Vormer tegenover zich kreeg en verplicht was om de hele tijd te lopen en te verdedigen op twintig meter van ons doel, dan weet je: dat maakt het voor ons veel moeilijker. Er ontbraken met De fauw, Derijck, Hamalainen en Lepoint ook vier titularissen, leiders, mannen die helpen trekken en pushen. Voor een ploeg als wij is het voor de automatismen extra belangrijk om vaak met dezelfde elf te kunnen spelen. Mensen vergeten soms dat we Zulte Waregem zijn, merk ik. We hebben maar het achtste of negende budget maar staan al heel het seizoen in de top drie. We spelen play-off 1 en de bekerfinale en kunnen ons plaatsen voor de poulefase van de Europa League. Dan mag je volgens mij zeggen dat we aan een goed seizoen bezig zijn. Maar het belangrijkste komt nog: de finale.’

Wat leerde je over KV Oostende in jullie twee onderlinge competitiewedstrijden, die beide op 1-1 eindigden?

LEYE: ‘Dat ze flexibel zijn en het achterin met drie of met vier verdedigers doen. Een sterk punt van hen is zeker hun snelheid op de flanken met Canesin, Musona en El Ghanassy. En met Berrier beschikken ze over een van de beste passeurs van de competitie, en met Dimata over een heel talentrijke spits die eender welke verdediger in de problemen kan brengen. We zullen het hen met ons offensief compartiment moeilijk moeten maken, want in aanvallend opzicht beschikken zij over alles om een match te laten kantelen.’

Terwijl jullie net kwetsbaar zijn achterin zonder de geblesseerde verdedigers Davy De fauw en Timothy Derijck.

LEYE: ‘Inderdaad. Zij zijn een beetje de hersenen van onze ploeg. Ik hoop dat Derijck de finale kan spelen.’

Franck Berrier werd na een conflict met jou bij Zulte Waregem naar de uitgang geleid. Ga je hem persoonlijk feliciteren, mocht hij jullie in de finale met KV Oostende kloppen?

Mbaye Leye tussen hoofdredacteur Jacques Sys en journalist Christian Vandenabeele.
Mbaye Leye tussen hoofdredacteur Jacques Sys en journalist Christian Vandenabeele. © BELGAIMAGE

LEYE: ‘Dat zal niet nodig zijn, want wij zullen het halen. Het is het moment om een prijs te winnen met Zulte Waregem. Ik ben trouwens al vaak geblesseerd geraakt in Oostende. Het was ook daar dat ik mijn zware knieblessure opliep en dit seizoen kon ik weer de wedstrijd niet uitspelen. KVO is mijn zwarte beest, ik wil het graag overwinnen.’

RTL

Je bent analist voor RTL. Als je na een Champions Leagueavond ’s anderendaags in Waregem op training aankomt, denk je dan soms niet:

ik doe een andere job dan zij die ik gisteren aan het werk zag?

LEYE: ‘Je zegt ‘soms’. Ik denk dat altijd. Dat is een ander niveau.’

Bonte hemden, bretellen, vlinderdasjes, onwaarschijnlijke kleurencombinaties: je verschijnt op Champions Leagueavonden geregeld in flashy outfits in de RTL-studio.

LEYE: ‘Ik hou van levendige kleuren. Op het veld draag ik gekleurde schoenen. En de Champions League, dat is toch een spektakel?’ (lacht)

Op 1 december word je 35 jaar. Hoelang zie je jezelf nog spelen?

LEYE: ‘Mijn contract loopt nog tot eind volgend seizoen en ik wil zo lang mogelijk blijven spelen. Maar ik wil ook zelf beslissen wanneer ik stop en niet wachten tot ik belachelijk word of aan de deur word gezet.’

Zie je jezelf daarna ook nog op lager niveau voetballen, bij pakweg de West-Vlaamse eersteprovincialer Racing Waregem?

LEYE: ‘Dat weet ik niet. Het hangt af van de mogelijkheden die ik krijg. Als je stopt als profvoetballer is je eerste zorg ander werk vinden. Dan valt het te bekijken of je voor je plezier nog op lager niveau blijft voetballen.’

Je wordt toch trainer?

Ik zie in het Europese voetbal niet veel Afrikanen die T1 zijn

LEYE: ‘Ik zou wel willen. Al sinds mijn knieblessure denk ik aan mijn toekomst. Daarom ben ik toen een trainersopleiding begonnen. Ik ben in die tijd zelfs de woensdag met een brace aan van Kuurne naar Luik gereden om cursussen voor het trainersdiploma UEFA B te volgen. De goesting is er zeker. Maar je moet eerst de kans krijgen om de job te leren van mensen die al lang in het vak zitten en het beheersen. Trainer worden is niet evident. Ik zie in het Europese voetbal niet veel Afrikanen die T1 zijn. Je kunt zeggen Stanley Menzo bij Lierse een tijd geleden, maar hij is een Nederlander. Of Claude Makélélé bij Bastia, maar dat is een Fransman. Voor wie vanuit Afrika naar hier is gekomen om te voetballen, zoals ik en vele anderen, is het moeilijker.’

Kreeg je als analist van RTL al opmerkingen over je huidskleur?

LEYE: ‘Het zal je verbazen, maar de onaangename opmerkingen die ik via Twitter over mijn donkere kleur kreeg, kwamen niet van blanken. Tweets als ‘Ah Leye, waarom hij op tv?! Il est super noir, presque bleu‘ bleken afkomstig te zijn van jonge zwarten van Midden-Afrikaanse afkomst die hier geboren of opgegroeid zijn. Gasten met iets blekere huid. Nochtans maakt dat geen verschil, vraag dat maar aan Marine Le Pen.’

Hecht je er veel belang aan dat je als Afrikaan bij een Europese club de aanvoerdersband draagt?

LEYE: ‘Voetbal is een sport waar je op het veld allemaal van dezelfde kleur bent. Daar tellen het talent en de prestaties. Maar voor de fans van de tegenstander blijf je een zwarte. Dan slingeren ze apengeluiden naar je hoofd, terwijl ze de zwarte van hun eigen ploeg die scoort aanmoedigen. Het is debiel.’

SVZW kan de vierde laureaat deze eeuw worden die geen G5-ploeg heeft moeten kloppen, na Lokeren (2014), Club Brugge (2002) en Westerlo (2001).

Francky Dury is sinds 2014 ereburger van de stad Waregem. Ook ex-renner Briek Schotte en ex-tennisser Dick Norman kregen die eer.

De Zulte Waregemfans zullen met 262 bussen naar het Koning Boudewijnstadion reizen. In 2014, tegen Lokeren, waren er dat net geen 200.

Acht verschillende spelers scoorden de negen goals van Zulte Waregem in de vijf matchen van deze bekercampagne. Alleen Leye maakte er twee.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier