Veldrijdster Blanka Vas breekt door: ‘Wat haatte ik eerst de sport’

© Belga Image
Jef Van Baelen
Jef Van Baelen Journalist voor Knack

Een Hongaarse veldrijdster, het is eens wat anders. Een gesprek met Blanka Vas. ‘We zijn in Hongarije zo slim om onze wedstrijden in de zomer te houden.’

Hoe wordt een meisje uit een voorstad van Boedapest profwielrenner?

Blanka Vas: ‘In Hongarije is wielrennen niet de grootste sport, maar een kleine groep enthousiastelingen is er heel fanatiek mee bezig, onder wie mijn vader. Hij doet aan marathonwedstrijden op de mountainbike. Bij iedere vakantie zette hij zijn hele gezin op de fiets. Op mijn derde maakte ik al lange tochten op mijn kleine mountainbikeje. Natuurlijk doe je dan ook af en toe aan wedstrijden mee. Ik won ze meestal, maar veel stelde het niet voor.

‘Het is in een stroomverstelling gekomen toen ik eind december 2018 naar Loenhout reisde. Mijn vader vond dat ik ook in de winter competitie kon gebruiken, en hij wist dat veldrijden groot is in België. Ik werd meteen derde in Loenhout, maar wat haatte ik de sport. Kou, nat, modder, wind: bah! Ik had in Hongarije al aan veldrijden gedaan, maar wij zijn tenminste zo slim om die wedstrijden in de zomer te houden.’ (lacht)

De kop van een interview in Het Brabants Dagblad was: ‘Ik word bang van Marianne Vos.’ Een grapje?

Vas: ‘Jawel, al zit er een kern van waarheid in. Bij mijn eerste koersen liet ik me intimideren door de bekende rensters. Dan ging ik in de remmen wanneer ik naast Sanne Cant reed, opdat ik haar zeker niet zou hinderen. Dom. Ik heb mezelf moeten overtuigen dat ik het waard ben om voorin te koersen. Je moet vechten voor je plek, want ze geven het je niet cadeau.

‘Met Marianne Vos had ik dat het meest. Zij was mijn idool, samen met Mathieu van der Poel. Bij die twee zie je dat ze genieten op de fiets. Ze laten het hip lijken.’

Blijf je wegwielrennen, mountainbiken en veldrijden combineren, of moet er vroeg of laat gekozen worden?

Vas: ‘Ik moet elk seizoen opnieuw kiezen waar ik de nadruk op leg, want altijd en overal goed presteren kan niemand. Maar ik denk niet dat ik ooit een discipline helemaal laat vallen. Ik vind ze allemaal leuk, en heb op elk terrein kansen. Weg-wielrennen is fijn omdat dat een ploegsport is: winnen doe je samen, en de slimste haalt het vaak. Bij mountainbiken en veldrijden gaat het om techniek en kracht. Waar ik het best in ben? Geen idee. Schrijf maar: overal even goed.’

Lees het volledige interview met Blanka Vas in Knack of in de Plus-zone.