Vrouwenvoetbal hervormd: opleidingsvergoedingen en nieuwe interprovinciale reeksen

© GETTY

De Hoge Raad van het Belgisch voetbal heeft maandag hervormingen in het Belgische vrouwenvoetbal goedgekeurd. Vanaf nu zijn opleidingsvergoedingen ook verplicht bij vrouwen en de derde klasse van het vrouwenvoetbal wordt hervormd naar interprovinciale reeksen vanaf 2023-2024. Dat laat Voetbal Vlaanderen maandag weten aan Belga en wordt bevestigd door de KBVB.

Clubs die een eerste betalend contract afsluiten met een speelster van 23 jaar of jonger, zullen vanaf nu aan de Pro League, Voetbal Vlaanderen of ACFF per opleidingsjaar een vergoeding moeten betalen. Voor jaren tussen de 12e en de 15e verjaardag van de speelster bedraagt dat 500 euro, voor jaren tussen de 16e en de 21e gaat het om 1.000 euro.

Dat geld mag wettelijk niet naar de opleidende ploeg gaan. De betrokken federatie zal de vergoedingen gebruiken om projecten te financieren die het vrouwenvoetbal in het algemeen ten goede komen.

Vanaf het seizoen 2023-2024 zal de Belgische derde klasse, officieel de ‘2e nationale KBVB’, die vandaag 28 ploegen over twee reeksen telt, opgedoekt worden. Voetbal Vlaanderen en haar Franstalige tegenhanger ACFF zullen binnen hun eigen regio’s de interprovinciale reeksen gaan organiseren. Wegens een meerderheid aan Vlaamse vrouwenteams zal dat in Vlaanderen gaan om twee afdelingen, in Franstalig België om één.

‘We zagen dat de overstap van eerste provinciale naar 2e nationale voor veel clubs niet evident was. Door deze hervorming zorgen we ervoor dat de niveauverschillen en afstanden tussen clubs beperkt worden’, zegt Bob Browaeys, directeur sport van Voetbal Vlaanderen.

De 28 clubs die op dit moment in de reeksen van 2e nationale spelen, zullen verdeeld worden over de interprovinciale reeksen. De kampioenen van eerste provinciale in 2022-2023 zullen rechtstreeks opgenomen worden in de nieuwe afdeling.

Ten slotte zal er in 2023-2024 in de nieuwe reeks zowel aan Vlaamse als Franstalige kant plaats zijn voor maximaal drie Pro League-clubs die willen starten met een vrouwenteam. Zo moeten profclubs die willen investeren in vrouwenvoetbal, niet onderaan de provinciale ladder beginnen.