De Tour wordt in het vooruitzicht van de Spelen hoe dan ook een evenwichtsoefening voor Van Aert. 'Vorig jaar heb ik heel veel gegeven in de Tour en ben ik daar goed uitgekomen, maar door de lockdown hadden we toen een heel lange voorbereiding achter de rug en was mijn basis heel breed. Nu is de aanloop sowieso korter, en door mijn appendixoperatie sta ik veel minder ver dan ik had gehoopt. Los daarvan wordt het met het oog op Tokio belangrijk om in de Tour af en toe eens een dag te hebben met minder druk op de ketel.'

In die zin kan het Van Aert goed uitkomen dat Jumbo-Visma deze editie anders wil aanpakken dan vorig jaar. 'Het hangt natuurlijk altijd af van de koerssituatie, maar het is niet onze bedoeling om heel de Tour op kop te rijden. We mogen onze tegenstand zeker niet meer onderschatten. Het doel is om dit jaar veel minder de koers te dragen.'

Wat ook moet helpen om niet helemaal uitgeperst uit de Tour te komen, is de sterkte van de klimtrein. 'Met Steven Kruijswijk, Sepp Kuss en Jonas Vingegaard zijn er al drie in principe betere klimmers dan ik. Robert Gesink en ik zijn dan de twee jongens die veel moeten kunnen overleven, maar er wordt niet verwacht dat ik ineens de laatste man voor Primoz ben. Anderzijds zou het ook niet goed zijn om te vertrekken met de idee om overal waar het kan krachten te sparen. Het blijft een doelstelling van de ploeg om de Tour te winnen. En zelf weet ik dat ik beter word van zware inspanningen.'

Vast staat dat Van Aert, met Tokio in het achterhoofd, een van zijn persoonlijke ambities nog wat langer in de koelkast houdt. 'De groene trui is en blijft absoluut een droom, maar dit jaar ga ik die nog niet najagen. Het vraagt te veel energie om iedere keer weer aan de tussensprint mee te doen of in bergritten voortdurend in ontsnappingen mee te springen.'

Beste tijdrit ooit

Met twee aankomsten voor punchers in het openingsweekend en de eerste tijdrit op dag vijf krijgt Van Aert een uitgelezen kans om onderweg een ander kleinood te veroveren, nadat hij bij zijn debuut in 2019 al vier dagen op plek twee in de stand bivakkeerde. 'Ik droom van de gele trui', zegt hij onomwonden. 'In de eerste plaats hoop ik om in het eerste weekend een rit te winnen, en ook de tijdrit op woensdag ligt mij goed. Win ik een van die ritten, dan kom ik automatisch dicht bij geel.'

Hoe realistisch dat streven nog is, daar heeft Van Aert zelf voorlopig ook geen antwoord op, nu hij door een appendicitis brutaal aan vorm inboette, pas op 18 in plaats van 8 mei naar de Sierra Nevada kon afreizen en forfait moest geven voor de Dauphiné. 'Mijn doel was om aan de Tourstart op mijn best te zijn, juist omdat ik in die eerste week veel kansen zie. Nu is het te vroeg om te kunnen zeggen of dat gaat lukken. Ik had gehoopt om na de klassiekers vanaf een hoog niveau te kunnen herbeginnen en verder te verbeteren, terwijl ik nu nog bezig ben mijn niveau van het voorjaar terug te zoeken. Voorlopig moet ik vertrouwen in het proces en elke dag een beetje beter proberen te worden. In het slechtste geval, als ik iets langer blijk nodig te hebben om mijn vorm te pakken te krijgen, hoop ik vooral tegen de Spelen weer de beste versie van mezelf te zijn, de Wout van Aert van vorige zomer, toen ik in de tijdrit naar La Planche des Belles Filles mijn beste tijdritwaardes ooit haalde. Maar voorlopig ligt mijn focus nog wel op 26 juni.'

Lees het volledige interview met Wout van Aert in de Tourgids 2021 van Sport/Voetbalmagazine.

De Tour wordt in het vooruitzicht van de Spelen hoe dan ook een evenwichtsoefening voor Van Aert. 'Vorig jaar heb ik heel veel gegeven in de Tour en ben ik daar goed uitgekomen, maar door de lockdown hadden we toen een heel lange voorbereiding achter de rug en was mijn basis heel breed. Nu is de aanloop sowieso korter, en door mijn appendixoperatie sta ik veel minder ver dan ik had gehoopt. Los daarvan wordt het met het oog op Tokio belangrijk om in de Tour af en toe eens een dag te hebben met minder druk op de ketel.'In die zin kan het Van Aert goed uitkomen dat Jumbo-Visma deze editie anders wil aanpakken dan vorig jaar. 'Het hangt natuurlijk altijd af van de koerssituatie, maar het is niet onze bedoeling om heel de Tour op kop te rijden. We mogen onze tegenstand zeker niet meer onderschatten. Het doel is om dit jaar veel minder de koers te dragen.'Wat ook moet helpen om niet helemaal uitgeperst uit de Tour te komen, is de sterkte van de klimtrein. 'Met Steven Kruijswijk, Sepp Kuss en Jonas Vingegaard zijn er al drie in principe betere klimmers dan ik. Robert Gesink en ik zijn dan de twee jongens die veel moeten kunnen overleven, maar er wordt niet verwacht dat ik ineens de laatste man voor Primoz ben. Anderzijds zou het ook niet goed zijn om te vertrekken met de idee om overal waar het kan krachten te sparen. Het blijft een doelstelling van de ploeg om de Tour te winnen. En zelf weet ik dat ik beter word van zware inspanningen.'Vast staat dat Van Aert, met Tokio in het achterhoofd, een van zijn persoonlijke ambities nog wat langer in de koelkast houdt. 'De groene trui is en blijft absoluut een droom, maar dit jaar ga ik die nog niet najagen. Het vraagt te veel energie om iedere keer weer aan de tussensprint mee te doen of in bergritten voortdurend in ontsnappingen mee te springen.'Met twee aankomsten voor punchers in het openingsweekend en de eerste tijdrit op dag vijf krijgt Van Aert een uitgelezen kans om onderweg een ander kleinood te veroveren, nadat hij bij zijn debuut in 2019 al vier dagen op plek twee in de stand bivakkeerde. 'Ik droom van de gele trui', zegt hij onomwonden. 'In de eerste plaats hoop ik om in het eerste weekend een rit te winnen, en ook de tijdrit op woensdag ligt mij goed. Win ik een van die ritten, dan kom ik automatisch dicht bij geel.'Hoe realistisch dat streven nog is, daar heeft Van Aert zelf voorlopig ook geen antwoord op, nu hij door een appendicitis brutaal aan vorm inboette, pas op 18 in plaats van 8 mei naar de Sierra Nevada kon afreizen en forfait moest geven voor de Dauphiné. 'Mijn doel was om aan de Tourstart op mijn best te zijn, juist omdat ik in die eerste week veel kansen zie. Nu is het te vroeg om te kunnen zeggen of dat gaat lukken. Ik had gehoopt om na de klassiekers vanaf een hoog niveau te kunnen herbeginnen en verder te verbeteren, terwijl ik nu nog bezig ben mijn niveau van het voorjaar terug te zoeken. Voorlopig moet ik vertrouwen in het proces en elke dag een beetje beter proberen te worden. In het slechtste geval, als ik iets langer blijk nodig te hebben om mijn vorm te pakken te krijgen, hoop ik vooral tegen de Spelen weer de beste versie van mezelf te zijn, de Wout van Aert van vorige zomer, toen ik in de tijdrit naar La Planche des Belles Filles mijn beste tijdritwaardes ooit haalde. Maar voorlopig ligt mijn focus nog wel op 26 juni.'Lees het volledige interview met Wout van Aert in de Tourgids 2021 van Sport/Voetbalmagazine.