Tom Van Den Abbeele viel bij NAC Breda met zijn gat in de boter. Bij STVV liep de voormalig General Manager of Sports tegen een aantal 'moeilijkheden' aan zoals hij het enkele maanden geleden zelf verwoordde, terwijl hij als technisch directeur van NAC carte blanche krijgt. De enige aan wie hij verantwoording moet afleggen, is algemeen directeur Luc Eisenga, die ook eind maart werd aangesteldbij NAC.

'In Nederland is alles heel netjes afgelijnd', vertelt Van den Abbeele over de andere werkomstandigheden onder de Moerdijk. 'Je hebt aandeelhouders, die geld in de club geïnvesteerd hebben en een return verwachten. Daaronder zetelt een raad van commissarissen die het beleidsplan goed- of afkeurt en toezicht houdt.'

'En ten slotte heb je de directeurs die het dagelijkse beleid uitstippelen en uitvoeren. In België zijn de lijntjes veel korter. Daar zit je wel met het gegeven dat mensen die geld in de club hebben gestoken puur vanuit hun emoties handelen. Met het Nederlandse stelsel voorkom je dergelijke zaken.'

'Een uur na een meeting staat er iets op papier en twee uur later is alles getekend. De procedures zijn duidelijk en er wordt snel gehandeld. Ik vind het een verademing om zo te kunnen werken. Nederlanders zijn veel opener en directer. Iedereen kan en mag zijn mening formuleren. In België zwijgen de mensen en krijg je pas achteraf via via te horen wat ze echt denken.'

De propere manier

De insteek van de voetbalclubs is ook verschillend aan de Belgische, stelde de voormalige sportief manager van Sint-Truiden vast: 'Bij een Belgische club gaat doorgaans zeventig tot tachtig procent van de begroting naar het functioneren van het eerste elftal, in Nederland is dat dertig procent. Al de rest gaat naar de dagelijkse werking, de jeugd en de infrastructuur. Het budget dat aan spelers gespendeerd wordt is kleiner, maar bij NAC en andere Nederlandse clubs is er helemaal geen intentie om te evolueren naar een vijftig-vijftigverdeling.'

In België is vorig seizoen veel ophef ontstaan door de dubieuze rol die enkele makelaars hebben gespeeld. Is het probleem in Nederland kleiner? Van den Abbeele: 'Dat soort figuren lopen in Nederland ook rond. Maar hier is alles strikt georganiseerd. Wil een makelaar niet mee dan stopt het en worden er andere paden bewandeld. Ik heb al enkele transfers gedaan en alles werd op een propere manier afgehandeld.'

'Het is mij ook opgevallen dat ik nog geen enkele Nederlandse speler aangeboden heb gekregen via verschillende kanalen. In België is mij dat vaak overkomen... Clubs en makelaars werken hier ook met vertegenwoordigingscontracten die voor twee jaar gelden én bindend zijn. Je geraakt niet zomaar onder het contract uit en zo hoort het. In België stelt zo'n overeenkomst niets voor. Met een simpel aangetekend schrijven kan je op een dag van makelaar veranderen.'

Lees het volledige interview met Tom Van den Abbeele in onze Plus-zone of in Sport/Voetbalmagazine van woensdag 10 juli.