Club Brugge werd in 1920 voor de eerste keer kampioen. Maar een specifieke trainer was er niet. Wel een uitgebreid selectiecomité. Je merkt het op foto's uit die tijd: er stonden veel bestuurslui op. Het elftal van Club Brugge bestond toen uit negen spelers die van het oorlogsfront waren teruggekeerd en het harde en rauwe leven gewend waren. De ploeg pakte uit met echt mannelijk en krachtig voetbal.

Natuurlijk waren er spelers die het voortouw namen. Charles Cambier bijvoorbeeld, een meester in het kopspel, met veel zin voor acrobatiek waarmee hij de lachers op zijn hand kreeg. Of Torten Goetinck die langs de flank voorbij drie man kon snellen en de bal in volle loop centerde, een zeldzame kwaliteit.

Goetinck, die later ook trainer werd, scheurde iedere avond door de duinen van Heist, klom trappen op om het uithoudingsvermogen te vergroten en daalde dezelfde trappen af om de snelheid aan te scherpen. Mensen die dat zagen dachten dat hij gek was geworden.

Anekdotes over de trainers die Club Brugge kampioen maakten

Lees het volledige overzicht van de tien kampioenenmakers in onze +zone of in Sport/Voetbalmagazine van woensdag 2 mei.