Het Estadio de la Cartuja, had u daar al ooit van gehoord voor dit EK? We moeten het eerlijk bekennen, wij ook niet. Nochtans, het biedt plaats voor 60.000 supporters waardoor het het zesde grootste stadion van Spanje is én de UEFA gaf het stadion ook al vijf sterren, de hoogste categorie die er is. Waarom kennen we het dan niet? Een korte geschiedenis.
...

Het Estadio de la Cartuja, had u daar al ooit van gehoord voor dit EK? We moeten het eerlijk bekennen, wij ook niet. Nochtans, het biedt plaats voor 60.000 supporters waardoor het het zesde grootste stadion van Spanje is én de UEFA gaf het stadion ook al vijf sterren, de hoogste categorie die er is. Waarom kennen we het dan niet? Een korte geschiedenis.Oorspronkelijk werd La Cartuja gebouwd voor het wereldkampioenschap atletiek in 1999. Een goeie 120 miljoen euro kostte het nieuwe multifunctionele stadion, dat door de provincie, de stad en de Spaanse overheid werd betaald. Na een inhuldigingswedstrijd door de Spaanse nationale voetbalploeg tegen Kroatië verliep het WK atletiek er feilloos. Spanje bouwde het stadion niet enkel voor dat WK. La Cartuja, neergepoot op het gelijknamige eiland in de Guadalquivir-rivier, was eigenlijk onderdeel van een groter plan. Het moest gaan dienen als het stadion voor de Olympische Spelen in Sevilla. Tweemaal bracht Spanje daarvoor een bid uit, eentje in 2004 en eentje in 2008. Maar telkens liep het de jackpot mis. Eerst ging Athene met de Spelen lopen, daarna Peking. Ondertussen was het stadion ook al het 'olympisch stadion' van Sevilla gaan heten. Maar Spelen of niet, de naam werd gewoon behouden. Daardoor spelen de Rode Duivels zondag in een olympisch stadion dat er eigenlijk nooit een was. Werd het stadion dan in de tussentijd gebruikt voor andere zaken? Nauwelijks. Sinds 1999 was La Cartuja eigenlijk een verlaten plek. Er werd nog wel in 2003 de finale van de UEFA Cup gespeeld tussen Celtic en Porto, het was ook al twee keer het decor voor de finale van de Daviscup in het tennis en verschillende muzieksterren, onder wie Bruce Springsteen, Madonna en U2, brachten er het beste van zichzelf. Een voetbalploeg speelde er bijna nooit meer. De Spaanse nationale ploeg speelde er na de openingswedstrijd in 1999 nog een keertje in 2000 en 2012, maar daar bleef het bij. Dat was uiteraard niet de bedoeling van het nieuwe stadion. Het moest eigenlijk dienen als het San Siro van Sevilla, waar zowel Real Betis als Sevilla FC in zouden spelen. Maar die weigerden na de bouw, omdat de supporters in opstand kwamen en de verhuis blokkeerden. Betis speelde er uiteindelijk nog wel eens drie wedstrijden in 2007, maar enkel omdat het in het eigen stadion niet meer welkom was na relletjes tijdens de derby van Sevilla. La Cartuja is dan ook niet het enige stadion in Sevilla. Met het Estadio Ramon Sanchez Pizjuan van Sevilla FC en het Estadio Benito Villamarin van Betis heeft de stad al twee gigantische arena's. Dat laatste is zelfs nog groter dan La Cartuja. Waarom dan dat derde stadion? Eenvoudig, omdat de andere geen atletiekpiste hadden. Ze konden gewoonweg niet dienen voor de Olympische Spelen.Het stadion, dat door praktisch niemand werd gebruikt, kwijnde bijna vanaf de oprichting helemaal weg. In 2019 kwam Marca met foto's van het interieur waarin duidelijk werd dat La Cartuja helemaal versleten was. Het dak stond zelfs op instorten. Op dat moment was het ook al een jaar gesloten voor het publiek omdat het gewoon te gevaarlijk was. Noem het misschien het Koning Boudewijnstadion van Spanje. Maar na een grondige opknapbeurt leeft het stadion terug. Met dank aan de Spaanse voetbalbond die La Cartuja opnieuw wil gebruiken. Er werd een deal gesloten dat het de finales van de Spaanse beker van 2020 tot 2023 mocht organiseren, de Spaanse supercup zal nog eens langskomen en ook de Spaanse nationale ploeg zal wat meer komen spelen in het stadion. Dat de Spaanse bond zo'n interesse heeft in La Cartuja is niet verwonderlijk. Sevilla en La Roja lijken een match made in heaven. Dat de Spaanse nationale ploeg er zo graag komt is ook duidelijk in de cijfers. De stad is de laatste 33 jaar namelijk het meest uitgekozen van alle Spaanse steden - in Spanje werken ze namelijk niet met een vast stadion voor de nationale ploeg. Meer dan Madrid of Valencia en al zeker meer dan Barcelona, waar de nationale ploeg niet meer speelt sinds het begin van de jaren 2000.En om het helemaal af te maken, koos de Spaanse bond La Cartuja uit als vervanger voor San Mamés (Bilbao) als Spaanse arena voor het EK. San Mamés, dat veel moderner en gezelliger is, kon geen supporters garanderen door de coronacrisis waardoor de UEFA dus een ander Spaans stadion wou. Met de keuze van La Cartuja en de twee duels die Spanje er speelde voor dit EK, wordt het na 20 jaar voor de eerste keer echt gebruikt. Beter laat dan nooit, toch?