Van het ‘Amuzusysteem’ tot de problemen van Hoefkens: vijf tactische thema’s van het afgelopen weekend

© Belga Image
Guillaume Gautier
Guillaume Gautier Journalist bij Sport/Voetbalmagazine en Sport/Footmagazine.

In vijf stappen blikken we nog eens terug op wat er het afgelopen weekend op tactisch vlak aan de hand was in de Jupiler Pro League.

De verbazende traagheid van Charleroi

Wegens een gunstige kalender en een kern die amper wijzigingen heeft ondergaan, zouden de Zebra’s van het seizoensbegin moeten gebruik maken om wat voorsprong te nemen in de race om een plekje in de play-offs. Nu ze thuis werden verslagen door een realistisch en dynamisch KV Oostende, kunnen de Carolo’s niet anders dan ontgoocheld zijn. Dat is vooral te wijten aan een voetbal dat veel minder vloeiend is dan in de eerste maanden van vorig seizoen. Het schaarse publiek op Mambourg kreeg nog niet de progressie in het spel te zien die Edward Still nochtans beloofd had.

Tegenover de Kustboys gaven de spelers van Charleroi de indruk dat ze rondliepen met zware benen en een wazig hoofd. Ze hebben een grens bereikt van het positiespel dat hun coach zo graag wil: ze zijn namelijk té voorspelbaar geworden. Zonder een verrassingseffect om de organisatie van Oostende uit elkaar te spelen waren de Zebra’s genoodzaakt om hun tegenstanders in snelheid te nemen. Maar dat is moelijk wanneer je balbezit hebt met middenvelders die de bal vaak een keer te veel raken. En het wordt schier onmogelijk wanneer de aanvallende spelers, met uitzondering van Ken Nkuba en Anass Zaroury, niet in staat lijken om met een individuele actie het verschil te maken. Centraal lijkt het Ali Gholizadeh aan frisheid en spontaneïteit te ontbreken, met afleggertjes die niet accuraat zijn en versnellingen waar geen snee op zit.

Het gevolg is dat de Carolo’s te moeizaam het middelste derde deel van het veld over geraken om in goeie omstandigheden in de voorste dertig meter te komen. En dat niemand in staat lijkt om het harkende collectief te overstijgen met een individuele actie. Na drie wedstrijden zitten de Zebra’s aan een gemiddelde van 1,29 xG (expected goals) per match. Dat is te weinig om veel te kunnen scoren en dat zonder een goalgetter die aan de kleinste kans genoeg heeft om de bal in het mandje te leggen.

Edward Still moet Charleroi opnieuw onvoorspelbaar maken.
Edward Still moet Charleroi opnieuw onvoorspelbaar maken.© Belga Image

Donnum, ergerlijk maar nuttig

Van zodra hij de bal aan de voet heeft, lijkt hij alleen nog maar naar de grond te kijken en zo heeft Aron Donnum wat weg van een leerling-chauffeur die, zodra hij de het stuur vast heeft, meer naar zijn handen kijkt dan naar de weg. Ook al versierde de Noor een penalty, de manier waarop hij in de buurt van de backlijn zijn eigen voeten fixeerde, zorgde begrijpelijk voor veel gemor in de tribunes van Sclessin. In elke potentieel beslissende fase leek hij bijna systematisch de verkeerde keuze te maken. Nochtans zouden zijn technische kwaliteiten, aan de zijde van Denis Dragus en Selim Amallah, een belangrijke onderdeel van Ronny Deila’s plannen moeten zijn.

Het plan van Dominik Thalhammer, een leerling van de nieuwe Duitse school, is dan weer een kwestie van reactie. Op een moment dat heel Europa het laag uitvoetballen en het korte spel van Pep Guardiola wil imiteren, staat de deur open voor pressing, die ervan gebruikmaakt dat de imitatoren van dat soort voetbal vaak veel minder technische kwaliteiten hebben. De grote antagonist van de Catalaanse coach, José Mourinho, is nog altijd trots op zijn overwinning met Manchester United tegen Ajax in de finale van de Europa League, die gebaseerd was op lange ballen richting Marouane Fellaini. Daarbij bracht hij deze boutade uit: ‘Als de bal er niet is, hoe gaan ze dan druk zetten?’

Het plan van Deila was min of meer van dezelfde makelij. Niet zozeer in het overdreven hanteren van de lange bal, maar door vertrouwen te geven aan de drie offensieve middenvelders om de bal aan te nemen en dan de vijandelijke pressing op te vangen of teniet te doen. De dribbelaars van Standard, vaak ingesloten door twee man wegens de pressing in zone van Cercle, konden hun ploeg op de eigen helft doen ademhalen: onder hun drieën voerden ze elf dribbels uit en lokten ze negen overtredingen uit.

Van het 'Amuzusysteem' tot de problemen van Hoefkens: vijf tactische thema's van het afgelopen weekend
© Belga Image

Louis Patris kleurt buiten de lijntjes

OHL kende een geslaagd seizoensbegin. Op rechts in de driemansverdediging gaf Marc Brys het vertrouwen aan Louis Patris. In 270 minuten bedankte de jonge Patris met een doelpunt en drie assists. Dat maakt hem na drie speeldagen de meest beslissende speler in eerste klasse, samen met Mike Trésor en Cyriel Dessers. Hij deed dat vanuit een defensie waarin de verdedigers aangemoedigd worden om buiten de lijntjes te kleuren.

Het is een van de voordelen van een driemansverdediging die lef toont. Wanneer een van de verdedigers door een verticale loopactie een overtal creëert, zijn er maar weinig tegenstanders die daar een antwoord op vinden. Clinton Mata bij Club Brugge, Stefan Knezevic bij Charleroi en Koji Machida bij Union zijn enkele voorbeelden van deze tendens die populair werd door het Atalanta van Gian Piero Gasperini of het illustere Sheffield United van Chris Wilder.

Tegen Antwerp speelde Louis Patris zijn geliefkoosde spelletje, door Musa Al-Tamari langs de binnenkant voorbij te gaan om zijn ploegmaats met prima voorzetten te bedienen. De jongen uit Namen was twee keer beslissend in de buurt van de vijandelijke backlijn, maar had het moeilijk in de eigen zone van de waarheid: hij was amper meer dan een toeschouwer bij de denderende tweede helft van Michel-Ange Balikwisha.

Verdediger Louis Patris, de meest beslissende speler in de JPL dit seizoen.
Verdediger Louis Patris, de meest beslissende speler in de JPL dit seizoen.© Belga Image

De evenwichtsproblemen van Carl Hoefkens

Ook al is een slechte start geen nieuwigheid voor Club Brugge – ook de voorbije seizoen geraakten de Bruggeling vaak moeizaam uit de startblokken – toch wordt het gebrek aan evenwicht in de ploeg van Carl Hoefkens week na week frappanter. Tegen Zulte Waregem was er alweer een grootse Simon Mognolet nodig om de steken op te vangen die het middenveld en de verdediging lieten vallen. Dat middenveld kwam veel te gemakkelijk onder druk te staan en de verdediging werd te veel blootgesteld. De vier meest achteruitgeschoven pijlers van het brugse blok moesten eens te meer mirakels verrichten en alleen Big Si is daar momenteel toe in staat. Met 2,44 prevented goals per match is de tweede doelman van de Rode Duivels na drie speeldagen zelfs de keeper die het meeste doelpunten heeft moeten verhinderen sinds het begin van dit seizoen.

Zelfs Clinton Mata, de verdediger die het beste iets kan rechtzetten in onze competitie, lijkt soms te verdrinken in de omschakelingen van de tegenstander. Ook al omdat hij op rechts vaak aan zijn lot wordt overgelaten door de linksvoetige Andreas Skov Olsen, die voortdurend zijn positie mag verlaten. De wedstrijden van Club Brugge zijn opener dan ooit en bieden veel offensieve mogelijkheden dankzij al het talent dat er in de aanval rondloopt, maar het gebrek aan structuur in de offensieve schema’s vergroot nog de indruk dat de verdediging bij balverlies erg kwetsbaar is. Nieuwe transfers zullen zeker voor meer evenwicht zorgen, al zal ook de man op de trainersbank daar zijn steentje toe moeten bijdragen.

Hoefkens moet dringend een oplossing vinden voor de defensieve chaos.
Hoefkens moet dringend een oplossing vinden voor de defensieve chaos.© Belga Image

Het ideale systeem voor Francis Amuzu

Soms kan de verandering van systeem ook een speler veranderen. Onder Vincent Kompany was Francis Amuzu lange tijd de vaste supersub, tot hij zich in de vorige play-offs een basisplaats opeiste. Ondertussen is hij een vaste waarde geworden in het spelplan van Felice Mazzu. Op de vleugel in een 3-5-2 is de wervelende maar soms slordige linksbuiten veel vaker dreigend.

Amuzu is niet altijd handig wanneer hij de bal krijgt met de rug naar het doel en onder druk wordt gezet. Hij is ook beter voor de langere runs dan om uit stilstand te vertrekken zoals het de specialiteit was van Jérémy Doku. Maar hij profiteert van de aanwezigheid van twee spitsen en een aanvellende middenvelder voor zich om passes te krijgen met zijn blik op het doel. En omdat zijn natuurlijke actie vanop links hem dichter bij het doel brengt, weet de flankspeler die dreiging ook om te zetten in goals. Tegenover een zwak en naïef Seraing kon hij zijn hart ophalen. Nu val taf te wachten of het feestje ook doorgaat wanneer er zwaardere kost op het menu staat.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier