De strijd om Steaua: hoe twee clubs vechten om het verleden van de Roemeense grootmacht

Een supporter van FCSB in een truitje van Steaua, een van de velen die de nieuwe regeling niet accepteren. © GETTY
Gert Segers
Gert Segers Journalist Sport/Voetbalmagazine

Anderlecht speelt tegen het Roemeense FCSB in de Conference League. Steaua Boekarest dus, hoor ik u zeggen. Niet helemaal, want de naam ligt nogal gevoelig. Erg gevoelig, eigenlijk.

Het Roemeense voetbal is sinds 2017 in de ban van een gevecht tussen twee clubs uit Boekarest die zichzelf Steaua noemen. Een naam die u zeker wel bekend in de oren klinkt, want de club stond in de jaren 1980 aan de Europese top. Steaua, opgericht in1947, was jarenlang het boegbeeld van het Roemeense voetbal met 21 titels en 20 bekers tot 2003. Maar vooral de Europacup I-campagne van 1986 is bekend, toen Steaua in de finale Barcelona klopte en als enige Roemeense club ooit de grootste Europese competitie won. Drie jaar later stond het opnieuw in de eindfase van het toernooi, maar verloor het met 4-0 van het AC Milan van Marco van Basten.

Maar welke van de twee huidige Steaua’s heeft nu recht op dat glorierijke verleden? In 2019 besliste een rechter dat die niet naar de oude club, maar naar de in 2017 nieuw opgerichte ploeg ging. En sindsdien volgde de ene na de andere rechtszaak, een vicieuze cirkel waar beide verenigingen nog steeds in zitten.

Van militaire club naar faillissement

Hoe zijn we tot dit punt gekomen? Daarvoor moeten we een heel eind terug in de tijd. Toen Steaua in 1947 opgericht werd, was het een staatsclub onder leiding van het Roemeense leger en dus het ministerie van Defensie en de communistische regering van Nicolae Ceaușescu. Decennialang werd de club alles gegeven wat ze nodig had en hadden de voetballers een veel beter leven dan het gewone volk, dat gebukt ging onder de repressie van de Roemeense dictator.

Steaua steekt de beker met de grote oren in 1986 in de lucht. © GETTY

Daar kwam redelijk abrupt een einde aan in 1989, toen Steaua zijn laatste ECI-finale speelde en de Roemeense revolutie uitbrak. Ceaușescu werd verstoten, maar Steaua zou wel nog een tijdje onder leiding van de regering en het leger blijven, al kreeg het jaar na jaar minder geld toegewezen. Tot de club uiteindelijk in 1998 in private handen kwam. Alleen waren die nieuwe eigenaars geen schot in de roos. Steaua raakte niet uit de schulden en werd uiteindelijk in 2003 failliet verklaard.

Roemeense Berlusconi

Enter George Becali, de selfmade man die zichzelf de Silvio Berlusconi van Roemenië noemt. Becali werd steenrijk na de val van Ceaușescu en de aankoop van een groot stuk grond van het Roemeense leger nabij Boekarest. Daarna ging het crescendo met zijn financiën en tegen begin jaren 2000 was Becali al een miljardair. Met dat geld kocht hij Steaua, de club van zijn hart.

Veertien jaar lang kende Steaua opnieuw successen met titels, bekers, enkele deelnames aan de groepsfase van de Champions League en zelfs een halve finale van de UEFA Cup in 2006. Maar in 2017 ontplofte de bom. De aankoop van de club door Becali in 2003 zou niet geldig zijn en de Roemeense zakenman zou het merk Steaua eigenlijk niet hebben gekocht. Dat was nog steeds in handen van het Roemeense leger en dus werd het 14 jaar lang illegaal gebruikt.

George Becali, de huidige eigenaar van FCSB © Belga Image

Waarom kwamen ze daar dan nu pas achter? Omdat het Roemeense leger genoeg had van Becali. Het ene schandaal na het andere achtervolgde de man met beschuldigingen van racisme, homofobie, xenofobie en nog veel meer. Bovendien zat hij twee jaar in de cel wegens kidnapping. De slachtoffers waren naar verluidt enkele mannen die zijn auto hadden gestolen. En begin jaren 2000 had Becali ook zijn eigen politieke partij – volgens het ministerie van Buitenlandse Zaken van de VS ‘extreem nationalistisch’ – die antisemitische slogans uit de jaren 1930 recupereerde.

Bovendien gedroeg hij zich binnen Steaua als een echte tiran. Speelde een voetballer niet naar behoren, dan stuurde hij zijn bodyguards erop af om hem (als het moest gewelddadig) ‘vrijwillig’ ontslag te laten nemen. In zijn hoofd stond FCSB, de afkorting van de club uit Boekarest, voor ‘Faci Ce Spune Becali’, doe wat Becali zegt.

Pesterijen

Het leger, dat dus in 2017 opperde dat de merknaam Steaua illegaal werd gebruikt door Becali, richtte datzelfde jaar een nieuwe club op, dat uitkwam in de vierde klasse: CSA Steaua. Het echte Steaua, volgens de legerleiders. Die nieuwe club won het pleit ook twee jaar later. Het oude Steaua moest afstand nemen van de naam en het iconische logo en heette voortaan FCSB, terwijl de nieuwe club, die ondertussen al was gepromoveerd naar de derde klasse, officieel Steaua werd. Bent u nog mee?

De club die dus al jaren het Roemeense voetbal domineerde en nog steeds op het hoogste niveau speelde, werd FCSB met vier letters die nergens meer voor staan. Het nieuwe ‘kleine’ broertje werd Steaua en mocht zich dus erfgenaam noemen van het grote verleden van de club. Met andere woorden, Gheorghe Hagi en de andere iconen van het Roemeense voetbal hadden nu officieel gespeeld voor de club in de derde klasse. Een erg vreemde situatie.

Bovendien kreeg het FCSB van Becali een peperdure rekening opgestuurd van het leger dat een compensatie van 37 miljoen euro eiste voor het illegaal gebruik van de naam gedurende die 14 jaar. Slik.

De spelers van FCSB in de nieuwe truitjes met het nieuwe logo. © GETTY

Het nieuwe Steaua klom in drie jaar tijd op naar de Roemeense tweede klasse en dus kwam al snel de schrik in de kantoren van FCSB dat het ooit wel eens tot een clash op het allerhoogste niveau zou komen. Dat moest vermeden worden en dus kocht FCSB speciaal spelers om die dan uit te lenen aan tweedeklassers en zo Steaua te boycotten. Daar werd de club wel voor gestraft, al ging Becali erg lacherig om met de situatie. ‘Ik wou er gewoon eens goed mee lachen’, vertelde hij aan de BBC. ‘Het is een club zonder toekomst. Ze moeten hun structuur grondig aanpassen, want ze spenderen staatsgeld voor niets en kunnen op deze manier nooit professioneel voetbal spelen.’

Een redenering die voor een groot deel klopt, want Steaua is volledig in handen van het Roemeense leger en mag in die hoedanigheid niet promoveren naar de eerste klasse. Daarvoor moet het voor een gedeelte in private handen zijn en dat zit er niet meteen aan te komen.

Straat zonder eind

Sinds 2019 en de pesterijen langs de kant van Becali veranderde er niet veel. De ene na de andere rechtszaak volgde zonder resultaat, al blijft de beruchte eigenaar van FCSB strijdvaardig. ‘We zullen alles winnen’, vertelde hij bij de BBC. Daarbij krijgt hij ook de steun van de supporters, want de meerderheid zien FCSB als het échte Steaua. Slechts vijf procent van de supporters schaart zich achter de nieuwe club.

De National Arena wordt niet volledig gevuld tijdens de thuiswedstrijden van FCSB. © GETTY

FCSB ging het sinds 2015 echter niet meer voor de wind. Geen enkele titel of beker werd nog behaald en het is pas dit seizoen dat het voor het eerst nog eens schittert in de groepsfase van een Europese beker sinds het seizoen 2017/18. Een en ander heeft ook zijn weerslag op de supportersaantallen van de club. FCSB speelt sinds enkele jaren in de gloednieuwe National Arena, dat plaats biedt aan 55.000 fans, maar gemiddeld dagen slechts 7500 Roemenen op. Hetzelfde aan de kant van Steaua, dat ook in een nieuwe arena speelt, volledig gesponsord door de staat. Ook daar verschijnen om de zoveel weken maar enkele duizenden fans terwijl het er 31.000 kan herbergen.

Over dat nieuwe stadion van Steaua is trouwens nogal wat te doen. Dat werd namelijk gebouwd op de historische grond waar de vorige tempel van de club stond. FCSB ziet het dan ook als zijn stadion, want tot 2015 speelde het nog op die plek. Een nieuw twistpunt in het dikke dossier. Het ziet er dan ook niet naar uit dat de vete tussen beide clubs snel opgelost zal zijn. Noem FCSB donderdagavond dus niet Steaua, it’s complicated.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier